Het Berlijnse Hof van Beroep bestempelt Hamas als buitenlandse terroristische organisatie en veroordeelt vier verdachten, waaronder de Rotterdammer Nazih Rustom, tot gevangenisstraf wegens lidmaatschap als zogenaamde buitenlandse actoren (Persbericht 15/2026)
Persbericht van 25 maart 2026
De Eerste Strafkamer van het Berlijnse Hof van Beroep – de Staatsveiligheidskamer – heeft vandaag vier mannen in de leeftijd van 36 tot 58 jaar veroordeeld tot gevangenisstraffen, van vier en een half-tot zes jaar, wegens lidmaatschap van een buitenlandse terroristische organisatie. Met deze uitspraak is het Hof van Beroep het eerste hogere regionale gerechtshof in Duitsland dat “Harakat al-Muqawama al-Islamiya” (Hamas) erkent als een buitenlandse terroristische organisatie in de zin van het Duitse Wetboek van Strafrecht. Hamas, een soennitische organisatie met een militant-extremistische oriëntatie die is voortgekomen uit de Moslimbroederschap, voldoet ongetwijfeld aan de criteria om te worden aangemerkt als een buitenlandse terroristische organisatie op grond van artikel 129a en 129b van het Duitse Wetboek van Strafrecht, aldus de voorzittende rechter van de kamer in haar mondelinge toelichting op het vonnis vandaag.

Het verklaarde doel van de organisatie is de vernietiging van de staat Israël en de vestiging van een islamitische theocratie, geregeerd door de sharia, in het gehele voormalige Britse mandaatgebied Palestina tussen de Middellandse Zee en de Jordaan. Hoewel Hamas al jaren door de Europese Unie als terroristische organisatie wordt beschouwd, was het volgens de Duitse wetgeving nog niet als zodanig geclassificeerd, vervolgde de rechter. De relevante criteria waren al voldaan vóór de terroristische aanslag op Israël, georkestreerd door Hamas op 7 oktober 2023, waarbij 1200 mensen om het leven kwamen, talloze anderen gewond raakten en verkracht werden, en meer dan 250 mensen gegijzeld en ontvoerd werden.
Het verklaarde doel van de organisatie is de vernietiging van de staat Israël en de vestiging van een islamitische theocratie, geregeerd door de sharia, in het gehele gebied van het voormalige Britse mandaatgebied Palestina tussen de Middellandse Zee en de Jordaan. Hoewel tijdens het proces geen concrete plannen voor aanslagen op Europees grondgebied konden worden vastgesteld, voert Hamas wel operationele maatregelen uit in Europa ter voorbereiding op mogelijke toekomstige aanslagen op Israëlische of Joodse instellingen.
De organisatie had bijvoorbeeld via haar militaire vleugel, de Qassam Brigades, al enige tijd geleden wapendepots in verschillende Europese landen opgezet of laten opzetten. De verdachten – Abdelhamid Al A., nu 47 jaar oud; Mohamed B., 36 jaar oud; Ibrahim El-R., 43 jaar oud; en Nazih Rustom, 58 jaar oud – allen geboren in Libanon, die vele jaren geleden naar Duitsland of Europa waren gekomen en zich daar hadden gevestigd, fungeerden volgens de rechtbank als zogenaamde buitenlandse agenten voor Hamas.
Ze hadden van hun contactpersoon in Libanon, een hooggeplaatste Hamas-functionaris, de persoonlijke opdracht gekregen om de ondergrondse wapenopslagplaatsen van de organisatie in Polen, Denemarken en Bulgarije te lokaliseren, de wapenvoorraden te inspecteren en opnieuw te begraven. Hoewel verdachte El-R. de wapenopslagplaats in Bulgarije in 2019 en 2023 bezocht en inspecteerde zoals hem was opgedragen, kon niet worden vastgesteld of hij ook de wapenopslagplaats in Denemarken had gevonden en geïnspecteerd. De herhaalde zoekpogingen van de verdachten, waarvan sommige gezamenlijk werden uitgevoerd, naar een wapenopslagplaats in Polen bleven zonder succes. Omdat de verdachte El-R. de wapens die hij tijdens deze missies aantrof, in zijn bezit had, werd hij schuldig bevonden aan lidmaatschap van een buitenlandse terroristische organisatie, tweemaal onrechtmatig bezit van oorlogswapens en bezit van vuurwapens, en veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf.
Het Hof van Beroep in Berlijn baseerde zijn uitspraak op de uitgebreide communicatie tussen de verdachten, zowel onderling als met hun Hamas-contactpersoon en andere personen, op de verklaringen van de verdachten tijdens de zitting, de evaluatie van gegevensdragers, de analyse van openbaar beschikbaar Hamas-materiaal, de getuigenissen van talrijke getuigen en het deskundigenoordeel van een islamitische geleerde. Het proces omvatte in totaal 53 zittingsdagen.
De verdachten blijven in voorarrest.
Het vonnis is nog niet rechtsgeldig. Er kan binnen een week hoger beroep worden aangetekend bij het Bundesgerichtshof.
Zie ook persbericht nr. 69 van het procureur-generaal van 25 november 2024 en dit persbericht nr. 2/2025 van 6 februari 2025.
Kammergericht Berlin
Zaaknummer: 1 St 2/24
(voor een uitgeschreven vonnis houdt ik mij aanbevolen, KB)
Woordvoerder van de Berlijnse strafrechtbank


