communicatie, ICT, media, blog en publicatie

Andere mythes over gif

Deel 4 van: De sprookjes van Dries van Agt

In de documentaire “Alsof ik Palestina heb gestolen” van Frans Bromet, vertelt oud-premier Dries van Agt een “verhaaltje” over een meisje, dat vergiftigde melk drinkt en in het ziekenhuis beland. We hebben nog geen gedocumenteerde informatie over het gif-incident in 2015 kunnen vinden. Op Twitter worden, naar aanleiding van mijn berichtgeving, tientallen gevallen van vergiftiging doorgegeven. Is allemaal waar en die had ik ook al gezien. B’Tselem heeft met name in 2005 enkele goed gedocumenteerde gevallen van vergiftiging van schapen gemeld. De naam van het dorp en de boer, datum en tijdstip op de dag worden keurig netjes vermeld. Bij het sprookje van van Agt wordt geen enkele informatie vermeld en dat is verdacht. Bovendien verandert het verhaal in de loop der jaren. Mijn onderzoeksvraag breidt zich nu een beetje uit en ik vraag mij af: Is het vaker gebeurd dat Israëli’s van het gebruik van gif worden beschuldigd?

Massahysterie door angst voor vergiftiging
Op 3 april 1983 meldt het NRC dat er op de Westelijke Jordaanoever 300 Palestijnse meisjes met vergiftigingsverschijnselen in ziekenhuizen in Tulkarem, Nablus, Bethlehem en Hebron zijn opgenomen. Als de Verenigde Naties, na een besloten zitting van de Veiligheidsraad, besluit om een onderzoek in te stellen, is het aantal vergiftigingen opgelopen tot meer dan duizend. In Hebron worden twee Arabieren gearresteerd, die de bevolking hebben gewaarschuwd voor vergiftigd drinkwater. Onafhankelijk onderzoek wijst uit, dat er geen enkel bewijs voor vergiftiging met organische stoffen is. Het NRC besluit het artikel met de stelling, dat “De “vergiftigingsepidemie” de anti-Israelische emoties in bezet gebied tot een kookpunt heeft gebracht.”

De Telegraaf schrijft op 28 maart 1983, dat de eerste verschijnselen zich op een school in Jenin voordeden. Arabische meisjes klaagden over flauwvallen, hevige buikpijn, tranende ogen, hoofdpijn, duizelingen en ijskoude voetzolen en handpalmen. De klachten worden in eerste instantie niet serieus genomen. “Gevreesd wordt dat één en ander te maken heeft met de „dag van de aarde”, een der nationale Arabische protestdagen, die aanstaande woensdag gememoreerd wordt en verder de strijd om de macht op de Westelijke Jordaanoever tussen ondermeer de PLO, de dorpsliga’s en andere meer of minder extremistische elementen.”

Het ‘gifgas’ van Suha Aarafat
In 1999 uit Suha, de vrouw van Yasser Arafat, een opzienbarende beschuldiging, als ze beweert dat Israël voor het toenemend aantal gevallen van kanker onder Palestijnse vrouwen en kinderen verantwoordelijk is. De echtgenote van de Palestijnse leider zei in Ramallah dat de Israelische bezettingstroepen de afgelopen jaren stelselmatig gifgassen hebben gebruikt als gevolg waarvan het aantal Palestijnen dat kanker heeft gekregen aanzienlijk is toegenomen. Ook stelde Suha Arafat Israel verantwoordelijk voor de verontreiniging van tachtig procent van het Palestijnse water. De Palestijnse minister van Gezondheidszaken, Riad Za’anoen, borduurde even later op het door Suha Arafat aangekaarte thema verder en zei dat het gebruik van giftige gassen door de Israëli’s tot veel miskramen heeft geleid. (NRC, 12 November 1999)

Voorzitter Ahmed Qurei van het Palestijnse parlement, relativeerde de betekenis van Suha’s opmerkingen door te zeggen dat zij, ondanks haar huwelijk met Yasser Arafat, geen deel uitmaakt van het Palestijnse zelfbestuur. De Palestijnse minister Ziad Abu Ziad zei dat Israel niet met opzet ziekten onder de Palestijnen heeft willen veroorzaken.


De polonium-mythe na de dood van Yasser Arafat
Na de dood van de Palestijnse leider Yasser Arafat in 2004, geloofden veel Arabische inwoners van de Westelijke Jordaanoever, dat hij vergiftigd zou zijn. Eind november 2012 wordt het lichaam van Yasser Arafat in Ramallah opgegraven om een mogelijke vergiftiging met polonium te onderzoeken. Een team van deskundigen uit Zwitserland, Frankrijk en Rusland neemt monsters van het lichaam. Hoewel de radioactieve stof polonium niet eenduidig werd aangetoond, gaan de geruchten over het vermoorden van de Palestijnse leider door Israël nog verder.

Kees Broer bij het lege graf van Yasser Arafat (januari 2013)

Het gifsprookje van Mahmoud Abbas
In juni 2016, slechts een jaar na het vermeende gif-incident van Dries van Agt beweert de Palestijnse president Maghmoud Abbas, in een toespraak in het Europese Parlement: “Slechts een week geleden kondigde een aantal rabbijnen in Israël aan, in een heel duidelijke aankondiging, dat zij van hun regering eisen om het water van de Palestijnen te vergiftigen om hen te doden. Is dat geen duidelijke ophitsing tot massamoord op het Palestijnse volk?” (1) Enkele dagen later komt de Palestijnse president enigszins op zijn bewering terug door te stellen, dat hij niet de bedoeling heeft gehad het Joodse volk te kwetsen.

Conclusie
Complottheorieën over gif komen in de Palestijnse samenleving veel voor. Daarom is het van belang dat elk incident nauwkeurig gedocumenteerd wordt. Ik ben deze serie dan ook begonnen met een open brief aan de bestuursleden van The Rights Forum, waarin ik om documentatie vraag. Alleen Jaap Hamburger heeft intussen gereageerd en geeft aan dat deze documentatie niet aanwezig is.

De mensenrechtenorganisaties B’Tselem en Yesh Din doen dat wel. Naam, plaats, aangifte, soort gif en de gevolgen worden door hen vastgelegd, zodat er geen verkeerde berichten en sprookjes de wereld in geholpen worden.

Vorige afleveringen van De Sprookjes van van Agt:
Deel 1: Open brief aan The Rights Forum
Deel 2: Het antwoord van B’Tselem
Deel 3: Eén mythe, drie versies

Noten:
1) Persbericht van Likoed Nederland, 26 juni 2016. New York Times 23 juni 2016.






Eén mythe, drie versies

deel 3 van: De sprookjes van Dries van Agt

We zijn nog steeds op zoek naar de waarheid over een Arabisch meisje dat vergiftigde melk heeft gedronken en in het ziekenhuis in Bethlehem ligt. De ouders weten niet of het kind nog leeft. Voormalig premier Dries van Agt hoorde dit verhaal in 2015. In deel 1 schreef ik een open brief aan The Rights Forum met een verzoek om informatie. In deel twee gaf de woordvoerder van de mensenrechtenorganisatie B’Tselem te kennen, dat een gif-incident in 2005 nog het meest op dit verhaal lijkt, maar dat het verhaal over een vergiftigd meisje onbekend is.

Dries van Agt, de oprichter van The Rights Forum, heeft het verhaal over het vergiftigde meisje drie maal verteld. In dit deel van de “Sprookjes van Dries van Agt” onderzoek ik hoe de versies van dit verhaal van elkaar afwijken.

In 2015 maakt Dries van Agt zijn afscheidsreis en bezocht bij deze gelegenheid de Westelijke Jordaanoever. Na terugkomst verscheen op de website van The Rightsforum een fotoreportage van deze reis. In die reportage werd met geen woord gerept over het ernstige gif-incident. De fotoreportage is niet meer terug te vinden op de huidige website van The Rights Forum. Alleen op archive.org is nog een archief van de website te vinden.

The Rights Forum is een organisatie die “respect voor het internationaal recht” als uitgangspunt heeft. Juristen en politici hebben in de Raad van Advies van de stichting zitting genomen. Het ontbreken van een zorgvuldige documentatie over het gif-incident, waarvan het Arabische meisje slachtoffer zou zijn geworden, is al verbazingwekkend. Dat de website van The Rights Forum na de reis van Dries van Agt in 2015 ook nog eens met geen woord rept over het voorval, is uiterst merkwaardig.

The Rights Forum wekt daarmee de indruk, dat het helemaal niet om internationaal recht of over juridische verslaglegging gaat, maar dat propaganda tegen Israël het hoofddoel is. De eerste versie van het verhaal over het gif-incident in 2015 is dus een grote leegte, een hiaat in de verslaglegging. Als The Rights Forum nou eens een goed propaganda-verhaal tegen Israël had willen opschrijven, dan zou het zorgvuldige documenteren van het “meisje-wordt-ziek door-gif”-verhaal een prachtige gelegenheid zijn geweest. Dries van Agt wekt de indruk dat hij het verhaal in 2015 nog niet zo belangrijk vond.

