communicatie, ICT, media, blog en publicatie

Versnipperde pro-Pal demonstraties

Het lijkt wel alsof de Gazaoorlogen steeds korter duren. Een jaar geleden had het Israelische leger in de campagne “Bewaker van de muren” twintig dagen nodig om orde op zaken te stellen. In 2022 waren de strategische doelen al na twee dagen bereikt.


De Pro-Palestijnse beweging heeft nauwelijks tijd voor een grote mobilisatie. Massa demonstraties zoals in 2014 en 2018 bleven dan ook uit. Een andere oorzaak voor de versnippering is, dat elke clubje voor zichzelf lijkt te demonstreren. Amin Abou Rashed demonstreerde met zijn Hamas-aanhangers op het Beursplein. De jongens en meisje PFLP aanhangers stonden met Samidoun op het Plein 40/45. Dorien Ball (BDS) riep met de belachelijk leuze “Tegen de bezetting van Palestina door Israel”, tot een demonstratie op het Jaarbeursplein te Utrecht op .

Biddende handen op het Beursplein
Islamitische eisen aan de demo op het Jaar beursplein

Een bijkomstige tegenvaller qua eenheid en opkomst, was de weigering van de Islamitische vrouwen, om samen met mannen te demonstreren. Ze eisen een gescheiden organisatie en islamitische inhoud.

Deze waarnemingen en mijn conclusies, zijn een breuk met het all-you-can-eat palestinisme van de afgelopen jaren. Extreem-Links demonstreerde samen met de moslimbroeders. SP en Groenlnks sloten zich zonder problemen aan. De invloed van de Palestijnse beweging op democratisch links schijnt voorbij te zijn.

Woordenboek van het conflict

Bijna had ik als titel “Woordenboek van het Israëlisch-Palestijnse conflict gebruikt”, maar daarmee had ik al weer twee woorden gebruikt waar de twee kampen in “Het Conflict” aanstoot aan hadden kunnen nemen. Aanstoot geven is het laatste wat ik wil. Woorden doen ertoe in het conflict. Door elkaars termen te ontkennen en dus niet te gebruiken, laat je zien waar je staat. Ik had ook kunnen schrijven “Midden-Oosten conflict”, maar dat dekt niet de lading van het conflict. Het gaat over dat hele kleine stukje aarde, waar iedereen zich mee schijnt te moeten bemoeien en waar de afgelopen 150 jaar wel veel gebeurd is, maar toch qua polarisatie niet veel veranderd is. Je denkt toch niet werkelijk dat de zogenaamde “human right consultants” en de specialisten in “internationaal recht” zich ook maar één minuut over het uitmoorden van Jezidi’s in Syrië zorgen hebben gemaakt, of dat ze petities ondertekenen die de rechten van koptische christenen in Egypte willen waarborgen? Nee, het is geen Midden-Oosten-conflict. Er gebeuren in het Midden-Oosten heel veel vreselijke dingen, maar wat er in Israël gebeurt, dat staat in het brandpunt van de belangstelling van journalisten, activisten en academici. Woorden doen er in dit conflict toe en over woorden gaan we het hier hebben.

Westelijke Jordaanoever

05-01-1939 CIN

Zionisten gebruiken de term Westelijke Jordaanoever niet, omdat ze het als een Jordaanse term beschouwen. Het eigenlijke gebied ligt aan de kant van buurland Jordanië. Als er een Westelijke Jordaanoever is, is er ook een Oostelijke Jordaanoever. Dat zou betekenen dat dit stukje land ten westen van de Jordaan wederrechtelijk en door toeval aan Israël is toegevoegd, terwijl Judea voor zionisten de kern van het Joodse gebied is.

Ik heb het uitgezocht en nu blijkt in mijn ogen, dat de zionisten deze keer geen gelijk in hebben. Wie op delpher.nl de term “Westelijke Jordaanoever” opzoekt, zal lezen dat deze term reeds op 05-01-1939 in het Centraal blad voor Israëlieten in Nederland, werd gebruikt. De term heeft dus niet direct met de zesdaagse oorlog in 1967 te maken, maar werd reeds voor de stichting van de staat Israël gebruikt.

