communicatie, ICT, media, blog en publicatie

terrorismeCategory Archives

Het vuil, de jungle en dan de dood

Thomas Hofland

Op 16 december 2022 stierf de oprichter van de Communistische Partij Filipijnen (CPP), José Maria Sison, op drieëntachtig jarige leeftijd, na een jarenlang asiel in Nederland, in een Utrechts ziekenhuis. Sison was tevens oprichter van de terreurorganisatie New People’s Army (NPA), dat op zijn hoogtepunt 26.000 strijders in de Filipijnse jungle onder de wapenen had. In 1977 werd Sison opgesloten en kwam in 1987, na zijn vrijlating naar Nederland.

Mohammed Khatib van Samidoun

In Nederland werd de strijd op afstand verder gevoerd. Zo werden in 1990 in Zurich nog anderhalf miljoen valse dollarbiljetten in beslag genomen, die mogelijk van José Maria Sison afkomstig waren en bedoeld voor het Filipijnse jungle-leger. De overige tijd van 1990 tot de huidige dag werd gebruikt voor het bestrijden van tegenstanders en het in hoger beroep gaan om een verblijfstatus te bemachtigen. Sison werd in 2008 nog van zijn bed gelicht na de verdenking dat hij opdracht tot drie moorden zou hebben gegeven. Daarvoor bleek te weinig bewijs. Sison noemde zich bij die gelegenheid ’een denker, geen vechter.’

Een opmerkelijk dieptepunt in de relatie met de Nederlandse staat ondervond Sison op dinsdag 13 augustus 2002, toen van de ene op de andere dag zijn bankrekeningen werden geblokkeerd. Hij bleek op de terreurlijst te staan en dat betekent: geen bankverkeer, geen betaalpasjes, geen verzekeringen, geen reispapieren. ,,Van de ene op de andere dag was ik blut, dakloos en mijn bewegingsvrijheid kwijt”, vertelde Sison destijds aan het NRC.

Thomas van Beersum is weer van de partij

De velen vragen zich af wat de Filipijnse strijd, behalve de opmerkelijke overéénkomstige klank, nou met Palestijnse strijd te maken heeft. Bij vele manifestaties van PFLP mantelorganisatie Samidoun zien we zowel Arabieren, Nederlanders als ook Filipijnen. De voormalige strijder van de “Studenten voor Rechtvaardigheid in Palestina”, Thomas van Beersum, was half Filipijns. Zijn vriend Said R. had destijds in 2014 een Filipijnse vriendin.

Een andere overéénkomst is de financiering van de gewapende strijd door activisten in ballingschap. Zo werd tegelijkertijd met José Maria Sison, ook de Palestijnse stichting Al Aqsa in 2003 op de terreurlijst gezet en kon in Nederland lange tijd niet opereren. Hamas-fondsenwerver Amin Abou Rashed moest schielijk een andere stichting oprichten en zet zijn financiële activiteiten nog steeds voort. Daarbij worden humanitaire doelen mogelijk gemengd met andere financiering. Vermoedelijk worden Filipijnse- en Arabische ballingen in Nederland gedwongen een deel van hun geld af te staan.

Samidoun-International bestuurslid Thomas Hofland was uit zijn Amstelveense studentenflat nedergedaald om met gebalde vuist afscheid van de Filipijnse communistenleider Sison te nemen. Ook overige leden van Samidoun waren aanwezig. Mohammed Khatib, de Europese leider van Samidoun, hield een toespraak. Zelfs SRP-veteraan Thomas van Beersum, die tegenwoordig in de Kwantum-reclame met kerstbomen acteert, bewees de oude strijder de laatste eer.

De marxistisch-leninistische praktijk van Samidoun lijkt de laatste tijd op een doden-cultus. Vorig jaar waren de leden al helemaal naar Libanon afgereisd om de vijftig jaar geleden uit zijn auto geblazen PFLP-terrorist Ghassan Kanafani te herdenken en verder houden ze zich vooral bezig met de doden die in Israël en de bezette gebieden vallen. Van een echte gewapende strijd komt het God zij dank tot nog toe in West-Europa niet.

Als zelfs de Noord-Korea-adept Dermot Hudson in zijn lijfblad Morning Star een lans voor de oude gevelde reus breekt, dan mogen we met recht uitroepen:”Met deze vrienden heeft José Maria Sison geen vijanden meer nodig!!”

Dermot Hudson eert José Maria Sison

Digitale Opsporingsmethoden

Lasius fuliginosus

Waar is de tijd gebleven, toen rechercheurs van de politie nog de mierenlijkjes van het type Lasius fuliginosus van een laars van de verdachte moesten schrapen en door middel van het raadplegen van een mierendeskundige aan konden tonen, dat de verdachte in het bos was geweest, waar het lijk was gevonden. Voorbij, voorbij die tijd. Tegenwoordig moeten de opsporingsambtenaren een ICT-cursus volgen , om nog bij de tijd te blijven. Vier voorbeelden.

1) Dode vrouw in Zeeland
Niemand weet wie de doodgeschoten vrouw is, die in de zomer van 2019 in een groenstrook in het dorp Westdorpe (Zeeuws-Vlaanderen) wordt gevonden. Tot in Roemenië worden foto’s verspreid, maar goede raad is duur. Pas twee jaar later wordt de moord opgelost. De echtgenoot van de vrouw sterft en dan blijkt, dat ze nooit als vermist is opgegeven. DNA-analyse toont aan dat deze vrouw uit Duinkerken (Frankrijk) dezelfde is als de vermoorde vrouw in Westdorpe.

Nog opmerkelijker dan het DNA onderzoek is, dat de politie nog kentekens en telefoonnummers van mensen die twee jaar eerder de grens zijn overgestoken, kan achterhalen. Niet alleen de loggegevens van mobiele telefoons worden zo lang bewaard, ook de kentekens kunnen automatisch met camera’s uitgelezen worden en zo lang bewaard.

De boven ons gestelde autoriteiten weten dus waar je twee jaar geleden was. In dit geval worden deze technieken constructief gebruikt en kunnen de rechercheurs aantonen, dat de echtgenoot van de vermoorde vrouw op de plaats delict is geweest.