Het Belang van Limburg (1 december 2018)

“Ik blijf maar roepen omdat niemand anders het doet”, dat is de kop boven het artikel met het interview met Dries van Agt over zijn betrokkenheid bij de Palestijnse strijd. Hij is tijdens dit interview 87 jaar oud. Het heeft even geduurd, maar drie jaar na het vermeende gif-incident spreekt Dries van Agt dan toch voluit over het vergiftigde Arabische meisje:

“Bij mijn laatste bezoek aan Palestina in 2015 brachten mijn Israëlische begeleiders mij tot bij een piepklein boerderijtje op een heuvelhelling waar een Palestijnse boer een grasveldje en een moestuintje had, wat schapen en enkele olijfbomen en vijgenstruiken. In dat boerderijtje woonden drie generaties: een bang en hulpeloos omaatje, haar zoon die zichtbaar woedend was, en een meisje van een jaar of drie. Enkele weken eerder waren er joodse kolonisten verschenen op de heuveltop die daar de Israëlische vlag geplant hadden. Dagen later wordt er midden in de nacht op de deur van het hutje gebonkt. De boer doet open en daar staan de kolonisten, die hem zeggen dat de hele heuvel nu van hen is dat en dat hij moet oplazeren. Elke nacht komen ze terug. En op een ochtend blijkt de hele heuvelhelling bestrooid te zijn met gif. De olijven, de vijgen, de moestuin, alles was kapot. En toen bleek ook dat dezelfde ochtend het andere kleinkind, ook een klein meisje, met spoed naar het ziekenhuis gebracht was omdat ze gedronken had van de melk van een schaap dat ook vergiftigd bleek. Toen ben ik zo boos geworden! En mijn Israëlische begeleiders vertelden mij dat dit voortdurend gebeurde.”

Dit verhaal verschilt in details van het verhaal dat Dries van Agt in de documentaire van Frans Bromet , “Alsof ik Palestina heb gestolen” vertelde. In deze versie van het verhaal is het meisje, dat hij op de boerderij ziet, drie jaar oud en de leeftijd van het vergiftigde meisje wordt niet genoemd. Het incident is enkele weken voor het bezoek van van Agt gebeurd. Intussen zouden de ouders genoeg gelegenheid hebben gehad om erachter te komen, hoe het met hun dochter gaat en of ze het gaat overleven. In het verhaal van 2018 worden nog twee andere spelers opgevoerd: een bang en hulpeloos omaatje en de boze vader. Ook in deze versie van het sprookje is een plaats- dan wel tijdsaanduiding weggelaten. Ook de naam van de familie en het meisje ontbreekt.

Fondsenwerving (2021)
Het verhaal van het vergiftigde Arabische meisje wordt steeds vreemder. Tijdens de première van de film “Alsof ik Palestina heb gestolen” gaf Frans Bromet toe, dat hij wel had geprobeerd de documentatie van het gif-incident te vinden, maar dat hij niets gevonden had. In het publiek ontstond onrust en enkele bezoekers twijfelden aan het verhaal. Een man van middelbare leeftijd, baarddragend en er goed uitziend, vertelde, dat hij bij The Rights Forum hoorde en destijds het verhaal ook gehoord had.

Ondanks de twijfel en toegegeven dat Dries van Agt en zijn begeleiders het gif-verhaal slechts uit de mond van anderen hebben gehoord, gebruikt The Rights Forum dit verhaal op 30 november 2021 in een fondsenwerving per email:

De slordigheid van The Rights Forum en Dries van Agt begint gewoon pijn aan je ogen te doen. Je zou toch op zijn minst mogen verwachten, dat een organisatie met zulke grote pretenties als “internationaal recht” en met juristen in het bestuur en de raad van advies, tenminste het verhaal aanpassen aan de documentaire, die op dat moment slechts een maand geleden was uitgezonden. Deze versie van het sprookje van Dries van Agt verschilt weer op enkele punten van het verhaal in de documentaire. In dit verhaal uit de fondsenwerving is de “aanval van kolonisten” enkele dagen eerder gebeurd. Het kleine meisje ligt dan dus al enkele dagen in het ziekenhuis. In de eerste versie weten de ouders niet wat de toestand van het meisje, op dat moment is en of het kind nog leeft. In deze laatste versie, van november 2021, leeft het kind nog wel, maar weten ze nog niet óf het kind gaat overleven. Plotseling is er sprake van een kleinkind, terwijl het in de eerdere versies nog om een dochter gaat. In deze versie weten de ouders of grootouders niet of de melk van een schaap of van een geit is. In 2018 is de melk nog van een schaap afkomstig.

Het maakt allemaal niks uit: de melk komt van een schaap of van een geit. Het meisje is vijf jaar oud, of drie. De aanval is gisteren gebeurd, of enkele weken geleden of enkele dagen geleden. Het meisje leeft nog of ze weten het niet of ze weten niet of het gaat overlijden. In dat opzicht lijkt dit sprookje in de verschillende versie nog het meest op Hans en Grietje of Sneeuwwitje. Over “kolonisten” mag je gewoon van alles vertellen, zonder op details te letten of te onderzoeken of het verhaal wel waar is.

In de perioden waarin dit verhaal speelt werkte The Rights Forum met twee mensenrechtorganisaties samen. B’Tselem heeft al bij monde van Dror Sadot laten weten, dat er bij deze organisatie geen gif-incident zoals beschreven bekend is. De andere organisatie Yesh Din, houdt een uitgebreide database met incidenten bij, die ik helemaal onderzocht heb. Ook daar is niet te vinden. Ik heb Yesh Din, via website, Twitter en Facebook, om een officieel statement gevraagd, maar geen antwoord gekregen.

Jaap Hamburger, bestuurslid bij The Rights Forum, doet per email aan mij een opvallende uitspraak. Hij stelt dat er geen documentatie van het gif-incident aanwezig is en als hij die documentatie had, hij die ook niet aan mij zou geven, “aangezien het er toch duidelijk de schijn van heeft dat je minder gedreven wordt door waarheidsliefde als wel door de behoefte twijfel te zaaien omtrent de betrouwbaarheid van hetgeen de heer Van Agt heeft verteld, zo niet omtrent zijn persoon.

Mijn voorlopige conclusie: “..dat Dries van Agt een verhaal hoort en dat er vervolgens geen documentatie over het voorval beschikbaar is. The Rights Forum gebruikt het verhaal ondanks de twijfel, toch voor fondswerving.” Jaap Hamburger antwoordt daarop: “Volgens mij is het leven vol van verhalen die wij elkaar vertellen, die wij van anderen hebben gehoord, die het op hun beurt van anderen hebben gehoord enz. En daarbij hebben we niet de behoefte, noch zijn we steeds in staat om die verhalen bij de bron te checken. Niets bijzonders toch? Het enige criterium is dat we duidelijk maken dat wij het zelf ook van anderen hebben gehoord. Het Kerstverhaal lijkt mij een passend voorbeeld.”

Het is nog steeds mogelijk, dat de organisatie Yesh Din met een documentatie over dit voorval op de proppen komt. De suggestie, dat ik bij voorbaat het verhaal in twijfel wil trekken, werp ik verre van mij. Ik heb juist gezocht naar de documentatie over het voorval en niks gevonden. Daarna moet ik van een bestuurslid van The Rights Forum horen, dat er ook niet echt naar documentatie gezocht is. De drie versies van hetzelfde verhaal verschillen zodanig en zijn zo slordig verteld, dat we eerder over een sprookje dan over een juridisch steekhoudende zaak kunnen spreken.




Vorige afleveringen van De Sprookjes van van Agt:
Deel 1: Open brief aan The Rights Forum
Deel 2: Het antwoord van B’Tselem

Het antwoord van B’Tselem

Deel 2 van: De sprookjes van Dries van Agt

We zijn nog steeds op zoek naar de documentatie over het gifincident, zoals genoemd in de documentaire “Alsof ik Palestina heb gestolen” van Frans Bromet. Oud-premier Dries van Agt vertelt in dat programma een “verhaaltje” over zijn bezoek aan Israël in 2015. Een meisje wordt heel erg ziek door het drinken van melk van een door kolonisten vergiftigd schaap. Een ernstig incident, dat zeker ergens grondig gedocumenteerd zou moeten zijn. Ik vraag het aan
“The Israeli Information Center for Human Rights in the Occupied Territories”, B’Tselem.

Sent: Saturday, December 11, 2021 4:49 PM
To: Mail Mail@btselem.org
Subject: investigation 2015 poisoning sheep

Dear Sir / Madam,
I am working on an article for the Dutch press about former prime minister Dries van Agt and his work for the human rights of inhabitants of Israel and the occupied territories.
I would like to ask for more information about an incident in 2015 or earlier.
In 2015, former prime minister Dries van Agt was making his goodbye travel to the Palestinian territories. He would leave his own foundation The Rights Forum, for reason of pensioning.

During his travel, he visited a small Arab village , together with an Israel peace-, or human rights- organisation. A farmer told the story, that settler had poisoned the grass land and trees. The goats and sheeps had been eating the poison and were ill. The daughter of the farmer drank the milk of the goats or sheep and was in hospital, caused by poisoning.

My questions:
-Is this incident documented by Btselem?
-Is the girl still alive?
-What is the date that this happened?
-What was the name of the farmer?
-What is the name of the village?
-Are samples taken from the poison?
-Is this incident investigated by Israeli authorities?

I know that this is a long list of questions and I hope you can still assist me to clarify this part of missing information.

