communicatie, ICT, media, blog en publicatie

terrorismeCategory Archives

Mijn leven met de Federatie van Vrije Socialisten

De afgelopen jaren heb ik op deze website en op het keesjemaduraatje blog veel over extreem-links en andere extremistische organisaties geschreven. Sinds 2005 is helemaal niemand op het idee gekomen, dat deze belangstelling misschien iets met mijzelf te maken zou kunnen hebben. Alleen de emeritus hoogleraar Meindert Fennema wierp mij voor, dat ik in mijn jonge leven zoveel fouten had gemaakt, dat ik waarschijnlijk nu boete en rekenschap wilde afleggen. Dat zou de reden kunnen zijn, dat ik het boek “Vijftig Jaar Palestina Komitee” had geschreven. Tijd dus, om nu eindelijk een boekje open te doen en open kaart te spelen.

Tijdens mijn middelbare schooltijd in Castricum was ik al op het anarchistische tijdsschrift De Vrije Socialist geabonneerd. Nadat ik in 1978 naar de Amsterdamse staatsliedenbuurt was verhuisd, ten einde op de VU, culturele antropologie te studeren, meldde ik mij meteen aan bij het in het tijdschrift vermeldde contactadres van de Federatie van Vrije Socialisten.

Monument voor Jo de Haas

Ik vervoegde mij op een middag op een adres in de Amsterdamse Quellijnstraat en stommelde een steile trap op. Op de derde verdieping aangekomen, was de genoemde contactpersoon stomverbaasd dat ik voor de Federatie van Vrije Socialisten kwam, want die was opgeheven en bovendien bestond die niet meer en wat had ik er te zoeken. Dat was voor mij een bittere teleurstelling, want tenslotte waren de woelige jaren zestig al mij voorbij gegaan en bevond ik mij in de saaie jaren zeventig. Nu ging de serieuze anarchistische organisatie Federatie van Vrije Socialisten ook nog aan mijn neus voorbij.

Ik herinnerde mij, dat ik in 1976 op de veerboot van Sheerness naar Vlissingen, de oude provo Robert Jasper Grootveld was tegengekomen. Die vertelde mij bij die gelegenheid, dat de Provo’s op een gegeven moment zichzelf anarchisten waren gaan noemen. Daarop werd het groepje rond Rob Stolk en Roel van Duijn bij de officiële organisatie van anarchisten ontboden om te vragen wat dat te betekenen had en om te onderzoeken of ze wel door de ballotage commissie zouden komen. Deze Vrije Socialisten werden door Robert Jasper als, “de dames en heren anarchisten” beschreven. Tegenover het adres op de Quellijnstraat had Rob Stolk een drukkerij, zodat ik in de tien jaar daarna nog regelmatig met de ex-Provo heb kunnen converseren. Hij was nog steeds kritisch over de Federatie die hij als zijnde “arbeideristisch” beschouwde.

De weken na mijn eerste kennismaking met de officiële organisatie van het anarchisme, belde ik vanaf de telefooncel op het van Limburg Stirumplein regelmatig met mijn anarchistische contactpersoon, en na lang aandringen kreeg ik dan de datum van een vergadering in een zaaltje in de Bethaniëndwarsstraat. Daar ben ik heen gegaan en heb de contacten gelegd die de tien jaren daarna mijn leven drastisch hebben bepaald. Aangekomen bij het zaaltje, natuurlijk precies op tijd, want gereformeerd en uit de provincie, maakte ik kennis met de gewoonte van Amsterdamse activisten altijd te laat te komen. Bovendien was er niet voor sleutels gezorgd, zodat we naar een privé-woning op de Nieuwmarkt moesten uitwijken.

Kampeerterrein tot vrijheidsbezinning

Pas tijdens Pinksteren 1979 kreeg ik de mogelijkheid op de camping “Tot Vrijheidsbezinning” kennis te maken met het “Noordelijk Gewest van Vrije Socialisten”. Ieder jaar gingen de dames en heren anachisten, waar ik inmiddels ook toe behoorde, in een busje of met de trein, helemaal naar Appelscha, om tijdens de Pinksterlanddagen ons in het extreem-linkse gedachtegoed onder te dompelen. De vrijheidsbezinning was slechts beperkt tot de vrijheid van de staat en vrijheid van dienstplicht, maar strekte zich niet tot alle segmenten van het leven uit. De oude garde van de Federatie was streng geheelonthouder, zodat er geen drank en drugs op het terrein werden getolereerd. Voor de Amsterdamse harde kern van anarchisten was dat een reden om buiten het kamp, in een afgelegen dal, te kamperen. Op een gegeven moment ondervonden we meer tolerantie van de regelmatig opduikende boswachter, dan van de oude leden van het Noordelijk Gewest.

Een opmerkelijk detail waar ik in het licht van de huidige diversiteits- en klimaathysterie nog op wil wijzen is, dat er in die jaren gewoon met vlees werd gekookt en ik zelf daar, veel mensen willen dit niet geloven, de enige vegetariër was. Dit principe, en mijn geheelonthouding, werd door de Amsterdamse anarchisten met gehoon begroet. Je kan je serieus afvragen waarom ik niet gewoon met de antropologen naar de kroeg ging en waarom ik mij zo nodig met het thema anarchisme wilde bezighouden. Over sommige dingen moet je niet nadenken.