De volgende keer dat de term Westelijke Jordaanoever in de Nederlandse pers wordt gebruikt, is pas in 1951, maar nog vóór de verovering van de gehele Westelijke Jordaanoever in 1967. Intussen wordt er al door Syrië op de “Westelijke Jordanoever” geschoten. (NIW 30-03-1951). Blijkbaar wordt dat kleine stukje land ten westen van de Jordaan, in Galilea ook al “Westelijke Jordaanoever” genoemd.

Judea en Samaria

Het Nederlandsche dagblad (19-07-1900)

De term “Judea en Samaria” wordt in het jaar 1900, dus nog voor de oprichting van het Britse Mandaat voor Palestina, in het Nederlands Dagblad genoemd in verband met zending. Nu wordt de term in Israël als alternatief voor “Westelijke Jordaanoever” gebruikt, Wie Judea en Samaria zegt of schrijft, staat in het conflict aan de kant van Israël.

Palestina
Wat is Palestina? Waar is Palestina? Het gebruik van de term Palestina om een land of staatkundige eenheid aan te duiden wordt steeds lachwekkender, ware het niet dat er in het Midden-Oosten niks te lachen valt. Het gebruik van woorden is dodelijk en laat zien waar je staat. Het gebruik van de term “Palestina” of “Palestijnen” kan urenlange discussies opleveren en dat wil je niet. Als een gerespecteerde hoogleraar, die nog het voorwoord van mijn geruchtmakende boek “Vijftig Jaar Palestina Komitee” heeft geschreven, onlangs nog aankondigt op reis naar “Palestina” te zijn, kan ik het niet nalaten te vragen waar of dat land dan precies volgens hem ligt.

Staatkundig
Staatkundig gezien zou je kunnen aanvoeren dat, sinds de in 1993 gesloten Oslo-Akkoorden, onder Palestina verstaan wordt: Een kleine enclave bij Ramallah, bestuurd door de Palestijnse Autoriteit, enkele stroken land op de Westelijke Jordaanoever, die met de termen Gebied A en Gebied B worden aangeduid en daarnaast de door Hamas geregeerde Gaza-strook. Over de status van Jeruzalem-Oost wordt nog gedebatteerd. Omdat de Oslo-akkoorden geen vervolg of gevolg hebben gekregen en er op dit moment niet verder onderhandeld wordt, is de vraag “Waar ligt Palestina?” een brandend thema. Door de verdeeldheid onder de Palestijnen, in een Fatah-kamp en een Hamas-kamp, ligt het niet in de verwachting dat deze vraag in de nabije toekomst door de drie partijen naar tevredenheid zal worden beantwoord. Intussen bedoelen de pro-Palestijnse activisten in Nederland met het gebruik van de term “Palestina” en hele voormalige Mandaatsgebied Palestina en eigenlijk zeggen ze, dat Israël niet mag bestaan.

Ordinaris dingsdaeghse courante op 29-01-1658,

Landstreek Palestina
In de Nederlandse gedrukte media wordt de term Palestina voor het eerst in de Ordinaris dingsdaeghse courante op 29-01-1658, dus kort na het ontstaan van Nederland als staatkundige eenheid, gebruikt. “…en sijnen Broeder alhier seer qualijcken daer over achter den rugge is lakende) een Manifest laten uytgaen , waer in hy bewijsen wil dat den ontlijfden Monaldesque sijne Coninginne verraden, en haere geheymenisse hem aenvertrouwt andere ontdeckt , ende geopenbaert heeft gehad, doch doet weynigh vruchts , want als dees verlede dagen den Prinse van Palestina Barbarino in de voorplaetse van sijn Hoff , een paert sagh toemaecken, en de kennisse kreeg sulcx den voornoemden Santinel li toebehoorde , gelasten dadelijcken sulcx uyt te bren gen , met dese woorden, hy geen paert in sijn Hoff be–
geerden te dulden , ’t geene een onwaerdigh Cavalier ende des Beuls broeder toebehoorde.”