2) De Tramschutter

“haatdemocraat” Gökmen Tanis

Gökmen Tanis pleegde op 18 maart 2019 op het 24 Oktoberplein te Utrecht, één van de ernstigste terroristische aanslagen tot nog toe in Nederland uitgevoerd. Hij schoot op die dag in een tram drie mensen dood en verwonde er zeven. De aanslag vond plaats om 10:45 en Gökmen werd al om even over zessen in Utrecht opgepakt. Hoe heeft de opsporing zo snel kunnen gaan?

Gökmen was naar het huis van een vriend aan het Oudenoord te Utrecht gevlucht. Hij logde om 18:00 uur in voor internetbankieren bij zijn bank, op een mobiele telefoon die hij van een vriend had geleend. Onmiddellijk daarna wist de politie waar hij was. Een opmerkelijk opsporingsresultaat, dat alleen door geautomatiseerde digitale opsporing mogelijk is.

Technisch gezien, kan deze actie alleen met een zogenaamde “notifier” zijn uitgevoerd. De politie was op de hoogte van de naam van Gökmen en heeft alle banken verzocht de “notifier” bij zijn naam aan te zetten. Dat zijn reeds bestaande automatismen, die een signaal geven zodra de betreffende persoon inlogt. Direct na het inloggen heeft de opsporingsbeambte het eenduidige IP-adres van het apparaat waar ingelogd is. Daarna moet de telekom-provider bekend maken van wie het apparaat is. In dit geval een mobiele telefoon. Daarna moet de telefoon gelokaliseerd worden. We bedenken ook, dat het intussen al avond geworden was. De systeembeheerders zaten al aan het diner.

Normaal gesproken zou zo’n heel proces van IP-adres naar locatie, dagen zo niet weken lang duren. In dit geval was het resultaat al na enkele minuten bekend. Het kan niet anders dan dat dit tijdens een terreur-alarm geoefend is. Bovendien zijn alle systemen, van banken, telekomproviders en internetbedrijven blijkbaar gekoppeld. Ook hier merken we weer op, dat het doel in dit geval de middelen heiligt, maar we hopen dat dit soort technologie niet in handen van een dictatuur valt.

3) Derk van Wiersum

MAC adres

De aanslag op advocaat Derk van Wiersum op 18 september 2019, werd zorgvuldig voorbereid, maar heel slordig uitgevoerd. De politie beschikte al kort na de moord over videobeelden van auto’s die de weken ervoor in de buurt van het huis van van Wiersum waren geweest. De moordenaars maakten de eerste fout door de bestelauto, waarmee ze gevlucht waren, niet meteen in de fik te steken. Bovendien bleef één van de moordenaars in de auto rijden. De bestelbus beschikte over een Bluetooth communicatiesysteem met een eenduidig MAC-adres. Bij één van de verkeerslichten van Almere werd dit MAC-adres opgevangen, waardoor de politie wist, dat de auto in Almere moest zijn. In en aan de auto werden DNA sporen gevonden van Derk van Wiersum gevonden.

Opmerkelijk detail van deze opsporing is, dat er blijkbaar detectieapparaten aan verkeerslichten hangen. Normaal gesproken worden deze apparaten gebruikt om files te registreren. Nu kan de politie er ook over beschikken. Goed dat de daders zo snel werden opgespoord. We moeten echter wel bedenken dat de detectieapparaten nooit meer weg gaan. In de toekomst weten de machtigen der aarde precies waar je bent en met welke auto.

Plaats delict in de Lange Leidse dwarsstraat

4) Peter R de Vries

Na de moord op Peter R. de Vries op 6 juli 2021 beschikte de politie al meteen over videobeelden en een deel van het kenteken van de vluchtauto. Hoe is het mogelijk, dat de auto met vermoedelijke daders en het moordwapen al een uur later staande werd gehouden?

De politie noemt een medewerker die “pas was begonnen te werken” als degene die door een zogenaamd “SQL-statement” de identiteit van de auto wist te achterhalen. Camera’s op de snelweg konden daarna al snel zien waar de auto reed en de rest is geschiedenis. Die opéénvolging en combinatie van bestaande technieken is een enorme vooruitgang in de opsporingsmethodes. Ik geloof eerlijk gezegd het toeval van een nieuwe collega die de techniek van SQL-statements heeft geleerd niet. Volgens mij bestaan er al geautomatiseerde systemen, waar de politieagent bijvoorbeeld alleen een deel van een kenteken en de kleur van de auto hoeft in te tikken en de mogelijke combinaties rollen er al meteen uit.

BTW teruggave


De automatische kentekenregistratie werd aanvankelijk alleen door de belastingdienst gebruikt op autowegen om te controleren of bedrijfsauto’s ook privé werden gebruikt. Nu is dit kentekenregistratiesysteem blijkbaar al in de criminele opsporing ingebed. Ook bij de opsporing van de moordenaars van Peter R. de Vries zijn de technieken al bekend, maar is de snelheid van opsporing alleen door automatisering en koppeling van de systemen mogelijk.

De nieuwere technieken van automatische gezichtsherkenning en “Artificial Intelligence” maken een doorstroom van persoonsinformatie, zonder tussenkomst van menselijk ingrijpen mogelijk. Ook als je geen auto gebruikt en je mobieltje weggooit, kan je door over een druk bevolkt plein te lopen, door camera’s opgepikt worden en daarna jouw naam aan de bevoegde autoriteiten doorgegeven worden. Ik vraag mij echter alleen af, waarom de overheid niet alle processen zo kundig en vakbekwaam automatiseert. Ik zit nu al een maand op mijn BTW-teruggave te wachten. Kan daar ook even een stagiair met SQL diploma op gezet worden?