Dit alles ter inleiding van een serie artikelen die ik op dit blog de komende tijd wil schrijven en die de Federatie van Vrije Socialisten in de periode van 1955 tot en met 1978 beslaat. De aanleiding is een inzageverzoek bij de AIVD over de federatie, hetgeen beloond is met zeven zip-bestanden vol met informatie. Ik heb dit inzageverzoek niet zelf gedaan, maar het is wel van de AIVD-website te downloaden. Om alvast een voorproefje te geven. De BVD en later AIVD hebben sinds de jaren vijftig jaarlijks een lijst met extremistische organisaties gemaakt. De Federatie van Vrije Socialisten staat ook op de lijst en werd dan ook sinds 1955 in de gaten gehouden. Ik was dus een extremist en dat is ook wel eens leuk om te vertellen.



Samidoun marcheert op een leeg plein

Een politieman komt naar me toe, om te vragen namens wie ik op het verder uitgestorven Plein’40-’45 sta. Nadat ik mij netjes voorgesteld heb en aan beide politieagenten een hand gegeven heb, wordt mij medegedeeld, dat het programma van de Samidoun-demonstratie veranderd is en dat er straks, na een korte toespraak, naar het Mercatorplein gelopen zal worden.

Zondag 10 juli 2022; Plein ’40-’45; Samidoun

Op dat moment staan er precies zeven Samidoun-aanhangers op het plein, begeleid en in de gaten gehouden, door elf politieagenten en twee motoragenten. Ik vraag aan de politieagent of het voor de demonstranten niet verstandiger is op het plein te blijven staan, omdat het een zielig gezicht is, als zeven mensen nu gaan lopen demonstreren op straat. De hele actie, waarover schriftelijke gemeenteraadsvragen gesteld zijn en waarop het gemeentebestuur geantwoord heeft, dat er geen redenen zijn de verering van PFLP-woordvoerder Ghassan Kanafani en de herdenking van zijn eliminatie in 1972, een halt toe te roepen, dreigt nu in het water te vallen. “Een storm in een glas water”, geef ik tegenover de politieman te kennen.

Ierse vlag
De demonstranten worden bijgestaan door een delegatie van de Rotterdamse Rode Morgen waarvan één van de leden een Ierse vlag bij zich draagt. Ik kan dit vlaggenvertoon niet meteen duiden. Aanvankelijk denk ik nog dat het een vlag van Ivoorkust is, maar ook daar zie ik geen revolutionaire connectie.

Afbeeldingen van Georges Ibrahim Abdallah

Georges Ibrahim Abdallah
Nadat ik op Twitter al enkele foto’s van de demonstratie heb gedeeld, ontstaat een kleine storm van Twitter-verontwaardiging, over het tonen van de afbeelding van Georges Ibrahim Abdallah, tijdens de demonstratie. Deze Arabische communistische terrorist werd in 1984 in Frankrijk, tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld, wegens het vermoorden van een Amerikaanse- en een Israëlische diplomaat. Het is natuurlijk opvallend, dat de Palestijnse gevangenenorganisatie Samidoun uitgerekend voor de vrijlating van deze moordenaar demonstreert.

Jacob Bodden oefent zijn communicatieve vaardigheden

Gebrek aan steun
Behalve te observeren welke vlaggen en afbeeldingen er meegedragen worden, analyseer ik ook wat er tijdens de demonstratie niet te zien is. Anderhalf jaar geleden werd de sektarische groep Samidoun nog aangevoerd door de kunstenares Yasmin Achmed, uit Ierland. Deze keer liet ze echter verstek gaan, hetgeen mogelijk een aanduiding voor ruzie in de tent is.

De lage opkomst laat ook een gebrek aan integratie met andere pro-Palestijnse groepen zien. De Hamas-fondsenwerver Amin Abou Rashed demonstreerde een jaar geleden nog met Samidoun mee. Op de Dam in Amsterdam is te zien, dat zelfs Simon Vrouwe geen Samidoun-vlag meer draagt. Andere “usual suspects” zoals Gustav Drayer en José van Leeuwen blijven ook van deze manifestatie weg. Samidoun blijft geheel weg van de humanitaire kant van de Palestijnse beweging en richt zich geheel op het vereren en vrij laten van echte terroristen van de PFLP (Popular Front for the Liberation of Palestine). De hard-core proPal activisten vinden dát zelfs te ver gaan. Bovendien zijn er bij Samidoun geen “echte” Palestijnen betrokken, zodat een beroep op het authentieke principe van “All You Can Eat Palestinism” geheel ontbreekt.

Thomas Gerhard Hofland; From the River to the Sea

Van Rivier tot aan de Zee
Thomas Gerhard Hofland stond weer heel trots met zijn spandoek “From The River To The Sea” te zwaaien. Ook acht jaar studie politicologie heeft hem nog doen inzien, dat deze eis volkomen irrationeel is en zeker in combinatie met het vereren, dan wel vragen om vrijlating van, terroristen van de PFLP. Israël is intussen militair zo sterk geworden en de banden met omringende landen zo strak aangehaald, dat Israël gewoon zegt: “Kom vechten dan!”