Thanks in advance
regards
Kees Broer

Background:
I have written two books about the conflict, in Dutch.
This information is for an article, to be written.

De organisatie B’Tselem heeft in de loop van de afgelopen jaren diverse gewelddadige incidenten op de Westelijke Jordaanoever gedocumenteerd. Steeds wordt precies opgeschreven waar, in welk dorp, het incident heeft plaats gevonden, wie er bij betrokken is, of er aangifte is gedaan en wat de consequenties van het voorval zijn. In de database van de organisatie kan je een drietal gif-incidenten onderzoeken en dat hebben we natuurlijk al lang gedaan. Het laatste grote gif-incident, met de omvang van het “Dries-van-Agt-schandaal”, stamt van 2005, dat is tien jaar voordat Dries van Agt op bezoek was. We zijn benieuwd naar de reactie van de organisatie B’Tselem.

B’Tselem reageert onmiddellijk als volgt:

Dear Kees,
I’m CCing my colleague Dror Sadot, B’Tselem’s media spokesperson.

I don’t remember such a story, but we can check our archive. However, please note that this is quite an old story, and in 2015. B’Tselem didn’t document all incidents of settler violence, as we do today.

Puur juridisch gezien klopt de redenering van The Rights Forum en B’Tselem niet helemaal, want niemand heeft gezien dat “settlers” ergens gif hebben neergelegd. Je kan er dus niet zomaar vanuit gaan dat ” settlers” of wel kolonisten, dit gif hebben neergelegd. Maar het is wel netjes en accuraat van de organisatie om even antwoord te geven. Daar kunnen de Nederlandse organisatie The Rights Forum en DocP een voorbeeld aan nemen.

Dror Sadot is de woordvoerder van de organisatie B’Tselem en werd in november van dit jaar geciteerd op Aljazeera, toen hij memoreerde dat er in de afgelopen twee jaar 450 gewelddadige incidenten tussen “kolonisten” en Arabische boeren hebben plaats gevonden, allemaal netjes en gedetailleerd gedocumenteerd in een rapport. Dit is het antwoord, dat hij mij gaf over het gif-incident van 2015:

Hello Kees,
Nice to meet you.
The only case i found that fits the story you described is this from 2005 – from the village a-Tawaneh in South Hebron Hills. But the case of the girl is not mentioned here. Hope this can help you.
https://www.btselem.org/testimonies/20050324_poisoning_of_flock_by_settlers

Best regards,
Dror

Het verhaal uit 2005, dat Dror noemt, heeft verrassende overeenkomsten met het sprookje van Dries van Agt, maar verschilt op essentiële punten. De locatie van het incident is bij Hebron, terwijl Dries van Agt het over Nablus heeft. Het incident vond tien jaar eerder plaats, dan het bezoek van Dries van Agt. Een ander belangrijk verschil is de documentatie. Er staat precies waar (datum en tijdstip) het gif-incident heeft plaats gevonden en welke boer er aangifte heeft gedaan. De Israëlische politie geeft nog tips over, hoe het vergiftigde schaap behandeld moet worden en helpt bij het opruimen van het gif. Slechts één schaap gaat dood door het gif. Dit gif doodt schapen, geiten en herten, maar geen olijfbomen en moestuinen.

We zijn door het antwoord van Dror Sadot nog niet aan het einde van onze zoektocht naar de sprookjes van Dries van Agt, maar we weten nu wel hoe een incident gedocumenteerd zou moeten worden. We kunnen ook vermoeden, dat als er inderdaad een meisje ernstig ziek zou zijn geworden door “gif van kolonisten”, dat er dan zeker een document over het voorval zou zijn gemaakt.

Ik hoop nog steeds, dat de medewerker van The Rights Forum, die getuige was, zich meldt en opheldering over het voorval verschaft. Daarom heb ik emails aan de bestuursleden Dorien Ball (Theodora Siemons-Ballout), Jaap Doek en Jaap Hamburger geschreven. Bovendien heb ik de juristen uit de raad voor advies van The Rights Forum, Liesbeth Zegveld en Lex Takkenberg, een email gestuurd.

De sprookjes van Dries van Agt

Deel 1
Open brief aan The Rights Forum

Geachte dames en heren van The Rights Forum,

De oprichter van uw stichting, Dries van Agt, heeft weer eens van zich laten horen. Deze keer in de documentaire “Alsof ik Palestina heb gestolen” van Frans Bromet, die op 29 november 2021 op de NPO werd uitgezonden. In die documentaire vertelt Dries van Agt een “verhaaltje” zoals hij het zelf noemt, dat op de volgende dramatische volgorde van gebeurtenissen neerkomt:

-Tijdens het bezoek van Dries van Agt in januari 2015 aan de Westelijke Jordaanoever hoort hij een verhaal.
-Een boomgaard en moestuinen worden ’s nachts vergiftigd.
-Schapen en geiten eten het gif en worden ook vergiftigd.
-Een meisje van drie jaar oud drinkt de melk van dat vergiftigde schaap of die geit.
-Het meisje wordt ziek en ligt in het ziekenhuis in Bethlehem.
-De ouders weten niet of het kind nog leeft.

In uw comité hebben juristen en specialisten in internationaal recht plaats genomen. Dries van Agt is zelf een bekwaam jurist. We gaan er van uit, dat als een jurist zoiets ernstigs beweert, dat de leden van The Rights Forum er alle belang bij hebben dat het verhaal ook waar is en gedocumenteerd wordt. Nu het al zes jaar geleden is, zou toch duidelijk moeten zijn in welk dorp en bij welke familie dit ernstige incident gebeurd is. Welk gif is er gebruikt, dat zowel bomen als planten aantast, tevens de schapen en geiten vergiftigt en in slechts één nacht tijd via de melk een meisje zo ernstig ziek maakt? Leeft het meisje nog? Is het geval gemeld? Wie van de medewerkers van The Rights Forum was erbij toen het verhaal verteld werd? Welke Israëlische vredes- dan wel mensenrecht-organisatie organiseerde het bezoek? Het zijn vragen over vragen.


Uw organisatie heeft in november 2021 dit verhaal nog tijdens een fondsenwerving gebruikt, ook al werd tijdens de première van de documentaire op 21 oktober in de Balie te Amsterdam, door Frans Bromet nog verteld, dat het een onbevestigd verhaal is. Een goed uitziende man met een baardje, in de leeftijd tussen de veertig en vijftig jaar oud, bevestigde tijdens de nabespreking nog, dat hij bij The Rights Forum hoort en het verhaal destijds ook gehoord had. Kan deze medewerker misschien antwoord op de bovenstaande vragen geven?

Op 1 december 2018 heeft Dries van Agt in een interview met Het Belang van Limburg een andere versie van hetzelfde verhaal verteld, waarbij de details op belangrijke punten verschilden.

In de fotoreportage van de reis in 2015 op uw website wordt op geen enkele manier aandacht aan deze ernstige misdaad gegeven. De foto’s laten ook nergens een door gif verwoest landschap zien.

Graag hoor ik van u of u antwoord op de gestelde vragen wilt geven en of er verder documentatie van dit voorval bij uw juristen aanwezig is.

met hartelijke groeten
Kees Broer


Bijlage:
Het transcript van het interview uit de boven genoemde documentaire.

2Doc
NPOstart.nl/2doc/29-11-2021/KN_1727731
minuut: 43:55
29 nov 20:24 – Seizoen 1 Afl. 62 – Alsof ik Palestina heb gestolen
https://www.npostart.nl/2doc/29-11-2021/KN_1727731

Bromet: Mijnheer van Agt, u bent al heel lang een kritisch volger van Israël, hè?
van Agt:  Ja, ik moest wel..
Bromet: en…is er een omslagpunt geweest…ehh …voor u?..Om dat te gaan doen?
van Agt: nou ja, ik denk eigenlijk, dat toen de gruwelijke gevolgen van die doorgaande kolonisatie, volkomen duidelijk werden, dat ik toen mijn, eh.., in mijn opvoeding meegekregen sympathie voor Israël, heb afgelegd..en partij heb gekozen voor de onderdrukten.
Bromet: Bent u op een gegeven moment ook van antisemitisme beschuldigd?
van Agt: Jeetje, jazeker. Ja, ik heb geconstateerd, dat het wapen antisemitisme wordt ingezet, niet alleen tegen mij, maar tegen tal van mensen  voor Israël onaangename opmerkingen of kritiek hebben geleverd.

Ik heb u een verhaal te vertellen, dat zit mij geweldig op mijn ziel, als u daar tijd voor hebt, dat ik u een verhaaltje vertel?

Bromet:  Natuurlijk
van Agt:  Nou…moet je eens luisteren..Ik ben in 2015, geloof ik, was het, ..ben ik teruggetreden als voorzitter van een stichting die ik had opgericht, om recht voor allen in het Midden-Oosten te bewerkstelligen, recht voor allen, dus ook voor Palestijnen.
en..toen ik daarmee ophield, toen boden ze mij een reisje aan, natuurlijk naar Het Gebied, naar een plaatsje, niet ver van Nablus geloof ik. Dat was een klein boerderijtje aan de voet van een heuvel. Daar liep nog een klein meiske rond, een klein kind van vijf jaar. Wij spraken natuurlijk het liefste het eerst over dat kind, een lief meiske, en toen vertelden zij een vreselijk verhaal. We hebben nog een klein kind van drie jaar en dat ligt in het ziekenhuis in Bethlehem, sinds gisterenmorgen. Wat was er gisterenmorgen gebeurd? De kolonisten, die de heuvel een week of twee eerder hadden bezet, kwamen sindsdien, na die bezetting elke dag naar beneden , van de heuvel af, om bij hen op de deur te bonzen, midden in de nacht .