Brechtje Vossenberg maakt zich schuldig

Advocatenkantoor Prakken d’Oliveira, bij monde van Brechtje Vossenberg, klaagt CIDI zowel civielrechtelijk- als strafrechtelijk aan, vanwege gepubliceerde artikelen over NGO Al Haq en de directeur Shawan Jabarin. Al Haq en de directeur worden door CIDI met de terreurgroep PFLP in verbinding gebracht. Wat zijn de bewijzen en wat zit er achter?

jekyll and hyde

Bij rechtszaken die over opinies gaan, moet de rechter een afweging tussen het recht van vrijheid van meningsuiting aan de ene kant en de rechten, de eer en goede naam van de beschreven persoon of organisatie, aan de andere kant maken. De vrijheid van meningsuiting is niet oneindig en aan de andere kant moeten publieke personen veel over hun kant laten gaan. Je kan dus niet zomaar naar de rechter stappen als je het met en column of krantenartikel niet eens bent.

De EAJG-voorman Hajo Meijer kreeg van de Duitse rechter geen gelijk, toen hij in de rechtbank de columnist Henryk Broder aanklaagde. Voortaan mogen we, na het oordeel van de Duitse rechter, dus het stempel ‘antisemiet’ op de inmiddels overleden anti-Israël-strijder plakken.

De columnist Hugo Brandt Corstius vergeleek minister Ruding in één van zijn columns met de nazi Eichmann en werd vrijgesproken. Toch zou in de huidige tijd niemand minister Rüding een nazi willen noemen. Het gaat er niet om, of het naar oordeel van de rechter waar is, maar het gaat er om, of je het mag opschrijven. Als een linkse columnist in een gesubsidieerd grachtengordelkrantje zo iets beweert, dan mag het.

PFLP terrorist Ziyad Hmeidan

Het zal dus voor advocatenkantoor Prakken d’Oliveira nog heel moeilijk worden bij de rechter gelijk te krijgen en CIDI te laten veroordelen. In een opiniërend artikel mag nu eenmaal veel meer dan in andere intermenselijke communicatie. Het gaat Prakken d’Oliveira dan ook helemaal niet om de waarheid of om werkelijk menselijk leed. Het gaat er om CIDI te intimideren en het leven moeilijk te maken.

Welke bewijzen heeft CIDI?
Sinds het jaar 2009 wordt directeur Shawan Jabarin in Nederlandse kranten met terrorisme en de PFLP geassocieerd. In dat jaar mocht de zogenaamde ‘mensenrechtenactivist’ Israël niet verlaten om in Nederland de Geuzenpenning in ontvangst te nemen. Israël beschouwt deze man al jaren als veiligheidsrisico. In het Haarlems Dagblad van 9 maart 2009 wordt Shawan Jabarin geciteerd: “Jabarin maakt er geen geheim van dat hij in zijn jeugd actief was in de studentenbond van het marxistische Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP), een PLO-splinter die bekend is geworden door vliegtuigkapingen en andere terreuracties. Hij zegt dat hij al lang zijn banden met het PFLP heeft verbroken, maar vindt daar in Israël weinig gehoor voor. “

In een interview met Guus Valk in het NRC van 10 maart 2009 staat: “In totaal”, rekent Jabarin na, “heb ik acht jaar in Israëlische gevangenissen gezeten. Israël probeert me het werken ook buiten de gevangenis zo moeilijk mogelijk te maken. Dat ik een gevaar zou zijn voor de veiligheid van Israël, is geen rationeel argument. Dan zouden ze juist blij moeten zijn dat ik even in Europa zit.”

Bij een eventuele rechtszaak zal advocaat Brechtje Vossenberg moeten bewijzen, dat Shawan Jabarin een nette onomstreden man is, die helemaal verbaasd was, opeens een terrorist genoemd te worden. Na deze artikelen in Nederlandse kranten kan zij dat niet meer aantonen. Het is een omstreden man, die al vanwege zijn lidmaatschap van de PFLP in de gevangenis heeft gezeten.

Jabarin krijgt nog een ander verwijt te verduren. Hij zou drie voormalige PFLP-terroristen voor zijn organisatie Al Haq hebben geworven. Dat verwijt staat in de brochure “Terrorists in Suits” (terroristen in nette pakken) van het Israëlische ministerie van public affairs en diplomacy. Shawan Jabarin wordt in deze brochure maar liefst 19 keer genoemd. Onder andere met de volgende passage:

Al-Haq and its ties to the PFLP terrorist organization. (page 36)

Al-Haq, an NGO which is one of the leaders of the campaign to promote
boycotts and the delegitimization of Israel, is led by Shawan Jabarin, a former
senior operative of the Popular Front for the Liberation of Palestine terrorist
group, who has served several prison sentences due to his terrorist activity.
Al-Haq has partnerships with a range of Palestinian and European NGOs which
also promote BDS. Jabarin, Al-Haq’s General Director, employs at the NGO other
former PFLP operatives who have also served prison sentences”
other Al-Haq employees with ties to PFLP:

A. “Ziyad Muhammad Shehadeh Hmeidan – Hmeidan worked at Al-Haq
from 1996 or earlier until 2017 as the Director of the Skills and Training
Department. He was arrested in 1996 and again between 2005-2007 for
illegal military activity in the PFLP. The 2006 warrant for the extension of
his administrative detention stated that Hmeidan “was closely affiliated
with terrorist operations in the Popular Front for the Liberation of
Palestine. The confidential evidence provided reliably demonstrates
that the threat the respondent poses is yet to pass… Examination of the
detainee’s character shows that it is fair to assume that the threat the
respondent poses will not decrease in the coming months.”

C. Zahi Abdul Hadi Muhammad Jaradat – Jaradat has been working for
Al-Haq for several years and is responsible for operations, management,
fundraising and the NGO’s budget. He was arrested several times in the
past for military activities in the PFLP between 1988-1992.”

D. Majed Omar Daud Abbadi – Abbadi worked at Al-Haq for several years
until 2016 as Project and Planning Director. He was arrested in the early
1990s for his activities in the PFLP.

De aanklachten tegen CIDI passen in een hele reeks acties en rechtszaken van advocatenkantoor Prakken d’Oliveira, tegen Israël en tegen personen en organisaties die met Israël te maken hebben. Vaak worden deze aanvallen samen met Al Haq en het NRC uitgevoerd. Brechtje Vossenberg maakt zich schuldig aan ‘lawfare’, de voortzetting van de terroristische strijd met andere middelen; “Lotta Continua” !