Bodden
Jacob Bodden heeft in de laatste anderhalf jaar zijn retorische vaardigheden aanmerkelijk verbeterd en hield de eerste toespraak. Het is zonde om een jonge man met zoveel muzikale talenten te zien afglijden en ten prooi te zien vallen aan een sektarische leider, die niets met zijn leven kan doen dan op stille pleinen een onbereikbaar ideaal na te streven. Geen enkele Palestijn heeft er iets aan en helemaal niemand in Libanon weet nog wie Ghassan Kanafani is. De jonge Jacob Bodden begin er echter wel steeds ongelukkiger uit te zien.


Na een uur hield ik het wel voor gezien en verliet het verlaten Plein ’40-’45. Of de dames en heren revolutionairen nog naar het Marcatorplein zijn gemarcheerd, dat weet ik niet. Dat lezen we ongetwijfeld wel weer op een obscure Canadese website.

Dossiers over Samidoun en PFLP

De afgelopen weken heb ik veel over de Palestijnse gevangenen-organisatie Samidoun en over de “Kanafani-verering” geschreven. Hieronder zie je alle documenten en blogs bij elkaar.

Wie was Ghassan Kanafani (PFLP) (1936-1972)
Over de PFLP woordvoerder Ghassan Kanafani en het Nederlandse Palestina Komitee
Slachtoffer, dader en icoon
PFLP-mantelorganisatie Samidoun
De studentenflat in Amstelveen….
Samidoun Canada
De voorzitter van Samidoun: Charlotte Lynne Kates
Solidarity Movement : Joe Catron
Weggejaagd uit Duitsland
Problemen in Frankrijk
Revolutionaire studenten in Nederland
Thomas Gerhard Hofland in the picture
De ideologie van Samidoun en de PFLP
Demonstreren op Plein ’40-’45; een provocatie?
Mag Samidoun in Amsterdam demonstreren?

Kanafani in Nederland

Ghassan Kanafani heeft de Palestino-beweging in Nederland, door geëlimineerd te worden, een grote dienst bewezen. De anti-imperialistische beweging kan deze leider van de PFLP hierdoor tegelijkertijd als literair talent, slachtoffer van het zionisme, als ook strijdbare strijder presenteren. Het is slechts weinig iconen gegeven op die manier te eindigen en tegelijkertijd in de herinnering voort te leven.

Algemeen Dagblad 10-09-1977

De persoon Ghassan Kanafani wordt al direct na zijn dood, veroorzaakt door een autobom in Beiroet, geëerd door het Nederlandse Palestina Komitee. Zijn gedichten worden gepubliceerd en er wordt en reeks brochures naar hem genoemd. Tot op de dag van vandaag kunnen in de Nederlandse bibliotheken werken uit de “Ghassan-Kanafani-reeks” geleend worden. Door deze verering ontstaat ook een paradox, omdat het Nederlandse Palestina Komitee altijd heeft geprobeerd zich van het Popular Front for the Liberation of Palestine (PFLP) te distantiëren.

Het Medisch Komitee Palestina, dat in de jaren zeventig nauw met het Palestina Komitee verbonden was, zond activisten naar Libanon om in de Arabische vluchtelingenkampen medisch te helpen. In Libanon kwamen deze leden met het PFLP in aanraking. De revolutionaire taal en het gezwaai met AK-47-geweren en vlaggen maakte grote indruk op linkse studenten uit Nijmegen en Utrecht. Gegeven het feit dat het PFLP in die periode nauwe contacten met de Rote Armee Fraktion (RAF) onderhield en probeerde vaste voet in West-Europa te zetten, was deze ontwikkeling gevaarlijk. Er dreigde zelfs voor een korte tijd een scheuring in het Palestina Komitee.

De verering van Ghassan Kanafani, vanwege zijn martelaarschap en zijn schrijverij, begint in Nederland ongeveer vijf jaar na zijn dood. Zijn boeken worden uitgebracht en er worden lezingen over hem gehouden. Toch resulteert die ophemeling de tweeëntwintig jaar na zijn dood tot slechts 31 publicaties in Nederlandse kranten. Dat aantal is inclusief de feitelijke beschrijving van de eliminatie. We mogen hopen dat het vijftigjarig jubileum van de dood van de terrorist niet tot een nieuwe golf van verering leidt. Ook dit artikel is helaas te veel eer voor iemand die voor de dood van vele onschuldige burgers verantwoordelijk wordt gehouden.

Boeken over Ghassan Kanafani

In al die artikelen en herdenkingen wordt de Israëlische geheime dienst Mossad verantwoordelijk gehouden voor het opblazen van de auto van Ghassan Kanafani. Het nadeel van die theorie is, dat de Mossad nooit een visitekaartje bij geëlimineerde personen achterlaat. Daardoor is het curieus te constateren, dat uitgerekend bij deze aanslag een visitekaartje van de Israëlische ambassade in Kopenhagen gevonden werd. Als je dan bij deze zoektocht betrekt, dat de vrouw van Ghassan kanafani een Deense activiste was, dan kan je niet aan de indruk onttrekken, dat er ook nog hele andere oorzaken voor de ontploffing te bedenken zijn. Een door het PFLP gemaakte briefbom zou ook de oorzaak kunnen zijn. (Limburgsch dagblad 10-07-1972)