Dat moet je natuurlijk midden in de nacht doen, dat is het meest intimiderend, om ze aan te zeggen, dat ze daar moesten opdonderen. Die boerderij, weg, wegwezen…Toen die man elke nacht geweigerd had, een aantal keren achter mekaar natuurlijk, op een kwade morgen worden ze wakker en ze zien aanstonds dat er iets verschrikkelijks was gebeurd. De boomgaard die ze hadden, de olijfbomen, en de groentetuin, die ze nog hadden beneden op de helling, de kolonisten zaten natuurlijk boven, dat is altijd zo, die was met gif bestrooid, met gif bestrooid.

In de loop van die ochtend werd dat kindje van drie jaar ontzettend ziek . Wat kon de enige verklaring zijn?  Die had melk gedronken die ze hadden gehaald bij een schaap of geit, die daar rondliep op dat veld. Die hadden natuurlijk dat gif naar binnen gekregen, via het gras, het lag ook op het gras. Dat kind had een vergiftiging gekregen via die melk.  Ze wisten niet, die mensen, [huilend] ik kan er zonder ontroering niet [snikkend] kan ik het niet vertellen.
De mensen konden niet zeggen of dat meiske nog leefde, toen wij daar waren.
Ongelooflijk.
Bromet: Ja ja ja ,
van Agt: Excuus voor mijn emotie
Bromet: Zulke dingen, zijn niet uitzonderlijk, 
van Agt: Nee, dat zeiden die lieve jongens  van de vredesorganisatie ook, die mensenrechtenorganisatie zeiden dat ook, dat komt herhaaldelijk voor, dat soort dingen, in het bezette gebied. Dat maken wij voortdurend mee. 

Twitterstorm over “De Boycot van Israël”

Als je net een boek hebt uitgebracht, hoop je altijd dat het wordt besproken en dat daarmee de nodige publiciteit wordt gegenereerd. Daarom was ik helemaal niet rouwig over de twitterstorm die uitbrak na het uitgeven van “De Boycot van Israël, BDS; Demoniseren, Delegitimeren, Discrimineren” (Aspekt/CIDI). De virulente haat en het sentiment van antisemitisme waarmee de tweets geschreven werden, schokt zelfs mij, als kenner van de pro-Palestijnse beweging in Nederland.

BDS Nederland schreef een venijnig artikel, met de titel “Laster en smaad door Kees Broer, in opdracht van CIDI, betaald met Maror gelden” over het boek. Ook deze organisatie kan het niet laten zowel inleiding als conclusie alvast in de titel te verwoorden. Laster en smaad zijn strafrechtelijke termen en de organisatie BDS zou aangifte kunnen doen, als ze daadwerkelijk van mening zijn, dat in het boek iemand belasterd wordt. In artikel 261:3 van het Wetboek van Strafrecht, over belediging en smaad, staat echter: “Noch smaad, noch smaadschrift bestaat voor zover de dader heeft gehandeld tot noodzakelijke verdediging, of te goeder trouw heeft kunnen aannemen dat het te last gelegde waar was en dat het algemeen belang de telastlegging eiste.” Zodoende zie ik een eventuele aangifte vol vertrouwen tegemoet.

Twee woorden zijn een scherpe stekel in het zwerende vlees van de organisatie BDS-Nederland en al zijn adepten: CIDI en Maror. De pro-Palestijnse activisten willen niet alleen de staat Israël en haar inwoners demoniseren, ze willen ook dat mensen met een andere mening over Israël dan zij, hun mond houden. Het documentatie centrum Israël geeft echter informatie over het Israëlische perspectief van het Midden-Oosten conflict en dat is tegen het zere been.

Theo Brand is eind-redacteur van de website NieuwWij, met als motto: “‘Nieuw Wij’, dat mensen met elkaar verbindt en onderlinge verschillen vruchtbaar maakt”. Deze eind-redacteur beweert, natuurlijk zonder het boek gelezen te hebben, dat in het boek “verdedigers van mensenrechten worden gedemoniseerd” en dat “elke kritiek op Israël bij voorbaat wordt gelabeld als antisemitisme.” Ik heb hem per email uitgelegd dat dit niet zo is en dat het boek slechts zijdelings over antisemitisme gaat. Hij gaat echter nog door:

Ik hoop dat Theo Brand alsnog het boek leest en een recensie voor NieuwWij wil schrijven. Nog bonter maakt de BDS-activiste Adri Nieuwhof het, als ze via Twitter probeert een gratis exemplaar van het boek te bemachtigen, maar het bij voorbaat al “een vod” noemt:

Ik hoop dat Electronic Intifada, waar Adri Nieuwhof voor schrijft, een recensie over het boek publiceert. Daarna komt de dominee uit Appingedam nog even kort door de bocht:

Uit alle reactie op Twitter blijkt, dat de pro-Palestijnse activisten helemaal geen inhoudelijk antwoord op het boek hebben. Ze kunnen het ook niet als een andere mening beschouwen. Ze willen de schrijver als een “fout mens” afschilderen en de uitgever beschuldigen van demonisering.



Podcast Mizrach over het boek

Vlak voor de boekpresentatie van het boek “De Boycot van Israël”, nam CIDI een podcast op.
In het interview vertelde ik over het ontstaan van het boek en over de BDS beweging in Nederland.

Beluister de podcast op spotify of via onderstaande link:

https://podcasts.google.com/feed/aHR0cHM6Ly9hbmNob3IuZm0vcy82OTEyY2EzYy9wb2RjYXN0L3Jzcw

Het tweede boek

Mijn tweede boek ligt in de boekhandel. “De boycot van Israël, demoniseren, delegitimeren, discrimineren.” Het kost 19,95 Euro en is te koop in de CIDI shop.

De inleiding:

Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) in Den Haag vroeg mij een boek over de wereldwijde BDS-beweging te schrijven en de lezer zo omvangrijk mogelijk daarover te informeren. De boycotbeweging tegen Israël roept bedrijven, organisaties en staten op, geen producten en diensten uit Israël te kopen of te verhandelen. In het verlengde van deze boycot wordt geprobeerd bedrijven die zaken met Israël doen te boycotten. Artiesten die in Israël optreden krijgen van BDS veel kritiek. Het doel van dit boek is, bedrijven, politici en journalisten, die in hun werk met de boycot tegen Israël te maken kunnen krijgen, helder en zakelijk hierover te informeren.

De publicatie van dit boek sluit aan bij het streven van CIDI, politici en maatschappij begrip over de beweegredenen van Israël bij te brengen en een reëel beeld van de geopolitieke context waarin het land zich bevindt, te schetsen. In dat kader wordt een boek over BDS, de beweging die de staat Israël, Israëlische bedrijven en uiteindelijk Joodse burgers bedreigt, relevant.
Ik heb al eerder een boek over het Palestina Komitee geschreven (2019) en geld als een kenner van de pro-Palestijnse beweging in Nederland. Sinds 2010 verzamel ik informatie over pro-Palestijnse acties en bezoek bijeenkomsten en demonstraties over dit thema. Enkele verslagen van boycot-Israël-bijeenkomsten zijn in dit boek opgenomen en bieden de lezer een uniek inkijkje in de wereld van deze activisten. De resultaten van mijn onderzoek kunt u in hoofdstuk elf, de BDS in Nederland, lezen. 
Terwijl ik in de afgelopen tien jaar aan het schrijven was over het thema Israël en de Palestijnen leerde ik, dat taal enorm belangrijk is. Met welke termen het conflict beschreven wordt, geeft al aan bij welk kamp de schrijver hoort. Met taal in geschreven en beeldende vorm worden ‘frames’ opgebouwd en haat gecreëerd. Het thema ideologie, taal en beeldtaal komt dan ook uitvoerig aan de orde in hoofdstuk twaalf.

In het boek worden de zakelijke beschrijvingen afgewisseld met interviews die verduidelijken hoe de boycot van de staat Israël uiteindelijk ingrijpt in het dagelijks leven van Joden en bedrijven die Israëlische producten verkopen. Ik ben blij dat voormalig lid van de Tweede Kamer Harry van Bommel, die namens de partij SP jarenlang actie tegen Israël voerde, een interview over zijn beweegredenen aan mij wilde geven.

De recente oorlog van mei 2021, tussen Israël en Hamas in Gaza, ontketende een groot aantal acties van BDS, zoals een poging tot academische boycot van Israëlische universiteiten en de beslissing van het bedrijf Ben & Jerry geen ijs meer op de Westelijke Jordaanoever te verkopen. Deze opleving van BDS noopte mij ertoe nog een hoofdstuk aan het boek toe te voegen. 