De ‘Lawfare’ van kantoor Prakken d’Oliveira

De advocaten Brechtje Vossenberg en Liesbeth Zegveld gaan er weer heel hard tegenaan. De aangifte tegen CIDI, wegens het benoemen van feiten over de Palestijnse NGO Al Haq en haar directeur Shawan Jabarin, kwam afgelopen maandag 28 november 2022 hard op het dak gevallen.

Wolf in schaapskleren

De civiele- en strafrechtelijke aanklacht van het geëngageerde advocatenkantoor, betreft uitingen in de CIDI nieuwsbrief in mei en juni van dit jaar. CIDI bestempelde daarin mensenrechtenorganisatie Al Haq en directeur Shawan Jabarin als ’terroristisch’. Dat mag volgens de advocaten en hun cliënt niet. Smaad, laster, onrechtmatige daad, en noem maar op.

De aangifte komt niet op een willekeurig tijdstip. Alle CIDI stafleden zijn op een studiereis naar Israël en op dit moment is het moeilijk de artikelen in de CIDI nieuwsbrief te rectificeren of een weerwoord te plaatsen. Bovendien organiseert CIDI op dit moment een reis voor politieagenten naar Israël en dat is tegen het zere been van de “üblichen Verdächtigen”, BDS en Rights Forum. Het moment van aangifte is zorgvuldig gekozen. De advocaten tonen daarmee aan dat dit een activistische aangifte is en bedoeld om CIDI te intimideren.

Liesbeth Zegveld

Het is niet de eerste keer, dat advocatenkantoor Prakken d’ Oliveira op deze activistische ‘lawfare’ manier optreedt. Ties Prakken zelf staat natuurlijk al bekend als advocaat van RAF- en RARA-verdachten. Britta Böhler, van hetzelfde advocatenkantoor, verdedigde Volkert van der Graaf tijdens het proces wegens moord op Pim Fortuyn. Dat mag je een advocaat nooit aanrekenen, want ook terroristen hebben een advocaat nodig. Als een advocaat zich echter hoofdzakelijk met activistische- en zinloze aangiftes gaat bezighouden, alleen maar om de tegenstander te schaden, dan mogen we daar wel wat kanttekeningetjes bij plaatsen.

In het jaar 2020 dienden Liesbeth Zegveld en Lisa-Marie Komp van advocatenkantoor Prakken d’Oliveira, namens de Palestijn Ismail Ziada een aanklacht tegen de Israëlische generaals Gantz en Eshel in bij de rechtbank in Den Haag. Bij een bombardement waren zes familieleden omgekomen. Volgens de advocaten is het bombarderen van het huis onder internationaal recht verboden en een oorlogsmisdaad. Ziada eiste compensatie voor de door hem geleden materiële en immateriële schade van ruim 535 duizend euro, plus vergoeding van de proceskosten. Natuurlijk verklaarde de rechtbank zich niet ontvankelijk, omdat de oorlog in Gaza plaats had gevonden en niet in Nederland.

Als lid van de ‘Raad van Advies’ van het Dries van Agt Rights Forum, laat Liesbeth Zegveld vaak van zich horen. Zo drong ze er in 2020 nog bij de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken op aan de “Gaza-blokkade” op te heffen. Zo’n actie is alleen bedoeld om de relatie tussen Israël en Nederland te verstoren en weer eens met de Palestijnse zaak in het nieuws te komen.

Ties Prakken in de rechtszaak tegen Wilders

In oktober 2018 keerde Liesbeth Zegveld zich nog samen met andere ‘prominenten’ tegen de ontruiming van bedoeïenendorp Khan al-Ahmar en noemde dat een ‘oorlogsmisdaad’. Maar deze advocaat is wel hoogleraar War Reparations (oorlogsherstel) aan de UVA!

Liesbeth Zegveld behartigde, samen met Brechtje Vossenberg, ook de belangen van de nabestaanden van twee van de Molukse treinkapers bij De Punt in 1977 tegen de Staat der Nederlanden. De rechtbank in Den Haag oordeelde hierover in juli 2018 dat het optreden van de mariniers tegen de treinkapers naar behoren was. Je moet maar durven, om negentien dagen lang een trein met passagiers te gijzelen en dan nog klagen dat je dood geschoten wordt!

In een volgend artikel wil ik ingaan op de concrete beschuldigingen tegen CIDI. Hier wil ik volstaan met een uitleg over het hoe en waarom van de activistische advocatuur. Willem Duyvendak ( de broer van) heeft, als hoogleraar politicologie, diverse artikelen over de nieuw sociale bewegingen geschreven en komt tot de conclusie dat actiegroepen en politieke bewegingen die geen vertegenwoordiging bij vakbonden en politieke partijen vinden, hun politieke doelen door middel van demonstraties, blokkades en in dit geval politiek gemotiveerde rechtszaken, proberen te bereiken. Het optreden van Ties Prakken tijdens de rechtszaak tegen Geert Wilders spreekt wat dat betreft boekdelen.

De haat tegen Israël en de acties voor Palestijnen hebben in het Nederlandse politieke bestel (nog) geen enkele invloed. Nederland is ingebed in de Europese Unie en de NATO en heeft geen enkele belang bij een eigen koers ten opzichte van Israël. Voor de Nederlandse bevolking is het een ver van mijn bed show. Daarom proberen de activisten dit soort achterlijke rechtszaken zonder enige kans van slagen aan te spannen. Pro-Pal-activisten zijn de afgelopen jaren wel doorgedrongen tot ‘het middenveld’ zoals kranten, sociale academies, universiteiten en musea, maar hebben vooralsnog geen enkele politieke macht kunnen veroveren. In dat opzicht is het een vierenvijftig jaar oude verloren strijd. De oude generatie palestino’s zal binnenkort uitsterven zonder ook maar iets bereikt te hebben.

Samidoun en de terreur

De Duitse afdeling van de Palestijnse gevangenenorganisatie Samidoun flirt openlijk met West-Europese- en Turkse-terreurgroepen, zoals RAF, FAI en DHKP-C.