Het leven en de dood van Ghassan Kanafani moet wel in een historisch perspectief besproken worden. In 1972 was nog sprake van dekolonisering, waarbij over de gehele wereld nationale gewapende bevrijdingsstrijd plaats vond. We denken aan Vietnam, Angola en Mozambique. De leiders van de PLO en PFLP probeerden met hun vliegtuigkapingen en moordpartijen de indruk te wekken, dat ook hier in het Midden-Oosten zo’n bevrijdingsstrijd plaats vond. Tel daar de bewondering voor gewapende intellectuelen die sterven, zoals Che Guevara, bij op en een mogelijke verklaring voor de Kanafani-verering is geschapen. Tegelijkertijd wilde de leiding va het Palestina Komitee niet de indruk wekken aanhangers van de RAF te zijn, waardoor de distantie weer wordt ingezet. Dode terroristen hebben als voordeel, dat je van alles aan het imago kan hangen, zonder dat zij terug kunnen praten of nog werkelijk gevaarlijk kunnen zijn.

Hoe anders is deze verering in de huidige tijd. De Sovjet-Unie en de DDR, die dit soort terreurgroepen in de jaren zeventig nog steunden, bestaan niet meer. De anti-imperialistische strijd is vanwege het gebrek aan te dekoloniserende kolonies gestaakt. Het socialisme is dood en wij voelen onszelf ook niet helemaal lekker. Na de aanslagen van 11 september 2001 en de terreur van Al Qaida en Islamitische Staat van de afgelopen twintig jaar, is de heimelijke verering van terroristische aanslagen wel tot een nulpunt gedaald. Je moet echt wel tot een heel eng wereldvreemd clubje van marxistisch-leninisten, zoals Samidoun of Revolutionaire Eenheid behoren om dit soort acties nog goed te praten of Ghassan Kanafani te vereren.

Het graf van Kanafani (2022)

De Duitse filosoof Karl Marx heeft eens geschreven, dat historische gebeurtenissen eerst plaats vinden als tragedie, maar vervolgens als klucht terugkeren. Dat zien wij ook bij de aanbidding van Ghassan Kanafani. De vroegere vliegtuigkaapster Leila Khaled, die met een vuistje omhoog naast de bejaarde voorzitter van het Palestina Komitee staat en daarbij ook nog gefotografeerd wordt, wekt bij mij geen haat meer op, maar wel medelijden. Hetzelfde geldt voor studenten op de Vrije Universiteit, die menen dat het met messen en zelfgemaakte bommen aanvallen van burgers een revolutionaire daad voorstelt. Je mag alleen maar hopen dat ze later nog een baantje als politicoloog of antropoloog op een universiteit kunnen krijgen, zodat ze hun hele verder leven de tijd hebben hun inktzwarte zonden te overdenken.

Gemeenteraadsvragen over Samidoun

De demonstratie van Samidoun Nederland op 10 juli 2022, op het Plein ’40-’45 te Amsterdam, ter gelegenheid van de eliminatie van Ghassan Kanafani, vijftig jaar geleden, roept vragen van gemeenteraadsleden van VVD, CDA en JA21 op. Eén van de vragen aan het stadsbestuur is: “Vindt het college het wenselijk iemand te herdenken die verdacht wordt van een terreuraanslag met 26 doden? “

Ik ben heel benieuwd wat het stadsbestuur hierop gaat antwoorden!

Samidoun demonstreert

De jongens en meisjes van de Samidoun demonstreren, op zondag 10 juli 2022, gewoon open en bloot in Amsterdam-West, alsof er niets aan de hand is! Naar eigen zeggen wordt de locatie, op Plein ’40-’45, uitgekozen, omdat “de hele buurt Palestina steunt”. Alsof de Amsterdammers geen andere zorgen aan hun hoofd hebben!

Aankondiging demonstratie op 10 juli 2022

Op het gevaar af nu reclame voor een PFLP-mantelorganisatie te gaan maken, wil ik enkele kanttekeningen bij de festiviteiten rondom de dood van PFLP-woordvoerder Kanafani, vijftig jaar geleden zetten.

Visitekaartje
Op 8 juli 1972 zou Ghassan Kanafani door “een autobom van de Mossad” zijn omgebracht. Zoals bekend, laat de Israëlische geheime dienst geen visitekaartjes achter, na een eliminatie. Daarom weten we tot op de dag van vandaag niet wie of welke organisatie deze liquidatie heeft uitgevoerd. Het krankzinnige van dit geval is echter, dat er nu wél op de plaats delict een visitekaartje werd gevonden, namelijk van de Ambassade van Israël in Denemarken. ( Limburgsch dagblad;10-07-1972). Dat zou er op kunnen wijzen, dat Ghassan Kanafani het slachtoffer van een te vroeg ontplofte pakketbom is geworden. Als ik jullie er nog bij vertel, dat Anni Høver, de vrouw van Ghassan Kanafani de Deense nationaliteit bezit, wordt het nog verbazingwekkender.