Ik probeer in dit boek de feiten zo objectief mogelijk weer te geven en stellingen te onderbouwen met noten en bronnen, maar ontkom er niet aan mijn eigen standpunten duidelijk te maken. Het debat over het Midden-Oosten is tenslotte zo gepolariseerd, dat het haast niet mogelijk is hierover een tekst te schrijven, zonder partij te kiezen. In hoofdstuk veertien, ‘Kritiek op BDS’ en hoofdstuk negentien ‘De strijd tegen BDS’ wordt duidelijk wat mijn standpunten over dit thema zijn. In de beschrijvingen van bijeenkomsten en demonstraties wordt ook al duidelijk welke gevoelens de boycot van Israël bij mij oproepen. Ondanks dat, is dit boek toch geschikt voor een breed publiek en roept het op tot verder discussie.

lees meer op over dit boek op de website:
BDSNL.nl of
Palestinakomitee.nl

De Vredes Duif

Na anderhalf jaar Corona-beperkingen kon Kees Broer eindelijk zijn onderzoek naar pro-Palestijns activisme in Nederland voortzetten, tijdens een bijeenkomst van Pax-voor-Vrede in de Geertekerk te Utrecht. De afgelopen maanden werden wel, via het internet, webinars over het thema Palestijnen georganiseerd, maar dan kan je toch niet de echte sfeer proeven. Nu kon hij eindelijk weer eens echte mensen ontmoeten.

Pax voor Vrede: “Israel and Palestine: Insider and outsider perspectives”

Veel te vroeg aangekomen, dronk ik nog een kop koffie op de Oude Gracht. Een oudere man begon met mij te praten, vroeg hoe het met mij ging en sprak vervolgens honend over de Heilige Schrift. Ik wist niet goed hoe met deze voor mij verwarrende situatie om te gaan en schreef het door hem geciteerde Bijbel-vers op. Het ging om Johannes 11:33.

Toen Jezus haar dan zag huilen, en ook de Joden die met haar meekwamen, zag huilen, werd Hij heftig in de geest bewogen en raakte innerlijk in beroering.

De geachte lezer zal nu misschien bij zichzelf denken dat ik probeer mijn religieuze overtuiging door zijn strot te duwen, maar in dit geval schrijf ik precies op hoe het gebeurde. Het citaat drukt op treffende wijze uit, hoe de rest van de avond is verlopen. Geert Wilders zou de sfeer in de Geertekerk te Utrecht nog korter en krachtiger verwoorden met de twee woorden: “Huilie Huilie”.

Binnentredende in de Geertekerk keek ik om mij heen en constateerde dat ik niemand kende. De gebruikelijke pro-Palestijnse activisten waren niet aanwezig. Jaap Hamburger was waarschijnlijk te moe na het bezoeken van het proces tegen de Israëlische politicus Gantz te Den Haag. Ook de immer aanwezige José van Leeuwen, die nog wel eens een kopstoot richting politieke tegenstanders wil uitdelen, schitterde door afwezigheid. Op zo’n moment mis je ze toch een beetje.

Het thema van de bijeenkomst was “Israel and Palestine: Insider and outsider perspectives”. De presentatrice van de avond, Mirthe Frese, merkte bij de opening van de avond geheel terecht op, dat niet helemaal duidelijk is wie de “insider” en wie de “outsider” is. Eén ding werd in ieder geval wel meteen duidelijk: Er waren alleen anti-Israëlische sprekers uitgenodigd. Het CIDI en de Israëlische ambassade bleven “outsider” tijdens deze avond. Mirthe maakte ook nog opmerkingen over de vraag of je het Midden-Oosten-conflict een “gecompliceerd conflict” mag noemen. Bovendien verontschuldigde zij zich dat ze bepaalde termen zoals “Palestina”, in plaats van “Palestijnse gebieden”, gebruikte.

De cabaretier Raoul Heertje mocht, als eerste geïnterviewde, nog even vertellen dat hij een zionistische opvoeding had gehad, maar tijdens zijn studie in Israël was ontgoocheld en zich nu tegen de regering van het land Israël heeft gekeerd. In de toekomst wil hij zich nog vaker over het Midden-Oosten conflict uitspreken. Mirthe Frese, die de avond voor de rest prima en onderhoudend heeft geleid, stelde een hele rare vraag aan Raoul Heertje, namelijk of de regering van Israël de antisemitische sentimenten in Europa niet misschien zelf veroorzaakt, door het gevoerde beleid. Heertje pareerde voortreffelijk door te stellen dat zowel linkse- als rechtse antisemieten het land Israël niet nodig hebben om antisemitisch te zijn. Op zo’n moment mogen we toch nog blij zijn, dat er iemand is uitgenodigd is die zelf nadenkt en geen holle frasen napapagaait. Met Raoul Heertje hadden we ook wel meteen het meest interessante gedeelte achter de rug.

De journalist Derk Walters (NRC) werd aan het woord gelaten en vertelde hoe hij in 2017 door de Israëlische autoriteiten “het land was uitgezet”. Ik ga in dit artikel niet verder in op deze affaire en verwijs naar Likoed.nl voor verdere details.

Gate ’48 is een organisatie van Israëlis in Nederland, opgericht door onder andere Erella Grassiani. Op de Universiteit van Amsterdam geeft ze les in: “Moving Matters: People, Goods, Power and Ideas”. (Ik verzin dit niet!) Erella beklaagde zich erover, dat haar anti-Israëlische organisatie Gate’48 geen subsidie van de ontwikkelingshulporganisatie Oxfam Novib meer krijgt. Oxfam wilde liever een project ondersteunen dat echt iets voor Palestijnen doet. Huilie huilie.

Na deze treurige verhalen realiseerde ik mij opeens dat ze, en dat zijn de anti-Israël-activisten, de strijd aan het verliezen zijn. Ze klagen over de media die slecht geïnformeerd zijn; Dat ze geen subsidie krijgen; dat de regering ook niets doet. De kerken in Nederland zijn ook al verkeerd voorgelicht. Het is één en al klagen. Vreemd genoeg klaagt de andere kant, de kant van de zionisten, over precies dezelfde media en kerken. Het zijn mensen die geen gelijk krijgen en dat wijten aan degenen die stukjes schrijven. Raoul Heertje en Derk Walters hebben als media-mannen toch genoeg kansen het werkelijke verhaal te vertellen. Maar toch nog klagen.

Derk Walters en Jack Munayer tijdens de Pax bijeenkomst

Toen waren we pas op de helft van de avond. Vragen mochten er niet gesteld worden en verder was het ook niet erg spannend en opwindend, door een gebrek aan tegenstelling en tegenspraak. Daar kwam ook geen verandering is toen Jack Munayer van EAPPI ten tonele verscheen. Wel werd langzaam duidelijk waarom deze avond eigenlijk was georganiseerd. Het was niet zozeer bedoeld om de vrede in het Midden-Oosten dichterbij te brengen of de deelnemers over het conflict te informeren. De partner van PAX, namelijk de “Ecumenical Accompaniment Programme in Palestine and Israel (EAPPI)” moest in het zonnetje gezet worden. Deze organisatie begeleidt de Palestijnse schooljeugd als ze langs een nederzetting of door een checkpoint moet lopen. Er worden internationale vrijwilligers geworven om aan deze activiteit mee te doen. Jack Munayer wordt tijdens deze vredesweek langs allerlei kerken en clubhuizen gevoerd om zijn verhaal over de checkpoints te vertellen.

Vlak voordat Jack Munayer de “vredesduif” uit handen van PAX voorzitter Anna Timmerman ontving, verbaasde hij het publiek nog wel even door te stellen dat de NGO’s in Israël en de Palestijnse gebieden een verlengstuk van de koloniale beïnvloeding zijn. Ik constateer dan, dat deze activist, ondanks de financiële steun uit Westerse landen en ondanks de gratis medewerking van vrijwilligers, toch nog wat te zeiken heeft. Maar Anna Timmer liet zich hierdoor niet afleiden en overhandigde de felbegeerde vredesprijs aan Jack Munayer.

Nizar Rohana en Mirthe Frese


De voorzitter van Pax, Anna Timmerman, kondigde tijdens haar speech aan, in de toekomst met verschillende partijen in Nederland in gesprek te willen gaan. Dat is een hoopvolle gedachte, want vrede sluiten doe je met je vijanden.

De Boycot van Israël

Demoniseren, Delegitimeren, Discrimineren

Mijn tweede boek (De Boycot van Israël) staat nu aangekondigd in de CIDI webshop.

https://www.cidi.nl/product/de-boycot-van-israel/

Dit indringende boek beschrijft de achtergronden, het taalgebruik, de motivaties en methodes van de BDS-beweging, de internationale boycot van Israel. Uit verschillende interviews blijkt hoe de boycot van een klein land in het Midden-Oosten zware gevolgen heeft gehad voor de levens van mensen in Nederland. 

Kees Broer studeerde culturele antropologie aan de Vrije Universiteit en bestudeert al tien jaar de pro-Palestijnse beweging in Nederland. Hij gaat naar demonstraties en bijeenkomsten om door participerende observatie erachter te komen wat de activisten beweegt. 

Het boek ligt nu bij de drukker maar is binnenkort verkrijgbaar in de CIDI webwinkel. U kunt nu alvast een exemplaar van het boek reserveren door een e-mail te sturen naar administratie@cidi.nl.