Dat Samidoun een mantelorganisatie van de Palestijnse terreurgroep PFLP is, dat is al erg genoeg. Nu blijkt dat de liefde voor geweld nog veel verder gaat.

Alfredo Cospito

De strategie van Samidoun Deutschland is dezelfde als destijds die van de sympathisanten van de Duitse herfst in de jaren zeventig. De gevangenen beginnen een hongerstaking en vervolgens wordt er gemobiliseerd rond het thema “Isolationshaft” en “Streng gevangenisregime”. Nu wordt er opgeroepen tot solidariteit met Alfredo Cospito, vanwege de “extreme isolation (41bis regime)”.

Bij alle communicatie rond gevangenen en in de solidariteitsoproepen wordt er eigenlijk nooit bij verteld, wat de geachte revolutionair nu eigenlijk uitgespookt heeft. Alfredo Cospito van de Italiaanse anarchistische organisatie FAI, werd samen met Nicola Gai in 2012 opgepakt op verdenking van het in de knieën schieten van de directeur van een atoomenergiebedrijf. Nicola Gai loopt al weer twee jaar vrij rond, maar Alfredo Cospito doet er nog even een schepje bovenop, door tegen het gevangenisregime in opstand te komen.

Wat de aanslag op een directeur met de strijd van het Palestijnse volk te maken heeft is niet geheel duidelijk, maar de jongens en meisjes van Samidoun trekken wel meer conclusies die voor de buitenwereld ondoorgrondelijk zijn. De strategie is niet nieuw.

Özgül Emre

Vorig jaar werd ook solidariteit betuigd met, Özgül Emre, de Turkse jpurnaliste die lid van een terreurgroep bleek te zijn en in Duitsland vastzit. Ook hier wordt het hele pallet aan gevangenenstrijd ten tonele gevoerd: hongerstaking, strenge isolering, weigeren een gevangenisuniform te dragen. Emre werd in Duitsland gearresteerd op grond van paragraaf §129b StGB. Dat houdt in dat leden van buitenlandse terreurgroepen in Duitsland veroordeeld kunnen worden. Emre behoort tot de gewapende groep “DHKP-C (The Revolutionary People’s Liberation Party-Front)”, een opvolger van DevSol. De groep voert in Turkije bomaanslagen uit.

Graf van Andreas Baader

Eerder liet Samidoun Duitsland al blijken over een sterk revolutionair geheugen te beschikken door de dood van de RAF-terroristen Baader, Ennslin en Raspe, op 18 oktober 1977 te gedenken. Hun opa’s en oma’s willen die “revolutionaire strijd” zo snel mogelijk vergeten, maar Samidoun is nooit te beroerd om er nog even een plasje over te doen.

Dat brengt ons tot de observatie, dat Samidoun Deutschland, als het gaat om Israël en de Palestijnen, eigenlijk nauwelijks slagkracht heeft. De leiders Khaled Barakat en Charlotte Kates zijn wegens antisemitische uitingen uitgewezen en mogen Duitsland en de EU voorlopig niet meer betreden. In plaats daarvan houdt Samidoun Deutshland zich nu bezig met het ondersteunen van terreurgroepen in Turkije en Italië en het herinneren aan de zwartste bladzijde in de naoorlogse Duitse geschiedenis.

In Nederland blijft de Samidoun-organisatie nog steeds intact, met het hoofdkantoor op de studentenflat in Uilenstede. Hoe lang nog?



Bericht van het revolutionaire front

Demonstratie van Samidoun

Al twee jaar fulmineer en waarschuw ik tegen de radicale mantelorganisatie van de PFLP in Nederland: Samidoun. Tijdens de laatste Massenkundgebung, nota bene op het Plein 40-45 te Amsterdam, kwamen er echter dermate weinig revolutionairen opdagen, dat ik aan mijzelf begon te twijfelen. Misschien was ik muggen op olifanten aan het schieten en was de revolutionaire pro-pal-beweging minder sterk in Nederland dan ik aanvankelijk dacht.

Afgelopen dinsdag 25 oktober 2022 gebeurde er iets onverwachts. De leiders van Samidoun, Charlotte Kates en Khaled Barakat werden op Schiphol tegengehouden en terug naar Canada gestuurd. Khaled Barakat was al eens Duitsland uitgewezen vanwege antisemitische- en opruiende taal. In Schengen geldt dan de regel dat je ook andere landen niet binnen mag.

In Brussel wordt intussen door de nieuwe Palestijnse beweging “Palestinian Alternative Revolutionary Path Movement, Masar Badil”, de gehele week een “March for Return and Liberation” gehouden. Khaled Barakat is één van de oprichters van deze beweging.

Masar Badil heeft als doelstelling een “democratische seculiere staat in het gehele voormalige Palestijnse Mandaatsgebied” op te richten. De strijdmethodes ten einde dit doel te bereiken, kunnen ook de gewapende strijd bevatten. Aangezien Khaled Barakat wordt gezien als een hooggeplaatste leider van het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP), mogen we ons geen illusies over de vreedzaamheid van deze beweging maken.

Intussen hebben zich in Duitsland gewelddadige elementen meester van de Samidoun/Masar Badil- beweging gemaakt. Op 18 oktober 2022, de vijfenveertigste verjaardag van de dood van Andreas Baader, Gudrun Ennslin en Jan Carl Raspe in Stammheim, vonden ze het nodig deze Duitse terroristen ook nog even te eren.

PFLP Propaganda in Duitsland

De consequente houding van deze revolutionairen en de viering van deze verjaardag zal niet iedereen duidelijk zijn. In de jaren zeventig van de vorige eeuw werkte de Europese stadsguerilla nauw met de PFLP samen. In Nederland hield dat in, dat delen van het Palestina Komitee, de Rode Hulp en de Rode Jeugd in Jemen in guerilla-technieken getraind werden.