Het Ottomaanse rijk

Het Ottomaanse rijk regeerde van 1299 tot 1922 gebieden rond de  Middellandse zee. Het gebied rond Jeruzalem werd tussen 1512 en 1520 door Selim I veroverd. Soevereine staten zoals we die nu kennen, bestonden nog niet. De term Palestina moet in deze periode als aanduiding van een landstreek rond Jeruzalem beschouwd worden.

Het Britse Mandaat voor Palestina (1918-1948)
Als de pro-Palestijnse activisten allerlei postzegels, bankbiljetten en landkaarten met “Palestina” laten zien en daarmee willen aantonen, dat het huidige Israël op het grondgebied van een imaginair land “Palestina” is gebouwd, dan hebben ze het over het Britse Mandaat voor Palestina dat na de val van het Ottomaanse rijk door de Volkerenbond is aangewezen om het gebied te besturen. Er heeft dus wel ooit een staatkundige eenheid Palestina ( 1918-1948) bestaan, maar dan wel bestuurd door Groot-Brittannië en niet als zelfstandig Arabisch land. In deze periode hebben Arabische leiders wel een Arabisch nationalisme geformuleerd, maar die aspiraties waren niet gericht op een zelfstandige Arabische staat met de naam Palestina. Veel meer bestond het Arabische streven eruit de Joden en de Britten uit het land te verwijderen. Sinds 1947 hebben de Arabische leiders keer op keer het aanbod van een zelfstandig land Palestina afgewezen. Daardoor is de term Palestina een mythische term zonder enige inhoud gebleven.

Palestijnen
Met de term “Palestijnen” is iets heel vreemds aan de hand. Vóór de stichting van de staat Israël in 1948 werden hiermee namelijk bewoners in de landstreek Palestina aangeduid. Dat kunnen zowel Joden als Arabieren zijn. In de Nederlandse kranten wordt zelfs geen onderscheid gemaakt. In het Nieuw Israelietisch weekblad van 05-02-1897 wordt de term “Palestijnen” voor het eerst gebruikt in de volgende context:

EINDHOVEN, 31 Jen. De vereeniging „Hagnosas Ourgim” alhier vergaderde gisterenavond onder presi-
dium van den heer P. de Heer. De penningmeester. De heer Mathias Elias, bracht verslag uit omtrent den
financieele toestand des genootschaps, die gunstig bleek te zijn. Uit het verslag van den secretaris, den
heer M. Staal, vernamen wij, dat in het jaar 1836 op 24e bons is bedeeld een bedrag ad f 502.70 en wel
aan 99 personen verdeeld over de volgende nationaliteiten 68 Nederlanders, 13 Duitschers, 9 Russen, t
Oostenrijkers, 2 Turken, (Palestijnen), 2 Franschen, 1 Uteu en 1 Belg. Bedeeld werden 29 personen één
maal, 36 pers. 2 m. 13 pers. drie m., 27 pers. 4 m. Bestuurderen hadden den dank der vergadering in
ontvangst te nemen voor hun accuraat beheer.
Algemeen Handelsblad van 09-07-1930

Niet alleen worden de Palestijnen hier onder de categorie Turken geschaard, maar ook nog in een Joodse context.

In het Algemeen Handelsblad van 09-07-1930 wordt opnieuw term “palestijnen in een Joodse context gebruikt, als het gaat over deelnemers aan een sportwedstrijd in Antwerpen.