PFLP
In de aankondiging voor de demonstratie staat niet, dat Ghassan Kanafani de woordvoerder van de Arabische terreurorganisatie PFLP was. Samidoun demonstreert ook nu weer ter ere van een PFLP kopstuk. Reden genoeg om Samidoun een PFLP mantelorganisatie te noemen. In Duitsland wordt deze organisatie dan ook beperkingen opgelegd. De voorzitter van Samidoun, Charlotte Kates, is vanwege deze beperkingen met haar man naar Vancouver verhuisd, waar dit soort uitingen nog wel zijn toegestaan.

Vliegveld Ben Goerion
De reden voor de liquidatie van Ghasan Kanafani zou de aanslag op het vliegveld Ben Goerion kort daarvoor op 30 mei 1972 kunnen zijn, waarbij 26 doden en 80 gewonden te betreuren waren. De daders behoorden tot het Japanse Rode Leger en de PFLP. De organisatoren van de demonstratie op 10 juli noemen deze aanslag niet.

Beiaardier
De organisatoren van de demonstratie behoren tot een heel klein sektarisch groepje studenten op de VU campus Uilenstede. Thomas Gerhard Hofland, bestuurslid van Samidoun Internationaal, met de schuilnaam Tom de Koning, is al 30 jaar en studeert nu al acht jaar politicologie. Over zijn kompaan Jacob Bodden is echter niet veel bekend, behalve dat hij , geboren in Amersfoort, reeds op twaalf jarige leeftijd een begenadigd beiaardier was. Zijn oom is de carillonspeler van Amsterdam en dat zou verder niet interessant zijn, ware het niet dat de oom een fervent aanhanger van de Palestijnse zaak is. De twee vrienden maakten vorig jaar nog een rondreis door Libanon en bezochten daar het graf van de door hen aanbeden Ghassan Kanafani.

Thomas Gerhard Hofland en Jacob Bodden bij het graf van Ghassan Kanafani




Inge Viett gestorven

Inge Viett was in de jaren zeventig lid van de terreurgroep “Bewegung Zweiter Juni” en later de RAF (Rote Armee Fraktion) . Toen leden van het Palestina Komitee in Jemen een opleiding tot terrorist volgden, was zij in de buurt. In de jaren tachtig dook ze in de DDR onder en leefde onder een valse naam. Na de val van de muur werd ze veroordeeld. Ze bleef haar idealen tot haar dood trouw en toonde geen berouw voor de vele slachtoffers van de Duitse terreur.

Inge Viett, na haar vrijlating, met leden van Die Linke

Inge Viett woonde kort na de Tweede wereldoorlog, samen met de moeder en een zusje, in een hut met slechts drie wanden, in de deelstaat Sleeswijk Holstein. Nadat ze door jeugdzorg was meegenomen, werd ze door een pleegmoeder in de rookkamer (waar het vlees werd gerookt) vastgehouden. In die periode werd ze mishandeld en door een plaatselijke boer verkracht. Tijdens haar schooltijd werd ze door een vrouwelijke voogd tot sex gedwongen. Een zelfmoordpoging mislukte.

Na het bereiken van de volwassenheid, werkte ze als dienstmeisje, barmeisje, stripteasedanseres en reisleidster. Ondanks haar moeilijke jeugd, was ze in staat voor zichzelf te zorgen, een auto te kopen en een bescheiden bestaan op te bouwen. Het burgerlijke leven kon haar echter niet bekoren.

Haar houding verandert als ze in 1968 naar West-Berlijn gaat en daar een in een vrouwenwoongroep gaat wonen. Haar lesbische geaardheid komt hier geheel tot bloei. Samen met de terroriste Verena Becker, die acht jaar jonger is, vormt ze een liefdevol stel. Ze willen protesteren tegen de onderdrukking van vrouwen en in het bijzonder instellingen aanvallen waarin deze houding tot uiting komt. Later heeft Inge Viett in een trainingskamp in Jemen een relatie met een man.

Ze steken bruidskledingwinkels en sekswinkels in brand met molotovcocktails. “We sluipen in het donker door de stad”, schrijft ze later in haar memoires, “en beplakken het met mysterieuze stickers: ‘The Black Bride komt eraan’. ’s Ochtends worden de etalages van de bruids- en pornowinkels verwoest. De burgers schudden hun hoofd. Zulke mooie trouwjurken! We bestormen de ‘beauty contests’ in de warenhuizen. […] We houden revolutionaire toespraken over seksuele uitbuiting en devaluatie van vrouwen en zijn weer vertrokken voordat de politie arriveert.”

Politie poster over Inge Viett

Daarna wordt ze, samen met Becker toegelaten tot de “Beweging van 2 Juni” via “Bommi” Baumann. Dit is het begin. Zoals bekend, is de eerste actie van de Bewegung Zweiter Juni tegen een Berlijnse synagoge gericht.

Wat volgt is betrokkenheid bij een amateuristische bomaanslag die leidt tot de tragische dood van een botenbouwer, een bankoverval, een wapenhandel en herhaalde pogingen om bomaanslagen uit te voeren. Ze zit gevangen en toont grote vaardigheid in het keer op keer loskomen. Inge Viett ontwikkelt zich tot een bepalende figuur van de “Bewegung Zweiter Juni”, die in de jaren zeventig concurreert met de RAF.