Mijn leven met de Federatie van Vrije Socialisten

De afgelopen jaren heb ik op deze website en op het keesjemaduraatje blog veel over extreem-links en andere extremistische organisaties geschreven. Sinds 2005 is helemaal niemand op het idee gekomen, dat deze belangstelling misschien iets met mijzelf te maken zou kunnen hebben. Alleen de emeritus hoogleraar Meindert Fennema wierp mij voor, dat ik in mijn jonge leven zoveel fouten had gemaakt, dat ik waarschijnlijk nu boete en rekenschap wilde afleggen. Dat zou de reden kunnen zijn, dat ik het boek “Vijftig Jaar Palestina Komitee” had geschreven. Tijd dus, om nu eindelijk een boekje open te doen en open kaart te spelen.

Tijdens mijn middelbare schooltijd in Castricum was ik al op het anarchistische tijdsschrift De Vrije Socialist geabonneerd. Nadat ik in 1978 naar de Amsterdamse staatsliedenbuurt was verhuisd, ten einde op de VU, culturele antropologie te studeren, meldde ik mij meteen aan bij het in het tijdschrift vermeldde contactadres van de Federatie van Vrije Socialisten.

Monument voor Jo de Haas

Ik vervoegde mij op een middag op een adres in de Amsterdamse Quellijnstraat en stommelde een steile trap op. Op de derde verdieping aangekomen, was de genoemde contactpersoon stomverbaasd dat ik voor de Federatie van Vrije Socialisten kwam, want die was opgeheven en bovendien bestond die niet meer en wat had ik er te zoeken. Dat was voor mij een bittere teleurstelling, want tenslotte waren de woelige jaren zestig al mij voorbij gegaan en bevond ik mij in de saaie jaren zeventig. Nu ging de serieuze anarchistische organisatie Federatie van Vrije Socialisten ook nog aan mijn neus voorbij.

Ik herinnerde mij, dat ik in 1976 op de veerboot van Sheerness naar Vlissingen, de oude provo Robert Jasper Grootveld was tegengekomen. Die vertelde mij bij die gelegenheid, dat de Provo’s op een gegeven moment zichzelf anarchisten waren gaan noemen. Daarop werd het groepje rond Rob Stolk en Roel van Duijn bij de officiële organisatie van anarchisten ontboden om te vragen wat dat te betekenen had en om te onderzoeken of ze wel door de ballotage commissie zouden komen. Deze Vrije Socialisten werden door Robert Jasper als, “de dames en heren anarchisten” beschreven. Tegenover het adres op de Quellijnstraat had Rob Stolk een drukkerij, zodat ik in de tien jaar daarna nog regelmatig met de ex-Provo heb kunnen converseren. Hij was nog steeds kritisch over de Federatie die hij als zijnde “arbeideristisch” beschouwde.

De weken na mijn eerste kennismaking met de officiële organisatie van het anarchisme, belde ik vanaf de telefooncel op het van Limburg Stirumplein regelmatig met mijn anarchistische contactpersoon, en na lang aandringen kreeg ik dan de datum van een vergadering in een zaaltje in de Bethaniëndwarsstraat. Daar ben ik heen gegaan en heb de contacten gelegd die de tien jaren daarna mijn leven drastisch hebben bepaald. Aangekomen bij het zaaltje, natuurlijk precies op tijd, want gereformeerd en uit de provincie, maakte ik kennis met de gewoonte van Amsterdamse activisten altijd te laat te komen. Bovendien was er niet voor sleutels gezorgd, zodat we naar een privé-woning op de Nieuwmarkt moesten uitwijken.

Kampeerterrein tot vrijheidsbezinning

Pas tijdens Pinksteren 1979 kreeg ik de mogelijkheid op de camping “Tot Vrijheidsbezinning” kennis te maken met het “Noordelijk Gewest van Vrije Socialisten”. Ieder jaar gingen de dames en heren anachisten, waar ik inmiddels ook toe behoorde, in een busje of met de trein, helemaal naar Appelscha, om tijdens de Pinksterlanddagen ons in het extreem-linkse gedachtegoed onder te dompelen. De vrijheidsbezinning was slechts beperkt tot de vrijheid van de staat en vrijheid van dienstplicht, maar strekte zich niet tot alle segmenten van het leven uit. De oude garde van de Federatie was streng geheelonthouder, zodat er geen drank en drugs op het terrein werden getolereerd. Voor de Amsterdamse harde kern van anarchisten was dat een reden om buiten het kamp, in een afgelegen dal, te kamperen. Op een gegeven moment ondervonden we meer tolerantie van de regelmatig opduikende boswachter, dan van de oude leden van het Noordelijk Gewest.

Een opmerkelijk detail waar ik in het licht van de huidige diversiteits- en klimaathysterie nog op wil wijzen is, dat er in die jaren gewoon met vlees werd gekookt en ik zelf daar, veel mensen willen dit niet geloven, de enige vegetariër was. Dit principe, en mijn geheelonthouding, werd door de Amsterdamse anarchisten met gehoon begroet. Je kan je serieus afvragen waarom ik niet gewoon met de antropologen naar de kroeg ging en waarom ik mij zo nodig met het thema anarchisme wilde bezighouden. Over sommige dingen moet je niet nadenken.

Dit alles ter inleiding van een serie artikelen die ik op dit blog de komende tijd wil schrijven en die de Federatie van Vrije Socialisten in de periode van 1955 tot en met 1978 beslaat. De aanleiding is een inzageverzoek bij de AIVD over de federatie, hetgeen beloond is met zeven zip-bestanden vol met informatie. Ik heb dit inzageverzoek niet zelf gedaan, maar het is wel van de AIVD-website te downloaden. Om alvast een voorproefje te geven. De BVD en later AIVD hebben sinds de jaren vijftig jaarlijks een lijst met extremistische organisaties gemaakt. De Federatie van Vrije Socialisten staat ook op de lijst en werd dan ook sinds 1955 in de gaten gehouden. Ik was dus een extremist en dat is ook wel eens leuk om te vertellen.