De term “Palestijnse Arabieren” in Nederlandse kranten

Lieneke Woltjer
Zelfs L.M.C. (Lieneke) Woltjer-Van der Hoeven Leonhard, waar de pro-Palestijnse Leonhard-Woltjer Stichting naar genoemd is, gebruikte de term “Palestijnen” niet op de manier zoals nu bij kranten en activisten gebruikelijk is. Omdat zij haar activisme in de jaren vijftig begon, benoemde zij “Palestijnse Arabieren”, dus Arabieren uit de landstreek Palestina. De term Palestijnen in de zin van authentiek onderdrukt volk dat van zijn grondgebied beroofd werd, is pas na 1964, dus na de oprichting van de PLO en ruim zestien jaar na het oprichten van de staat Israël, als mythe geïntroduceerd

Gebruik van het woord “Palestijnen” sinds 1964

Palestina Comité
Zelfs het woord “Palestina Comité” bestond vóór 1969 uitsluitend in een Joodse- en zionistische context. Aanvankelijk wordt dit woord gebruikt om een groep mensen aan te duiden, die vanuit Nederland het zionistische ideaal van het stichten van een Joodse staat in de landstreek-, later mandaatsgebied-, Palestina willen bevorderen.

Palestina Comité in Nederlandse kranten

Zionistische entiteit
Voor de fundamentalistische Palestina-aanhanger is het zelfs te veel om de term “Israël” te gebruiken. “Zionistische entiteit” is een pejoratieve term die met name in de Arabische wereld wordt gebruikt om de staat Israël mee aan te duiden. De term drukt een vijandigheid uit jegens Israël en een ontkenning van het bestaansrecht van Israël als staat.
Het gebruik van de term gaat terug tot 1917, toen een prediker aan de Al-Taqwah moskee in Algerije de term gebruikte naar aanleiding van de Balfour-verklaring. Hij voorzag dat de Balfour-verklaring het pad zou effenen naar de oprichting van een Zionistische entiteit in ‘het hart van het land van de islam’.

Tot 1967 werd de naam Israël in de pers van de Arabische wereld vrijwel niet gebruikt; tegenwoordig gebruiken media als Al Jazeera en Al-Ahram de term Israël echter wel, zowel in de Arabische versie als de Engelstalige versie van de website. In het Nederlandse taalgebied wordt de term Zionistische entiteit gehanteerd door de Arabisch-Europese Liga en op de extreemrechtse website Stormfront.

In oktober 2020 baarde de Syrische president Assad groot opzien, door het woord “Israël” te gebruiken, in plaats van “Bezet Palestina” of “Zionistische entiteit”. Waarnemers zien daarin de aanzet tot een mogelijk vredesakkoord.


Samidoun marcheert op een leeg plein

Een politieman komt naar me toe, om te vragen namens wie ik op het verder uitgestorven Plein’40-’45 sta. Nadat ik mij netjes voorgesteld heb en aan beide politieagenten een hand gegeven heb, wordt mij medegedeeld, dat het programma van de Samidoun-demonstratie veranderd is en dat er straks, na een korte toespraak, naar het Mercatorplein gelopen zal worden.

Zondag 10 juli 2022; Plein ’40-’45; Samidoun

Op dat moment staan er precies zeven Samidoun-aanhangers op het plein, begeleid en in de gaten gehouden, door elf politieagenten en twee motoragenten. Ik vraag aan de politieagent of het voor de demonstranten niet verstandiger is op het plein te blijven staan, omdat het een zielig gezicht is, als zeven mensen nu gaan lopen demonstreren op straat. De hele actie, waarover schriftelijke gemeenteraadsvragen gesteld zijn en waarop het gemeentebestuur geantwoord heeft, dat er geen redenen zijn de verering van PFLP-woordvoerder Ghassan Kanafani en de herdenking van zijn eliminatie in 1972, een halt toe te roepen, dreigt nu in het water te vallen. “Een storm in een glas water”, geef ik tegenover de politieman te kennen.

Ierse vlag
De demonstranten worden bijgestaan door een delegatie van de Rotterdamse Rode Morgen waarvan één van de leden een Ierse vlag bij zich draagt. Ik kan dit vlaggenvertoon niet meteen duiden. Aanvankelijk denk ik nog dat het een vlag van Ivoorkust is, maar ook daar zie ik geen revolutionaire connectie.