Na deel te hebben genomen aan de ontvoering van CDU-politicus Peter Lorenz, in 1975, pendelt ze heen en weer tussen West-Berlijn en het Midden-Oosten, waar ze militaire training krijgt van de Palestijnen. Soms verschijnt ze met de PFLP in Bagdad, soms met de Palmers-ontvoering in Wenen, dan in Bulgarije, in Praag en in Aden in het zuiden van Jemen.

Maar terwijl de “Bewegung Zweiter Juni”, die bijzonder nauw verbonden is met de subcultuur, wordt ontbonden in 1980, sluiten sommigen zoals Viett zich aan bij de RAF om hun strijd voort te zetten. Deze stap wordt begrepen en bekritiseerd door andere leden van de “Beweging 2 Juni”, van wie de meesten gevangen zitten, omdat ze hun strijd hebben opgegeven.

met Christian Ströbele (Bündnis 90 / Die Grünen)

Op dat moment bepaalt Viett het verdere leven van haar mede-terroristen, die in Parijs ondergedoken zitten. Omdat sommigen weg willen bij de RAF, herinnert ze zich de contacten die ze in 1978 had gelegd met Stasi-majoor Harry Dahl, hoofd van afdeling XXII voor terrorismebestrijding. Men is het erover eens dat drop-outs van de RAF in de DDR onder valse identiteiten kunnen leven. Acht RAF-leden reizen via Praag naar de DDR om daar onder bescherming van de Stasi een nieuw, niet-politiek bestaan ​​op te bouwen.

In augustus 1981 wordt Viett aangehouden door de politie in Parijs. Omdat ze op haar Suzuki rijdt zonder helm. Ze probeert te ontsnappen. Ze schiet de nietsvermoedende achtervolger, een verkeersagent, van korte afstand neer. Het resultaat is een dwarslaesie die zijn leven verwoest. Hij sterft in 2000 op 54-jarige leeftijd zonder enig teken van medelijden of spijt van Viett.

Viett weet weer te ontsnappen. Maar ze is zo ontmoedigd dat ook zij een uitweg zoekt uit de desolate situatie van de RAF. En zo komt het dat ze nu zelf uitstapt en in een “Forsthaus an der Spree” belandt in de buurt van Briesen (DDR) .

Destijds was “Object 74” een Stasi-filiaal waar Viett werd voorbereid op zijn nieuwe bestaan. Het doel was uiteindelijk om te voorkomen dat de DDR-bevolking het idee zou krijgen dat de SED onder één hoedje speelde met de RAF.

Maar dit gevaar is niet vergezocht. Als Viett in Dresden een opleiding tot reprofotograaf volgt, onder de alias “Eva-Maria Sommer”, realiseert één van haar collega’s zich, dat Viett op een ‘gezocht poster’ in de Bondsrepubliek staat. Nu gaat het alarm af.

Viett moet haar identiteit weer veranderen en organiseert nu kindervakantiekampen in Magdeburg als “Eva Schnell”. Zoals het een dictatuur betaamt, wordt ze de klok rond gevolgd door de geheime dienst, net als alle andere RAF-terroristen. Door hun woonruimte af te luisteren en telefoontjes af te tappen.

Pas als de DDR na de val van de Muur op 9 november 1989 niet meer te redden is, realiseren de ex-terroristen die onderdak hebben gevonden onder het staatssocialisme zich, dat er onder deze omstandigheden geen toekomst voor hen zou zijn. In juni 1990 – er waren nog vier maanden tot de Duitse eenwording – worden de ondergedoken RAF-leden de één na de ander gearresteerd, uitgeleverd en berecht.

In 1992 wordt Viett door de Hogere Regionale Rechtbank van Koblenz veroordeeld tot dertien jaar gevangenisstraf voor de schoten op de politieagent in Parijs, waarvan ze zeven jaar uitzit.

Wat haar zaak onderscheidt van vele anderen, zijn twee met elkaar samenhangende motieven. Enerzijds blijft ze het RAF-terrorisme bij een groot aantal verschillende gelegenheden fanatiek verdedigen, als een guerrillastrijd gericht tegen het imperialisme en het kapitalisme. En aan de andere kant steunt ze de DDR, die op het punt stond in te storten. De ideologie van het marxistisch-leninisme, zoals door PFLP en RAF beleden, vormt in haar leven een eenheid met het revolutionair handelen. In juni 1990 schrijft Inge Viett, dat de jaren van antifascisme, solidariteit, vriendschap tussen naties en solidariteit, de belangrijkste jaren van haar leven waren.

Tragisch, dat de strijd om een uitweg uit de doffe ellende van haar jeugd te vinden, een uitweg in de gewapende strijd en de DDR-dictatuur vond. Ze stierf op 9 mei op 78-jarige leeftijd.

De slordigheden van het NRC

De zogenaamde zwerver (nomad), activist, consultant, vervelio en voormalig Fair Food-directeur Frank van der Linde liet al enkele dagen voor verschijningsdatum weten, dat het NRC maar liefst twee pagina’s aan hem zou wijden. Waar zou het over gaan, vraag je je dan af. Frank is al ruim tien jaar full-time actievoerder en hij heeft niks bereikt. Quinsy Gario stond tenminste nog op de kandidatenlijst van BIJ1, maar een arme blanke man, zoals Frank, mag alleen maar pamfletten van BIJ1 uitdelen. DocP bestuurslid Theodora Siemons-Ballout (Dorien Ball) is intussen fractiemedewerker van BIJ1, maar Frank slaapt ’s nachts op een bankje. Dat beweert hij tenminste.