Samidoun marcheert op een leeg plein

Een politieman komt naar me toe, om te vragen namens wie ik op het verder uitgestorven Plein’40-’45 sta. Nadat ik mij netjes voorgesteld heb en aan beide politieagenten een hand gegeven heb, wordt mij medegedeeld, dat het programma van de Samidoun-demonstratie veranderd is en dat er straks, na een korte toespraak, naar het Mercatorplein gelopen zal worden.

Zondag 10 juli 2022; Plein ’40-’45; Samidoun

Op dat moment staan er precies zeven Samidoun-aanhangers op het plein, begeleid en in de gaten gehouden, door elf politieagenten en twee motoragenten. Ik vraag aan de politieagent of het voor de demonstranten niet verstandiger is op het plein te blijven staan, omdat het een zielig gezicht is, als zeven mensen nu gaan lopen demonstreren op straat. De hele actie, waarover schriftelijke gemeenteraadsvragen gesteld zijn en waarop het gemeentebestuur geantwoord heeft, dat er geen redenen zijn de verering van PFLP-woordvoerder Ghassan Kanafani en de herdenking van zijn eliminatie in 1972, een halt toe te roepen, dreigt nu in het water te vallen. “Een storm in een glas water”, geef ik tegenover de politieman te kennen.

Ierse vlag
De demonstranten worden bijgestaan door een delegatie van de Rotterdamse Rode Morgen waarvan één van de leden een Ierse vlag bij zich draagt. Ik kan dit vlaggenvertoon niet meteen duiden. Aanvankelijk denk ik nog dat het een vlag van Ivoorkust is, maar ook daar zie ik geen revolutionaire connectie.

Afbeeldingen van Georges Ibrahim Abdallah

Georges Ibrahim Abdallah
Nadat ik op Twitter al enkele foto’s van de demonstratie heb gedeeld, ontstaat een kleine storm van Twitter-verontwaardiging, over het tonen van de afbeelding van Georges Ibrahim Abdallah, tijdens de demonstratie. Deze Arabische communistische terrorist werd in 1984 in Frankrijk, tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld, wegens het vermoorden van een Amerikaanse- en een Israëlische diplomaat. Het is natuurlijk opvallend, dat de Palestijnse gevangenenorganisatie Samidoun uitgerekend voor de vrijlating van deze moordenaar demonstreert.

Jacob Bodden oefent zijn communicatieve vaardigheden

Gebrek aan steun
Behalve te observeren welke vlaggen en afbeeldingen er meegedragen worden, analyseer ik ook wat er tijdens de demonstratie niet te zien is. Anderhalf jaar geleden werd de sektarische groep Samidoun nog aangevoerd door de kunstenares Yasmin Achmed, uit Ierland. Deze keer liet ze echter verstek gaan, hetgeen mogelijk een aanduiding voor ruzie in de tent is.

De lage opkomst laat ook een gebrek aan integratie met andere pro-Palestijnse groepen zien. De Hamas-fondsenwerver Amin Abou Rashed demonstreerde een jaar geleden nog met Samidoun mee. Op de Dam in Amsterdam is te zien, dat zelfs Simon Vrouwe geen Samidoun-vlag meer draagt. Andere “usual suspects” zoals Gustav Drayer en José van Leeuwen blijven ook van deze manifestatie weg. Samidoun blijft geheel weg van de humanitaire kant van de Palestijnse beweging en richt zich geheel op het vereren en vrij laten van echte terroristen van de PFLP (Popular Front for the Liberation of Palestine). De hard-core proPal activisten vinden dát zelfs te ver gaan. Bovendien zijn er bij Samidoun geen “echte” Palestijnen betrokken, zodat een beroep op het authentieke principe van “All You Can Eat Palestinism” geheel ontbreekt.

Thomas Gerhard Hofland; From the River to the Sea

Van Rivier tot aan de Zee
Thomas Gerhard Hofland stond weer heel trots met zijn spandoek “From The River To The Sea” te zwaaien. Ook acht jaar studie politicologie heeft hem nog doen inzien, dat deze eis volkomen irrationeel is en zeker in combinatie met het vereren, dan wel vragen om vrijlating van, terroristen van de PFLP. Israël is intussen militair zo sterk geworden en de banden met omringende landen zo strak aangehaald, dat Israël gewoon zegt: “Kom vechten dan!”

Bodden
Jacob Bodden heeft in de laatste anderhalf jaar zijn retorische vaardigheden aanmerkelijk verbeterd en hield de eerste toespraak. Het is zonde om een jonge man met zoveel muzikale talenten te zien afglijden en ten prooi te zien vallen aan een sektarische leider, die niets met zijn leven kan doen dan op stille pleinen een onbereikbaar ideaal na te streven. Geen enkele Palestijn heeft er iets aan en helemaal niemand in Libanon weet nog wie Ghassan Kanafani is. De jonge Jacob Bodden begin er echter wel steeds ongelukkiger uit te zien.


Na een uur hield ik het wel voor gezien en verliet het verlaten Plein ’40-’45. Of de dames en heren revolutionairen nog naar het Marcatorplein zijn gemarcheerd, dat weet ik niet. Dat lezen we ongetwijfeld wel weer op een obscure Canadese website.

Dossiers over Samidoun en PFLP

De afgelopen weken heb ik veel over de Palestijnse gevangenen-organisatie Samidoun en over de “Kanafani-verering” geschreven. Hieronder zie je alle documenten en blogs bij elkaar.

Wie was Ghassan Kanafani (PFLP) (1936-1972)
Over de PFLP woordvoerder Ghassan Kanafani en het Nederlandse Palestina Komitee
Slachtoffer, dader en icoon
PFLP-mantelorganisatie Samidoun
De studentenflat in Amstelveen….
Samidoun Canada
De voorzitter van Samidoun: Charlotte Lynne Kates
Solidarity Movement : Joe Catron
Weggejaagd uit Duitsland
Problemen in Frankrijk
Revolutionaire studenten in Nederland
Thomas Gerhard Hofland in the picture
De ideologie van Samidoun en de PFLP
Demonstreren op Plein ’40-’45; een provocatie?
Mag Samidoun in Amsterdam demonstreren?