Afbeeldingen van Georges Ibrahim Abdallah

Georges Ibrahim Abdallah
Nadat ik op Twitter al enkele foto’s van de demonstratie heb gedeeld, ontstaat een kleine storm van Twitter-verontwaardiging, over het tonen van de afbeelding van Georges Ibrahim Abdallah, tijdens de demonstratie. Deze Arabische communistische terrorist werd in 1984 in Frankrijk, tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld, wegens het vermoorden van een Amerikaanse- en een Israëlische diplomaat. Het is natuurlijk opvallend, dat de Palestijnse gevangenenorganisatie Samidoun uitgerekend voor de vrijlating van deze moordenaar demonstreert.

Jacob Bodden oefent zijn communicatieve vaardigheden

Gebrek aan steun
Behalve te observeren welke vlaggen en afbeeldingen er meegedragen worden, analyseer ik ook wat er tijdens de demonstratie niet te zien is. Anderhalf jaar geleden werd de sektarische groep Samidoun nog aangevoerd door de kunstenares Yasmin Achmed, uit Ierland. Deze keer liet ze echter verstek gaan, hetgeen mogelijk een aanduiding voor ruzie in de tent is.

De lage opkomst laat ook een gebrek aan integratie met andere pro-Palestijnse groepen zien. De Hamas-fondsenwerver Amin Abou Rashed demonstreerde een jaar geleden nog met Samidoun mee. Op de Dam in Amsterdam is te zien, dat zelfs Simon Vrouwe geen Samidoun-vlag meer draagt. Andere “usual suspects” zoals Gustav Drayer en José van Leeuwen blijven ook van deze manifestatie weg. Samidoun blijft geheel weg van de humanitaire kant van de Palestijnse beweging en richt zich geheel op het vereren en vrij laten van echte terroristen van de PFLP (Popular Front for the Liberation of Palestine). De hard-core proPal activisten vinden dát zelfs te ver gaan. Bovendien zijn er bij Samidoun geen “echte” Palestijnen betrokken, zodat een beroep op het authentieke principe van “All You Can Eat Palestinism” geheel ontbreekt.

Thomas Gerhard Hofland; From the River to the Sea

Van Rivier tot aan de Zee
Thomas Gerhard Hofland stond weer heel trots met zijn spandoek “From The River To The Sea” te zwaaien. Ook acht jaar studie politicologie heeft hem nog doen inzien, dat deze eis volkomen irrationeel is en zeker in combinatie met het vereren, dan wel vragen om vrijlating van, terroristen van de PFLP. Israël is intussen militair zo sterk geworden en de banden met omringende landen zo strak aangehaald, dat Israël gewoon zegt: “Kom vechten dan!”

Bodden
Jacob Bodden heeft in de laatste anderhalf jaar zijn retorische vaardigheden aanmerkelijk verbeterd en hield de eerste toespraak. Het is zonde om een jonge man met zoveel muzikale talenten te zien afglijden en ten prooi te zien vallen aan een sektarische leider, die niets met zijn leven kan doen dan op stille pleinen een onbereikbaar ideaal na te streven. Geen enkele Palestijn heeft er iets aan en helemaal niemand in Libanon weet nog wie Ghassan Kanafani is. De jonge Jacob Bodden begin er echter wel steeds ongelukkiger uit te zien.


Na een uur hield ik het wel voor gezien en verliet het verlaten Plein ’40-’45. Of de dames en heren revolutionairen nog naar het Marcatorplein zijn gemarcheerd, dat weet ik niet. Dat lezen we ongetwijfeld wel weer op een obscure Canadese website.

Samidoun mag zondag demonstreren

Dossiers over Samidoun en PFLP

De afgelopen weken heb ik veel over de Palestijnse gevangenen-organisatie Samidoun en over de “Kanafani-verering” geschreven. Hieronder zie je alle documenten en blogs bij elkaar.