Eigenlijk zouden we geen aandacht aan deze aan lager wal geraakte FairFood-manager moeten besteden. Geenstijl pakte wel meteen uitgebreid uit, maar dat komt omdat Geenstijl er valselijk van beschuldigd werd het adres van de aandachtsjunk te hebben gepubliceerd. Is niet zo. Frank had zijn adres zelf op zijn website gezet. Vervolgens schrijft NRC afgelopen zaterdag, dat Frank zijn huis moest verlaten en dat zijn huur werd opgezegd, omdat hij bedreigd werd. In verband met het onderzoek voor mijn tweede boek, dat in oktober uitkomt (De boycot van Israël, BDS, Demoniseren, Delegitimeren, Discrimineren) onderzocht ik ook deze bewering van Frank en er blijkt niets van te kloppen. De buren vertellen mij, dat er wel ruzie is geweest, maar dat Frank niet middels een kort geding uit zijn woning is gezet, zoals hij op Facebook heeft beweerd. Het NRC brengt het nog iets genuanceerder, maar heeft de beweringen van Frank van der Linde helemaal niet gecontroleerd.

Het artikel over Frank van der Linde, van afgelopen zaterdag, staat vol met fouten, weglatingen en onzorgvuldigheden.

  • Dat Geenstijl het adres van Frank van der Linde zou hebben gepubliceerd. (is niet zo)
  • Dat de stedenband Amsterdam-Tel Aviv, door de acties van Frank van der Linde, zou zijn opgezegd. Is niet zo. De stedenband is veranderd in een stedenband Tel-Aviv-Ramallah. De NRC heeft het niet gecheckt.
  • Dat het NCTB “zomaar” informatie over Frank van der Linde aan politiediensten doorgeeft. Er zijn vele redenen om Frank van der Linde in de gaten te houden. Als de NRC redacteuren Andreas Kouwenhoven, Esther Rosenberg en Romy van der Poel, onderzoek in hun eigen NRC archief hadden gedaan, dan hadden ze kunnen zien, dat Frank van der Linde, met een groep radicale pro-Palestijnse activisten, waaronder de inmiddels vergeten Abulkasim Al Jaberi, de destijds 84-jarige Israëlische theatermaakster Lia König heeft aangevallen en dat hij in het NRC optrad als woordvoerder van deze groep (NRC 15 September 2014). In dat korte gesprek kondigde hij aan: ,,Dit is een nieuw begin. Ik heb geen enkele terughoudendheid meer.” Schrijfster Natascha van Weezel onthulde later in de Groene, dat deze groep zelfs van plan was een ander theater aan te vallen. In het licht en het kader van de moorddadige aanslag op het theater Bataclan in Parijs (november 2015; 89 doden), is het meer dan logisch en ook nodig, dat het NCTB dit soort vogels goed in de gaten houdt.
  • In juli 2016 laat Frank van der Linde op Facebook weten, bewapend te zijn. De wijkagent laat vervolgens weten, dat Frank op het bureau moet komen om zijn wapen te laten zien, hetgeen Frank weigert te doen. Het NRC schrijft ook hier klakkeloos over wat Frank van der Linde beweert. Er wordt op geen enkele manier door het NRC onderzoek gedaan.
  • Het NRC vermeldt niet waarom Burgemeester Eberhard van der Laan van Amsterdam de “Schreibtisch Täter” Frank van der Linde in een de-radicaliserings-programma heeft gestopt. Frank was namelijk op een gegeven moment al doorgedrongen tot het huis van de burgemeester, tijdens een zogenaamde “Joods-Marokkaanse Dialooggroep”. Enkele deelnemers van de dialooggroep hebben de burgemeester op de werkelijke achtergrond van Frank van der Linde gewezen. Frank werd toen uit de dialooggroep gezet. (Zie ook de foto hierboven)

De acties van Frank van der Linde gingen zelfs zover, dat overtuigde anarchisten als Krijtje van der Stoep (echte naam bij mij bekend) afstand namen, zoals in onderstaande chat te zien is.

Frank van der Linde heeft zijn “One Minute of Fame” weer even gehad. Intussen dringt de Bijstandsambtenaar erop aan, dat hij eindelijk weer eens werk moet gaan zoeken. Dat zou toch wel het beste voor iedereen zijn.

Openbaar Ministerie vervolgt Jihad vlag niet

Op 6 juni 2021 vond op de Dam te Amsterdam een pro-Palestina demonstratie plaats. Afgezien van enkele incidenten, waarbij een Israëlische vlag gestolen werd en omstanders bedreigd, vond er nog een opmerkelijke overtreding plaats. In de demonstratie werd een Palestijnse-of Fatah- vlag getoond, met op de achterkant een jihad vlag. Zie eerste foto.

De vlag van de Jihad bestaat uit een zwart veld met in witte letters de sjahada: de islamitische geloofsbelijdenis. Verder is het zwart een verwijzing naar de eindstrijd, waarin het eindgevecht tussen gelovigen en ongelovigen plaats zal vinden en waarin de gelovigen eveneens de zwarte vlag zullen voeren.