Deel dit product

Je kan de inleiding en de achterflap al lezen op deze website:

https://www.palestinakomitee.nl/bds.html

Israël bestaat en is de meest legitieme natie ter wereld

Recensie

Jarenlang slaat blogger Martien Pennings je met waarheden over Israël om de oren en is hij boos als iemand een andere mening verkondigt. Die beschuldigt hij dan van het hebben van “oude links-regressieve neigingen”  of in het ergste geval van “antisemitisme”. Dat moet je allemaal eens opschrijven, drongen goede vrienden al jarenlang aan. Vorige week stommelde ik een steile trap van driehoog in een grachtenpand te Amsterdam op en zag daar op de eettafel daadwerkelijk het eerste echte papieren boek van zijn hand: “Israël bestaat, en is de meest legitieme natie ter wereld.” Ik ben natuurlijk graag bereid de eerste recensie over dit prachtboek te schrijven.

Inhoudsopgave:
Bij het bekijken van de inhoudsopgave blijkt al dat Pennings dikke balken tot kleine planken zaagt. “Wie is toch de auteur van dit prachtboek?” heet één van de hoofdstukken. Het tweede hoofdstuk is getiteld: “Hersenspoeling door de media: anti-Israël en pro-Palmaffia”. “Obama: Islamofilie en Israëlhaat” is ook zo’n mooie titel. Je hoeft het hoofdstuk haast al niet meer te lezen om te weten wat er in staat. Het boek sluit dan ook af met de uitroep: “Biden is qua Israël erger dan Obama.”

Inleiding
Terwijl ik de inhoudsopgave van het boek van Martien Pennings doorlees en mij afvraag wat deze anti-Islam-activist nu eigenlijk wil bewijzen, besluit ik eerst eens de inleiding door te lezen. Is het misschien mogelijk, dat er een vraagstelling in de inleiding staat, waarna Martien stap voor stap en hoofdstuk voor hoofdstuk naar de beantwoording van de vraagstelling en uiteindelijk de conclusie gaat? Veel mensen weten het namelijk niet, maar Martien Pennings heeft wel degelijk een academische opleiding in de historische wetenschappen afgesloten.

Afbeelding links: Het Sykes-Picot-plan (1916)

Het heeft allemaal wel even geduurd, omdat hij op de MAVO al de neiging had leraren en andere boven hem gestelde functionarissen tegen hun benen te zeiken, maar op vierenveertigjarige leeftijd heeft hij dan toch een “bul” zoals dat zo mooi heet, ontvangen. Weliswaar moest daar een andere “grumpy old man“ uit de muppet-show, zijnde Maarten van Rossem, aan te pas komen, maar dan heb je ook wat.

Martien Pennings stelt geen vragen , maar geeft antwoorden. Dat doet hij het liefst met zo grof mogelijk taalgebruik om de waarheid van zijn stellingen nog eens te onderstrepen. Eén van de stellingen in het boek: “Arabierië en Iran (zeg maar: de Islam) willen de Joden vermoorden. Je kunt er nog aan toevoegen: in samenwerking met Westers regressief-links, maar dat is het dan ook wel in a nutshell.”

Aan het einde van de inleiding stuit ik op een opmerkelijke doelstelling van het boek: “Dit boek is geschreven met de bedoeling de betonnen koppen van regressief-links Nederland te penetreren, terwijl ik tegelijk géén illusie heb dat dit boek gelezen gaat worden door datzelfde narcistisch-hedonistisch Nederland”. Deze zin typeert in hoge mate de persoon Martien Pennings, omdat hij blijkbaar heel hard schreeuwt tegen een groep mensen, waarvan hij niet gelooft, dat ze naar hem luisteren. Aan de ene kant heeft Martien veel zelfkennis, want als je mensen voortdurend uitscheldt voor “Palmaffia”, “regressief” en “betonkop”, dan zullen die mensen niet tot luisteren geneigd zijn. Aan de andere kant blijft hij schelden omdat er heel veel woede in hem schuilt. Het is de vraag of hij zelf weet waar die woede vandaan komt. Waarschijnlijk is het gezegde van de befaamde Franse schrijver Jean-Paul Sartre hier van toepassing: “De hel, dat zijn de anderen.” De schrijver heeft een goed hart, maar zijn omgeving brengt hem steeds tot razernij. In de inleiding wordt wel duidelijk welke thema’s de schrijver tot razernij brengen namelijk: (regressief) links, dé Islam en nationaal-socialisme. Het is een beperkte en overzichtelijke wereld, die een structurele irritatie teweeg brengt.

“Wie is toch de auteur van dit prachtboek”

In dit eerste hoofdstuk laat Martien Pennings zich helemaal gaan, in die mate dat het toch weer grappig wordt. Hij beschrijft uitgebreid wie hij is, waar hij vandaan komt en hoe hij hiertoe gekomen is. Hij doet daarbij één ding helemaal goed, want hij citeert mijn eigen boek (“Vijftig Jaar Palestina Komitee”; 2019) .

Pennings blijkt de theorie van het cultuurmarxisme aan te hangen. Daarmee verwijst hij naar de ideologen van het Forum voor Democratie, met boeken als “Cultuurmarxisme er waart een spook door Europa” van Paul Cliteur, “Avondland en identiteit” van Sid Lukkassen en “De aanval op de natiestaat”, door FvD leider Thierry Baudet. 

De theorie van het “cultuurmarxisme” houdt in, dat het marxisme aan het einde van de jaren zestig reeds op zijn retour was, maar door de ‘68-beweging opnieuw opgewarmd. Thema’s als milieu, klimaat, derde wereld, rechten voor sexuele minderheden, vrouwenrechten en atoomenergie, worden met het “cultuurmarxisme” in verband gebracht. Vooral het toen in 1968 benadrukte hedonisme en de daarmee verbonden sexuele vrijheid worden door deze schrijvers bekritiseerd.  De klassenstrijd is afgeschaft, maar de  “marxisten” van de jaren zestig proberen hun immateriële doelen nog steeds te verwerkelijken door de culturele revolutie van 1968.  

In het kader van de toen ontstane “derde-wereld-beweging” is ook de kritiek op Israël toegenomen. Martien Pennings noemt dit als één van zijn beweegredenen om zich met dit thema bezig te houden. “Ik denk dat ik gelijk op met veel Israëli’s ben gaan haten. Dat mogen Joden natuurlijk niet, want alleen Palestijnen mogen haten”.  Haat is natuurlijk een hele slechte en tegenwerkende factor als je afgestudeerd historicus bent. Door de haat wordt je verblind en kan je de nuances niet meer zien.

In het verlengde van deze haat komt de tweede persoonlijk motivatie van Martien Pennings, namelijk kritiek op de Islam en de “linkse collaboratie met de Islam” om de hoek kijken. “Het genotzuchtige linkse wegkijken van de werkelijkheid; Ik ben een soort Israël geworden; Ik vecht voor mijn humaniteit; Ik dreig te verliezen in een oceaan van gekte.” Die motivaties kan je bij veel seculiere niet-Joodse pro-Israël activisten herkennen. Er zit een anti-Islam-element in en het besef dat we in een hele gekke wereld vol geweld wonen. Israël is dan het laatste baken van westerse normaliteit , beleefdheid en goed fatsoen.

Martien beschrijft in hetzelfde hoofdstuk uit welke hoek hij komt:  Een beweging van bloggers, die in 2004 is ontstaan en die we wel eens onbeleefd aanduiden als de “Erfgenamen van Theo van Gogh”.  Na de moord op de filmmaker van Gogh gingen meer mensen zich verdiepen in de Islam en daarover schrijven op Internet, vooral omdat de “main stream media” dat niet deden of op een manier deden die als “ wegkijken en goedpraten” werd ervaren. Ebru Umar, Peter Breedveld, Hoeiboei en Keesjemaduraatje zijn in die tijd als blogger actief geworden.

Veertien jaar geleden deed de schrijver van zich horen door, tijdens een podiumdiscussie in debatcentrum De Rode Hoed, luid schreeuwend op te springen en tegen de Islam te fulmineren.  Deze act wordt door Margalith Kleijweght in Vrij Nederland (11-12-2007) beschreven: “ De boze bloggers van de Rode Hoed, ik moet het land redden”. Martien Pennings over die discussieavond over de Islam in de Rode Hoed : “De grijze figuur in dat zwarte jasje op de eerste rij, die querulant die voortdurend probeerde te interrumperen en via lichaamstaal aangaf het met het verloop van de discussie niet eens te zijn, was ik. Noem mij uit die 1400 jaar geschiedenis van de Islam één positief ding, een fatsoenlijke maatschappij, een bijdrage aan mensenrechten en beschaving.”

Waarom Israël de meest legitieme natie ter wereld is.
Als de pro-Palestina-beweging altijd eenzijdig het negatieve over Israël bericht en vanwege deze demonisering en selectieve verontwaardiging antisemitisch genoemd kan worden, gaat Martien Pennings juist het tegenovergestelde beweren en noemt Joden slim gewetensvol en nuttig. Dat Joden overal veel jaloezie opwekken en dat ze de uitvinders van de wetenschap zijn. Hij legt ook uit waarom dat zo is. “Zo komt het dus, dat de Joden in de geschiedenis nooit een probleem zijn geweest, altijd een oplossing. Een denkend volk met een geweten, dat nooit agressie pleegt als je ze met rust laat”. Hiermee schep Pennings aan het begin van het boek al een probleem. Antisemitisme is erg, maar overdreven filosemitisme, de andere kant van de medaille, wekt ook wantrouwen.