Wie was Ghassan Kanafani (PFLP) (1936-1972)
Over de PFLP woordvoerder Ghassan Kanafani en het Nederlandse Palestina Komitee
Slachtoffer, dader en icoon
PFLP-mantelorganisatie Samidoun
De studentenflat in Amstelveen….
Samidoun Canada
De voorzitter van Samidoun: Charlotte Lynne Kates
Solidarity Movement : Joe Catron
Weggejaagd uit Duitsland
Problemen in Frankrijk
Revolutionaire studenten in Nederland
Thomas Gerhard Hofland in the picture
De ideologie van Samidoun en de PFLP
Demonstreren op Plein ’40-’45; een provocatie?
Mag Samidoun in Amsterdam demonstreren?

Kanafani in Nederland

Ghassan Kanafani heeft de Palestino-beweging in Nederland, door geëlimineerd te worden, een grote dienst bewezen. De anti-imperialistische beweging kan deze leider van de PFLP hierdoor tegelijkertijd als literair talent, slachtoffer van het zionisme, als ook strijdbare strijder presenteren. Het is slechts weinig iconen gegeven op die manier te eindigen en tegelijkertijd in de herinnering voort te leven.

Algemeen Dagblad 10-09-1977

De persoon Ghassan Kanafani wordt al direct na zijn dood, veroorzaakt door een autobom in Beiroet, geëerd door het Nederlandse Palestina Komitee. Zijn gedichten worden gepubliceerd en er wordt en reeks brochures naar hem genoemd. Tot op de dag van vandaag kunnen in de Nederlandse bibliotheken werken uit de “Ghassan-Kanafani-reeks” geleend worden. Door deze verering ontstaat ook een paradox, omdat het Nederlandse Palestina Komitee altijd heeft geprobeerd zich van het Popular Front for the Liberation of Palestine (PFLP) te distantiëren.

Het Medisch Komitee Palestina, dat in de jaren zeventig nauw met het Palestina Komitee verbonden was, zond activisten naar Libanon om in de Arabische vluchtelingenkampen medisch te helpen. In Libanon kwamen deze leden met het PFLP in aanraking. De revolutionaire taal en het gezwaai met AK-47-geweren en vlaggen maakte grote indruk op linkse studenten uit Nijmegen en Utrecht. Gegeven het feit dat het PFLP in die periode nauwe contacten met de Rote Armee Fraktion (RAF) onderhield en probeerde vaste voet in West-Europa te zetten, was deze ontwikkeling gevaarlijk. Er dreigde zelfs voor een korte tijd een scheuring in het Palestina Komitee.

De verering van Ghassan Kanafani, vanwege zijn martelaarschap en zijn schrijverij, begint in Nederland ongeveer vijf jaar na zijn dood. Zijn boeken worden uitgebracht en er worden lezingen over hem gehouden. Toch resulteert die ophemeling de tweeëntwintig jaar na zijn dood tot slechts 31 publicaties in Nederlandse kranten. Dat aantal is inclusief de feitelijke beschrijving van de eliminatie. We mogen hopen dat het vijftigjarig jubileum van de dood van de terrorist niet tot een nieuwe golf van verering leidt. Ook dit artikel is helaas te veel eer voor iemand die voor de dood van vele onschuldige burgers verantwoordelijk wordt gehouden.

Boeken over Ghassan Kanafani

In al die artikelen en herdenkingen wordt de Israëlische geheime dienst Mossad verantwoordelijk gehouden voor het opblazen van de auto van Ghassan Kanafani. Het nadeel van die theorie is, dat de Mossad nooit een visitekaartje bij geëlimineerde personen achterlaat. Daardoor is het curieus te constateren, dat uitgerekend bij deze aanslag een visitekaartje van de Israëlische ambassade in Kopenhagen gevonden werd. Als je dan bij deze zoektocht betrekt, dat de vrouw van Ghassan kanafani een Deense activiste was, dan kan je niet aan de indruk onttrekken, dat er ook nog hele andere oorzaken voor de ontploffing te bedenken zijn. Een door het PFLP gemaakte briefbom zou ook de oorzaak kunnen zijn. (Limburgsch dagblad 10-07-1972)