De Joodse activist Michael Jacobs heeft aangifte van het dragen en tonen van een jihad vlag gedaan. De vlag werd ter plekke door de politie in beslag genomen. De politie heeft enige tijd de vlag kunnen bestuderen en met andere vlaggen vergelijken, maar kwam in de week van 28 juni tot de conclusie, dat er geen strafbaar feit was gepleegd en dat er niet vervolgd gaat worden. Er werd letterlijk gezegd en geschreven dat de vlag niet als jihad vlag was herkend.
Deze seponering is opmerkelijk, aangezien in andere gevallen, onder andere in juli 2014 in de Haagse Schilderswijk, op de Dam in Amsterdam en in september 2014 in Hoorn, deze zwarte vlag met de islamitische geloofsbelijdenis in witte Arabische letters, wel als “Isis-vlag” werd herkend. De vlag werd zowel door Isis als door terreurgroep Al Qaida gebruikt.

Het is opmerkelijk, dat de pro-Palestijnse demonstraties, die naar aanleiding van de Gaza oorlog van mei 2021 werden gehouden, niet alleen door de moslimbroederschap wordt beïnvloed, maar dat er nu ook salafistische symbolen als de Isis -of jihad-vlag worden meegedragen. De pro-Palestijnse groepen als DocP, BDS Nederland, The Rights Forum of het al oudere Palestina Komitee, nemen geen enkele afstand van dit vlaggenvertoon. Alles wat islamtisch- en tegen Israël is, keuren zij goed.

De vraag is, of de vlaggenzwaaiers door de rechter vervolgd kunnen worden. De jihad vlag is namelijk niet exclusief van Isis of Al Qaida, maar een algemene islamitische vlag met een geloofsbelijdenis. De bedoeling van de dragers van de vlag is duidelijk , maar is het strafrechtelijk verboden?

Ans Boersma heeft een plank voor haar kop

De Nederlandse journaliste Ans Boersma werkte tot 2019 voor verschillende media in Turkije. Terwijl ze in een autobus naar haar werk reed, werd ze aangesproken door een Syrische man en werd verliefd. In een poging hem naar Nederland te halen, vulde ze de immigratiepapieren voor een toeristenvisum in. Daar schreef ze, dat haar vriend een zakenman was en zelf in zijn onderhoud kon voorzien. Dat was een leugen.

In 2019 doet Nederland een rechtshulpverzoek aan Turkije, omdat justitie met Ans Boersma wil praten, in verband met de verdenking dat haar vriend een leider van de terreurgroep Jabhat al-Nusra, in Syrië is. Hij wordt verdacht van het plegen van 19 moorden. Ans Boersma wordt onmiddellijk Turkije uitgezet. In de maanden erna verliest zijn al haar journalistieke zzp-werk. Zelfs een baan als docente mag ze niet langer uitvoeren.  

Nu heeft de rechtbank haar op 3 juni veroordeeld, wegens valsheid in geschrifte. Ze handelde volgens de rechtbank “achteloos en opportunistisch”. Ze krijgt geen verdere straf opgelegd, omdat ze alles al kwijt is. Haar vriend Aziz A., beter bekend onder de naam “Balieterrorist”, omdat hij tijdens een debat in de Balie door slachtoffers werd herkend, wordt later berecht.

Wie krijgt er nu de schuld? Wie heeft er schuld in deze onverkwikkelijke zaak? De Balieterrorist omdat hij aan de Syrische burgeroorlog deel heeft genomen? Ans Boersma omdat de grenzeloos naïef is geweest? De Nederlandse justitie, omdat ze ook op een andere manier met Ans Boersma in contact had kunnen komen? Turkije, omdat het een Nederlandse journalist uitwijst? Allemaal fout gedacht. De clichématige en seksistische media hebben het volgens Ans Boersma gedaan, omdat de media “in een frame stappen en er niet meer uitstappen”.

Ans gaf uitgerekend aan Fréderike Geerdink een interview, dat werd afgedrukt in het journalistenblad Villamedia van de Nederlandse Vereniging voor Journalisten. Fréderike Geerdink werd op 6 januari 2015 enkele uren vastgehouden in de Turks-Koerdische stad Diyarbakır op verdenking van terroristische propaganda voor de PKK. Is allemaal met een sisser afgelopen, maar Geerdink weet dus waar ze het over heeft. Verder is iedereen verkeerd bezig, volgens Ans Boersma. Het asielbeleid is fout. De journalisten die “trappen in een frame”. Het personeelsbeleid van kranten, waardoor ze geen werk meer heeft. Maar ze laat het er niet bij zitten. Ze “moet misschien het heft weer in eigen hand nemen”. Ze “heeft zich verstopt om zich te beschermen tegen voortdurende aanvallen . Misschien is het tijd weer stevig te gaan staan in mijn werk. Mezelf weer zichtbaar te maken als journalist”, aldus Ans Boersma.

Ik neem het Ans Boersma kwalijk, dat ze geen enkel berouw toont. Er kan geen sorry af, tegenover de Nederlandse publieke veiligheid die ze in gevaar heeft gebracht, door haar valsheid in geschrifte. Een enorme plank voor haar kop. Ik ben benieuwd waar ze straks nog terecht kan.