Pennings vervolgt: “De Joden op de vlucht voor het absolute kwaad, kwamen het relatieve goede brengen met instemming van het geweten van de wereld, de Volkerenbond. En werden opnieuw geconfronteerd met datzelfde absolute kwaad. In die strijd zijn ze overeind gebleven en die strijd voeren ze nog steeds.” 

Martien Pennings problematiseert nergens in het boek. Pennings weet, stelt en vertelt de waarheid in hoofdletters. Hij onderzoekt wel andere meningen, zoals die van Chris van der Heijden (Israël een onherstelbare vergissing, 2008) en Ari Shavit (Mijn beloofde land 2017), maar trekt vervolgens alles uit de kast om die andere schrijvers te beledigen en zwart te maken.  

In die zin is het boek meer een verzameling van polemieken, dan een doordacht werk waarin een stelling onderzocht en uitgelegd wordt. Het is een goed boek voor mensen die het allemaal al weten of voor diegenen die graag sterk willen staan in een discussie met Israël-haters. Is alleen jammer dat dat soort discussie nauwelijks nog plaats vinden.

Een voorbeeld van zo’n drastische stelling is het verhaal over de conferentie van San Remo (april 1920) waar de grondslag voor de oprichting van de staat Israël is gelegd. Volgens Martien Pennings is daarmee de staat Israël internationaal rechtelijk gelegitimeerd. Toch is daar nog wel wat op af te dingen, tenminste het zou geproblematiseerd moeten worden. Na de Eerste Wereldoorlog, die door Duitsland en het Ottomaanse Rijk verloren werd, trokken de overwinnaars, Groot-Brittannië en Frankrijk een paar rechte lijnen over de landkaart en creëerde op die manier invloedssferen en later staten, zoals Irak, Syrië, Libanon, Jordanië en Egypte.In dat kader ontstond ook de belofte aan zionistische organisaties, een Joodse staat op te richten of toe te staan. In de Volkerenbond van destijds zaten echter alleen de Westerse mogendheden, terwijl de nieuwe Arabische staten pas later tot de internationale gemeenschap toetraden. In de Verenigde Naties , door Pennings consequent als “Verenigde Nazis” aangeduid, hebben wel alle derde wereld landen en jonge Arabische staten zitting. Dat is ook de oorzaak voor de hetze tegen Israël in die Verenigde Naties. Een merendeel van de landen in de VN worden namelijk dictatoriaal geregeerd en voelen zich solidair met de andere voormalig gekoloniseerde landen. 

Sykes-Picot
In dat verband is het interessant dat het Sykes-Picotverdrag in dit boek niet genoemd wordt. 

Het Sykes-Picotverdrag was een geheime overeenkomst tussen het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in mei 1916 waarin zij afspraken maakten over hun invloedssfeer in Zuidwest-Azië als de  Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië, Ierland, Frankrijk en Rusland erin zou slagen het Ottomaanse Rijk te verslaan tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het was opgesteld door de Franse onderhandelaar Georges Picot en de Brit Mark Sykes. De Italianen en de Russen gingen ermee akkoord.

De verdeling van het gebied tussen de twee overwinnaars had grote gevolgen voor de relaties tussen het Westen en de Arabische bevolking. Sykes-Picot leidde tot weerzin van de Arabische tegen de Westerse wereld.

De lijnen die deze onderhandelaars destijds, meer dan honderd jaar geleden,  over de landkaart hebben getrokken zijn in grote mate nog steeds bepalend voor de landsgrenzen in het gebied. Tegelijkertijd heeft het trekken van landsgrenzen door het zand ertoe geleid dat er regionale conflicten, tussen Koerden en Turken, tussen sjiieten en soennieten, op zijn getreden. Ook het conflict tussen Israël en omringende staten is uiteindelijk veroorzaakt door de linialen van Sykes en Picot.

De resolutie van San Remo kan je beschouwen als één van de stappen tot het stichten van de staat Israël, net als de Balfour verklaring, de geheime Sykes-Picot-afspraken, en Resolutie 181 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties van 29 november 1947, beter bekend als Resolutie 181 of het VN-verdelingsplan.

Het is goed dat Martien Pennings dit allemaal nog eens duidelijk beschrijft voor een klein publiek. Ik noem het een klein publiek, omdat door het taalgebruik in het boek en de scheldpartijen tegen tegenstanders of mensen met een andere mening dan Pennings, de mensen waar het betoog werkelijk voor bedoeld is, namelijk de pro-Palestijnse activisten en de D66-Groenlinks-kiezers, er geen kennis van zullen willen nemen. In dat opzicht is dit opnieuw een discussie tussen doven, waarbij het maar helemaal de vraag is, of deze discussie nu, in september 2021 nog gevoerd moet worden, want zoals Pennings schrijft: “Israël bestaat” en een hele grote jongen die het land daar weer weg krijgt.

Westelijke Jordaanoever
Een interessante discussie in het boek betreft de vraag of de staat Israël het gebied ten westen van de Jordaan ( Judea en Samaria, Westelijke Jordaanoever) mag beheersen. Volgens Martien Pennings natuurlijk wel en hij noemt alle voorkomende redenen in het boek: Joden hebben altijd al in het gebied gewoond; In het Britse Mandaat voor Palestina stond zelfs een deel van Jordanië als onderdeel van de toekomstige Joodse staat aangemerkt; De staat Jordanië heeft twee maal vanuit het gebied Israël aangevallen; Israël kan als veroveraar van het gebied in de oorlog van 1967, het gebied besturen. Allemaal goede religieuze- en staatsrechtelijke redenen, door Martien Pennings beschreven en aangevoerd, om de Westelijke Jordaanoever te bezetten en te besturen.

Ook in de discussie over de Westelijke Jordaanoever ontbreken de tegenwerpingen en discussies. Eén van de tegenwerpingen die gemaakt zou kunnen worden is, dat als het staatsrechtelijk allemaal zo goed geregeld is, waarom dan de inwoners van de Westelijke Jordaanoever een andere status hebben. Het staatsburgerschap wordt hen onthouden. Ik geef toe, dat wat Israël ook doet of besluit, het toch nooit goed is. In dat opzicht is deze halfslachtige situatie nog het beste te beheersen. Het argument dat “Joden een moreel recht hebben zich in Judea en Samaria (dat is de Westelijke Jordaanoever) te vestigen, omdat ze er al duizenden jaren woonden en omdat “volgend jaar in Jeruzalem” een centrale mythe in het Jodendom is, zijn natuurlijk in de hedendaagse wereldpolitiek geen steekhoudende argumenten. Alle andere argumenten om het in 1967 veroverde gebied niet op te geven worden trouwens wel in het boek genoemd. Ik vind de twee sterkste argumenten: Dat het voor de verdediging van Israël noodzakelijk is en dat er op dit moment geen partner voor vrede is.


Hoofdstuk 2: Hersenspoeling door de media, anti-Israël en pro-Palmaffia

In de titel wordt alweer de vraagstelling en de conclusie vastgelegd. Je hoeft het hoofdstuk nauwelijks nog te lezen om te weten wat er in staat. Waarom zijn de media en publieke opinie in Nederland, vergeleken met 1970, kritischer over Israël? Antwoord: “hersenspoeling”. Waarom is Martien Pennings dan niet meegehersenspoeld? Dan zal dan wel komen door de in de inleiding gememoreerde “hele hoge intelligentie” van de heer Pennings.

Martien Pennings klaagt en scheldt over de eenzijdige berichtgeving van zo’n beetje alle kranten behalve de Telegraaf en vraagt zich af wat mogelijk de reden hiervan zou kunnen zijn: Door de Islam en door Europa. Ik vind dat geen overtuigende argumenten. Volgens mij is deze trend van kritiek op Israël  sinds het jaar 1982 gaande en heeft twee oorzaken, namelijk de in de jaren tachtig drastisch opgetreden ontkerkelijking en het feit dat Israël in dat jaar Libanon veroverde en daarmee een aanvallende en sterke militaire kracht in het Midden Oosten werd. Nederlandse journalisten  kunnen zich wel met een ‘underdog’ identificeren, maar Israël was vanaf dat jaar geen ‘underdog’ meer.
 

Hoofdstuk 5: De in San Remo geformaliseerde historische en morele rechten van de Joden in Palestina versterkt door het oorlogsrecht.

Ook bij het schrijven van hoofdstuk 5, kan Martien Pennings de neiging niet onderdrukken, reeds in de titel van het hoofdstuk alles te vertellen wat hij te vertellen heeft: ”De in San Remo geformaliseerde historische en morele rechten van de Joden in Palestina versterkt door het oorlogsrecht. “ Pennings wil daarmee tot uitdrukking brengen, dat de rechten van Joden op het land voorkomen uit de San Remo-resolutie van 25 april 1920 en de bevestiging van het Mandaat voor Palestina door de Volkenbond op 24 juli 1922. Het was mij al opgevallen, dat als je staande op de Dam, liefst met een Israëlische vlag, in discussie gaat met voor-en tegenstanders, de jaartallen en resoluties je om de oren vliegen. De Balfour-verklaring, de resolutie van San Remo het verdelingsplan van 1947. Je moet wel een wandelende encyclopedie zijn om al die feiten en jaartallen te kunnen weergeven en ook nog eens op waarde weten te schatten. Toch vertelt Martien Pennings in het boek iets, dat ik nog niet wist. Aanvankelijk omvatte het Britse Mandaat voor Palestina, bedoeld om een Joodse staat te stichten, ook het hele grondgebied van het huidige Jordanië. Israël was dus ooit in theorie veel groter. Misschien is het een goed idee daar eens kaartjes van te tekenen en op een fietskarretje op de Dam ten toon te stellen.