Het leven en de dood van Ghassan Kanafani moet wel in een historisch perspectief besproken worden. In 1972 was nog sprake van dekolonisering, waarbij over de gehele wereld nationale gewapende bevrijdingsstrijd plaats vond. We denken aan Vietnam, Angola en Mozambique. De leiders van de PLO en PFLP probeerden met hun vliegtuigkapingen en moordpartijen de indruk te wekken, dat ook hier in het Midden-Oosten zo’n bevrijdingsstrijd plaats vond. Tel daar de bewondering voor gewapende intellectuelen die sterven, zoals Che Guevara, bij op en een mogelijke verklaring voor de Kanafani-verering is geschapen. Tegelijkertijd wilde de leiding va het Palestina Komitee niet de indruk wekken aanhangers van de RAF te zijn, waardoor de distantie weer wordt ingezet. Dode terroristen hebben als voordeel, dat je van alles aan het imago kan hangen, zonder dat zij terug kunnen praten of nog werkelijk gevaarlijk kunnen zijn.

Hoe anders is deze verering in de huidige tijd. De Sovjet-Unie en de DDR, die dit soort terreurgroepen in de jaren zeventig nog steunden, bestaan niet meer. De anti-imperialistische strijd is vanwege het gebrek aan te dekoloniserende kolonies gestaakt. Het socialisme is dood en wij voelen onszelf ook niet helemaal lekker. Na de aanslagen van 11 september 2001 en de terreur van Al Qaida en Islamitische Staat van de afgelopen twintig jaar, is de heimelijke verering van terroristische aanslagen wel tot een nulpunt gedaald. Je moet echt wel tot een heel eng wereldvreemd clubje van marxistisch-leninisten, zoals Samidoun of Revolutionaire Eenheid behoren om dit soort acties nog goed te praten of Ghassan Kanafani te vereren.

Het graf van Kanafani (2022)

De Duitse filosoof Karl Marx heeft eens geschreven, dat historische gebeurtenissen eerst plaats vinden als tragedie, maar vervolgens als klucht terugkeren. Dat zien wij ook bij de aanbidding van Ghassan Kanafani. De vroegere vliegtuigkaapster Leila Khaled, die met een vuistje omhoog naast de bejaarde voorzitter van het Palestina Komitee staat en daarbij ook nog gefotografeerd wordt, wekt bij mij geen haat meer op, maar wel medelijden. Hetzelfde geldt voor studenten op de Vrije Universiteit, die menen dat het met messen en zelfgemaakte bommen aanvallen van burgers een revolutionaire daad voorstelt. Je mag alleen maar hopen dat ze later nog een baantje als politicoloog of antropoloog op een universiteit kunnen krijgen, zodat ze hun hele verder leven de tijd hebben hun inktzwarte zonden te overdenken.

Gemeenteraadsvragen over Samidoun

De demonstratie van Samidoun Nederland op 10 juli 2022, op het Plein ’40-’45 te Amsterdam, ter gelegenheid van de eliminatie van Ghassan Kanafani, vijftig jaar geleden, roept vragen van gemeenteraadsleden van VVD, CDA en JA21 op. Eén van de vragen aan het stadsbestuur is: “Vindt het college het wenselijk iemand te herdenken die verdacht wordt van een terreuraanslag met 26 doden? “

Ik ben heel benieuwd wat het stadsbestuur hierop gaat antwoorden!

Samidoun demonstreert

De jongens en meisjes van de Samidoun demonstreren, op zondag 10 juli 2022, gewoon open en bloot in Amsterdam-West, alsof er niets aan de hand is! Naar eigen zeggen wordt de locatie, op Plein ’40-’45, uitgekozen, omdat “de hele buurt Palestina steunt”. Alsof de Amsterdammers geen andere zorgen aan hun hoofd hebben!

Aankondiging demonstratie op 10 juli 2022

Op het gevaar af nu reclame voor een PFLP-mantelorganisatie te gaan maken, wil ik enkele kanttekeningen bij de festiviteiten rondom de dood van PFLP-woordvoerder Kanafani, vijftig jaar geleden zetten.