Kanafani in Nederland

Ghassan Kanafani heeft de Palestino-beweging in Nederland, door geëlimineerd te worden, een grote dienst bewezen. De anti-imperialistische beweging kan deze leider van de PFLP hierdoor tegelijkertijd als literair talent, slachtoffer van het zionisme, als ook strijdbare strijder presenteren. Het is slechts weinig iconen gegeven op die manier te eindigen en tegelijkertijd in de herinnering voort te leven.

Algemeen Dagblad 10-09-1977

De persoon Ghassan Kanafani wordt al direct na zijn dood, veroorzaakt door een autobom in Beiroet, geëerd door het Nederlandse Palestina Komitee. Zijn gedichten worden gepubliceerd en er wordt en reeks brochures naar hem genoemd. Tot op de dag van vandaag kunnen in de Nederlandse bibliotheken werken uit de “Ghassan-Kanafani-reeks” geleend worden. Door deze verering ontstaat ook een paradox, omdat het Nederlandse Palestina Komitee altijd heeft geprobeerd zich van het Popular Front for the Liberation of Palestine (PFLP) te distantiëren.

Het Medisch Komitee Palestina, dat in de jaren zeventig nauw met het Palestina Komitee verbonden was, zond activisten naar Libanon om in de Arabische vluchtelingenkampen medisch te helpen. In Libanon kwamen deze leden met het PFLP in aanraking. De revolutionaire taal en het gezwaai met AK-47-geweren en vlaggen maakte grote indruk op linkse studenten uit Nijmegen en Utrecht. Gegeven het feit dat het PFLP in die periode nauwe contacten met de Rote Armee Fraktion (RAF) onderhield en probeerde vaste voet in West-Europa te zetten, was deze ontwikkeling gevaarlijk. Er dreigde zelfs voor een korte tijd een scheuring in het Palestina Komitee.

De verering van Ghassan Kanafani, vanwege zijn martelaarschap en zijn schrijverij, begint in Nederland ongeveer vijf jaar na zijn dood. Zijn boeken worden uitgebracht en er worden lezingen over hem gehouden. Toch resulteert die ophemeling de tweeëntwintig jaar na zijn dood tot slechts 31 publicaties in Nederlandse kranten. Dat aantal is inclusief de feitelijke beschrijving van de eliminatie. We mogen hopen dat het vijftigjarig jubileum van de dood van de terrorist niet tot een nieuwe golf van verering leidt. Ook dit artikel is helaas te veel eer voor iemand die voor de dood van vele onschuldige burgers verantwoordelijk wordt gehouden.

Boeken over Ghassan Kanafani

In al die artikelen en herdenkingen wordt de Israëlische geheime dienst Mossad verantwoordelijk gehouden voor het opblazen van de auto van Ghassan Kanafani. Het nadeel van die theorie is, dat de Mossad nooit een visitekaartje bij geëlimineerde personen achterlaat. Daardoor is het curieus te constateren, dat uitgerekend bij deze aanslag een visitekaartje van de Israëlische ambassade in Kopenhagen gevonden werd. Als je dan bij deze zoektocht betrekt, dat de vrouw van Ghassan kanafani een Deense activiste was, dan kan je niet aan de indruk onttrekken, dat er ook nog hele andere oorzaken voor de ontploffing te bedenken zijn. Een door het PFLP gemaakte briefbom zou ook de oorzaak kunnen zijn. (Limburgsch dagblad 10-07-1972)

Het leven en de dood van Ghassan Kanafani moet wel in een historisch perspectief besproken worden. In 1972 was nog sprake van dekolonisering, waarbij over de gehele wereld nationale gewapende bevrijdingsstrijd plaats vond. We denken aan Vietnam, Angola en Mozambique. De leiders van de PLO en PFLP probeerden met hun vliegtuigkapingen en moordpartijen de indruk te wekken, dat ook hier in het Midden-Oosten zo’n bevrijdingsstrijd plaats vond. Tel daar de bewondering voor gewapende intellectuelen die sterven, zoals Che Guevara, bij op en een mogelijke verklaring voor de Kanafani-verering is geschapen. Tegelijkertijd wilde de leiding va het Palestina Komitee niet de indruk wekken aanhangers van de RAF te zijn, waardoor de distantie weer wordt ingezet. Dode terroristen hebben als voordeel, dat je van alles aan het imago kan hangen, zonder dat zij terug kunnen praten of nog werkelijk gevaarlijk kunnen zijn.

Hoe anders is deze verering in de huidige tijd. De Sovjet-Unie en de DDR, die dit soort terreurgroepen in de jaren zeventig nog steunden, bestaan niet meer. De anti-imperialistische strijd is vanwege het gebrek aan te dekoloniserende kolonies gestaakt. Het socialisme is dood en wij voelen onszelf ook niet helemaal lekker. Na de aanslagen van 11 september 2001 en de terreur van Al Qaida en Islamitische Staat van de afgelopen twintig jaar, is de heimelijke verering van terroristische aanslagen wel tot een nulpunt gedaald. Je moet echt wel tot een heel eng wereldvreemd clubje van marxistisch-leninisten, zoals Samidoun of Revolutionaire Eenheid behoren om dit soort acties nog goed te praten of Ghassan Kanafani te vereren.

Het graf van Kanafani (2022)

De Duitse filosoof Karl Marx heeft eens geschreven, dat historische gebeurtenissen eerst plaats vinden als tragedie, maar vervolgens als klucht terugkeren. Dat zien wij ook bij de aanbidding van Ghassan Kanafani. De vroegere vliegtuigkaapster Leila Khaled, die met een vuistje omhoog naast de bejaarde voorzitter van het Palestina Komitee staat en daarbij ook nog gefotografeerd wordt, wekt bij mij geen haat meer op, maar wel medelijden. Hetzelfde geldt voor studenten op de Vrije Universiteit, die menen dat het met messen en zelfgemaakte bommen aanvallen van burgers een revolutionaire daad voorstelt. Je mag alleen maar hopen dat ze later nog een baantje als politicoloog of antropoloog op een universiteit kunnen krijgen, zodat ze hun hele verder leven de tijd hebben hun inktzwarte zonden te overdenken.