De machtsverhouding in het Midden-Oosten verschoven zich na de Eerste Wereldoorlog echter snel, zodat de Engelsen al drie maanden na het ingaan van het Mandaat voor Palestina, het land Jordanië afsplitsen en aan Abdullah bin al-Husseini  de overgrootvader van de huidige koning van Jordanië gaven. In het overgebleven gebied van het Britse Mandaat voor Palestina zou in het vredesplan van 1947 nóg eens een stuk afgesneden worden, ten gunste van een Arabische staat. 

De rest van hoofdstuk vijf gaat grotendeels over de theorie dat de Moefti van Jeruzalem bij Adolf Hitler op bezoek is geweest en het vermoeden dat Hitler zelfs door de Arabische geestelijke is geïnspireerd. Deze informatie is gebaseerd op boeken, terwijl de tegenstander weer andere boeken noemt om het tegendeel te bewijzen. Ik ga pas weer iets over deze theorie lezen als iemand in de nazi-archieven duikt en er nieuwe feiten op tafel komen. Juist iemand met een wetenschappelijke historische achtergrond als Martien Pennings moet weten dat wijsheden van anderen minder van belang zijn, dan eigen brononderzoek. Daar kan dan weer een heel boek over geschreven worden.

mei 1916 Sykes-Picotverdrag Een geheime overeenkomst tussen het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, waarin het Midden-Oosten in invloedssferen verdeeld wordt 
2 november 1917BalfourverklaringDe Britse regering verklaart positief te staan tegenover de stichting van een Nationaal Tehuis voor het Joodse Volk in Palestina 
25 april 1920.San Remo Resolutie Frankrijk en Groot-Brittannië verdelen het Midden-Oosten in mandaatsgebieden, staten  en invloedsferen
23 september 1922Resolutie VolkenbondHet land Jordanië ontstaat op een deel van het Mandaatsgebied Palestina 
29 november 1947Resolutie 181 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties Verdeling van Palestina in een Joods- en een Arabisch deel
14 mei 1948OnafhankelijkheidsverklaringDe staat Israël ontstaat

Hoofdstuk 11: Zionisme-kritiek als Stockholm syndroom
In hoofdstuk elf, “Zionisme-kritiek als Stockholm syndroom”, schrijft Pennings, dat hij heel het jaar 2014 heeft besteed aan het weerleggen van het boek “Mijn Beloofde Land” van Ari Shavit. In totaal 17 essays schreef Martien over dit boek en hij schrijft dat hij dat deed “ter verdediging van Israël”. De vraag die je dan als objectief schrijver moet stellen:  Moet Israël verdedigd worden? Israël is intussen een sterke militaire macht in het Midden-Oosten, dat sinds 1948 alle oorlogen, soms op het nippertje, gewonnen heeft. De economie van Israël is gegroeid. Het is niet meer de agrarische staat met kibboetsen van de beginjaren. Israël sluit steeds vaker vredes- en handelsakkoorden met Arabische landen. Mocht je dan toch nog, door alle haat en propaganda, tot de conclusie komen: “Ja, Israël moet beschermd en verdedigd worden”, dan kan je nog afvragen: “Moet ik Israël beschermen?”. Mocht de hardnekkige doorzetter nog steeds zeggen: “Ja, iemand moet het doen”, dan kan je nog overwegen hoe Israël het beste verdedigd kan worden. Martien Pennings doet dat door dit boek te schrijven en het de titel ”Israël bestaat” mee te geven. 


“Ik vond het steeds verontrustender, die meanderende redeneringen vol onopgeloste antitheses in die schijnbaar oneindige tekst, vol met enerzijds en anderzijds, goed en slecht, positief en negatief, boordevol sociale, morele en psychologische duo-definities. En nogmaals: Shavit doet geen poging zijn tegenstellingen op te lossen. Nee hij gooit ze gewoon met emmers vol op de pagina en zegt tegen de lezer: ruim het maar op als je zin hebt.”

Deze paragraaf kenmerkt de houding van Martien Pennings zelf over het conflict. Hij wil zekerheden en standpunten. Pennings kan niet tegen “enerzijds-anderzijds”

Hoofdstuk 13: Chris van der Heijden, Israëlkritiek als psychotherapie
Martien besteedt wel drieënnegentig pagina’s  aan het boek “Israël, een onherstelbare vergissing”(2008), van de schrijver en docent aan de school voor journalistiek , Chris van der Heijden. Wat kan de reden voor zo’n uitgebreide recensie zijn? Het boek is intussen alleen nog antiquarisch te verkrijgen. Het boek is weliswaar destijds goed verkocht, maar door de hele Arabische lente en de daaropvolgende desastreuze gebeurtenissen in Egypte en Tunesië, gevolgd door de moordpartijen in Syrië en de aanslagen in Europa, kan toch niemand meer met droge ogen beweren, dat Israël de wereld in brand zet, zoals Chris van der Heijden heeft beweerd. Het boek heeft zich dus al zelf in de afgelopen dertien jaar buitenspel gezet en is achterhaald. In kringen rond CIDI en NIW (Nieuw Israelietisch Weekblad) wordt Chris van der Heijden als een “foute” schrijver gezien, niet zozeer vanwege zijn vader’s lidmaatschap van de Waffen-SS, maar  eerder door pogingen van Chris van der Heijden zijn vader’s verleden schoon te wassen.

Hoofdstuk 14: Biden is qua Israël erger dan Obama
Bij de eerste dertien hoofdstukken van Martien Pennings “prachtboek” kan je nog als verontschuldiging voor het geschreeuw en gescheld ter berde brengen, dat het om meningen, columns en polemieken gaat. Pennings wil graag de “waarheid” schrijven en laat zich wel eens gaan, als een andere schrijver een andere “waarheid” verkondigt, of dezelfde feiten anders interpreteert. Bij het veertiende hoofdstuk over de nieuwe Amerikaanse president Biden, slaat Martien de plank echter helemaal mis.

Het zijn slechts drie bladzijden en het lijkt erop, dat die voor de volledigheid aan het boek zijn toegevoegd. De verkiezing van Joe Biden zou een ramp voor Israël zijn, maar zijn presidentschap is nog niet oud genoeg om daar echte harde feiten over op te kunnen schrijven. Martien Pennings citeert daarom de conservatieve journaliste Melanie Phillips en die komt niet verder dan de twintigste verjaardag van de Durban-conferentie tegen racisme, rassendiscriminatie, vreemdelingenhaat en aanverwante onverdraagzaamheden (2001).

Zowel Martien Pennings als Melanie Phillips laten echter onvermeld, dat de Verenigde Staten deze twintigste verjaardag van de conferentie boycot. De overige “feiten” over de Durban conferentie kloppen ook niet. De slotverklaring van de officiële Durban-conferentie tegen racisme werd in 2001 onder druk van de Verenigde Staten en Israël afgezwakt, zodat er geen antisemitische en anti-Israël elementen in zaten. De zinnen die in hoofdstuk veertien worden genoemd en waarbij inderdaad Israël de schuld krijgt van alle racisme in de hele wereld, werden in een terzelfder tijd gehouden neven-conferentie opgeschreven.

Het is nog te vroeg om Joe Biden op het thema Israël te beoordelen. In het boek van Martien Pennings worden in ieder geval geen steekhoudende elementen aangedragen.

Hoofdstuk vijftien: Concluderende Epiloog
In hoofdstuk vijftien, Concluderende Epiloog, hoeft Pennings geen echte conclusie te trekken, maar vat alles nog even samen. Pennings beschrijft de tegenstelling pro-of contra-Israël als een links-rechts tegenstelling. De linkse mensen zijn allemaal tegen Israël en de rechtse mensen zijn vóór Israël. Afgezien van het wel erg eenzijdige wereldbeeld dat hier ten toon gespreid wordt, kan je ook opmerken, dat Martien Pennings Israël gebruikt om zijn politieke tegenstanders om de oren te slaan. Halfslachtige standpunten en enerzijds-anderzijds-gesprekken zijn uit den boze en worden genadeloos afgekraakt. In dat opzicht lijkt Martien Pennings op de mensen die hij bestrijdt.

Eindoordeel
De geïnteresseerde lezer zal de scheldpartijen en beledigende woordspelingen even voor lief moeten nemen, of er hartelijk om kunnen lachen, dat hangt van de politieke positionering in het spectrum af. Daarnaast is dit eerste boek van Martien Pennings zeer informatief en wat nog belangrijker is: gebaseerd op de WAARHEID. Degene die de in het boek aangedragen feiten weet te onthouden kan zonder meer een discussie met de Israël-haters aangaan.

Kees Broer
(In oktober 2021 verschijnt bij CIDI het tweede boek van Kees Broer: “De boycot van Israël, BDS, demoniseren, delegitimeren, discrimineren”)