Visitekaartje
Op 8 juli 1972 zou Ghassan Kanafani door “een autobom van de Mossad” zijn omgebracht. Zoals bekend, laat de Israëlische geheime dienst geen visitekaartjes achter, na een eliminatie. Daarom weten we tot op de dag van vandaag niet wie of welke organisatie deze liquidatie heeft uitgevoerd. Het krankzinnige van dit geval is echter, dat er nu wél op de plaats delict een visitekaartje werd gevonden, namelijk van de Ambassade van Israël in Denemarken. ( Limburgsch dagblad;10-07-1972). Dat zou er op kunnen wijzen, dat Ghassan Kanafani het slachtoffer van een te vroeg ontplofte pakketbom is geworden. Als ik jullie er nog bij vertel, dat Anni Høver, de vrouw van Ghassan Kanafani de Deense nationaliteit bezit, wordt het nog verbazingwekkender.

PFLP
In de aankondiging voor de demonstratie staat niet, dat Ghassan Kanafani de woordvoerder van de Arabische terreurorganisatie PFLP was. Samidoun demonstreert ook nu weer ter ere van een PFLP kopstuk. Reden genoeg om Samidoun een PFLP mantelorganisatie te noemen. In Duitsland wordt deze organisatie dan ook beperkingen opgelegd. De voorzitter van Samidoun, Charlotte Kates, is vanwege deze beperkingen met haar man naar Vancouver verhuisd, waar dit soort uitingen nog wel zijn toegestaan.

Vliegveld Ben Goerion
De reden voor de liquidatie van Ghasan Kanafani zou de aanslag op het vliegveld Ben Goerion kort daarvoor op 30 mei 1972 kunnen zijn, waarbij 26 doden en 80 gewonden te betreuren waren. De daders behoorden tot het Japanse Rode Leger en de PFLP. De organisatoren van de demonstratie op 10 juli noemen deze aanslag niet.

Beiaardier
De organisatoren van de demonstratie behoren tot een heel klein sektarisch groepje studenten op de VU campus Uilenstede. Thomas Gerhard Hofland, bestuurslid van Samidoun Internationaal, met de schuilnaam Tom de Koning, is al 30 jaar en studeert nu al acht jaar politicologie. Over zijn kompaan Jacob Bodden is echter niet veel bekend, behalve dat hij , geboren in Amersfoort, reeds op twaalf jarige leeftijd een begenadigd beiaardier was. Zijn oom is de carillonspeler van Amsterdam en dat zou verder niet interessant zijn, ware het niet dat de oom een fervent aanhanger van de Palestijnse zaak is. De twee vrienden maakten vorig jaar nog een rondreis door Libanon en bezochten daar het graf van de door hen aanbeden Ghassan Kanafani.

Thomas Gerhard Hofland en Jacob Bodden bij het graf van Ghassan Kanafani




Oproep tot ondersteuning

Michael Jacobs tegen het Openbaar Ministerie
in een Artikel 12 SV klachtprocedure
wegens het niet vervolgen van Thomas Hofland (Samidoun)

Op Donderdag 23 Juni om 11:05

IJdok 20
1013MM Amsterdam

In deze artikel 12 procedure probeert Michael het Openbaar Ministerie te dwingen Thomas Hofland te vervolgen, wegens aanzetten tot geweld tegen Joden.

Achtergrond
Op  zondag 6 juni 2021, vond er op de Dam te Amsterdam een anti-Israëlische demonstratie plaats. Tijdens de demonstratie werden vaandels van de PLO meegedragen en op één van de vaandels was zelfs het jihad-symbool met de islamitische geloofsbelijdenis afgebeeld.

Michael schrijft daarover in zijn aangifte:
“Ik zag en hoorde hoe de misschien wel honderden deelnemers hun dreigende leuzen riepen, terwijl een aantal van hen een grote lap stof van ca. 20 x 5 meter, in de kleuren van het PLO-vaandel, vasthielden. Deze ‘vlag’ wed meegebracht door Amin Abou Rashed, fondsenwerver voor Hamas en één van de organisatoren van de manifestatie. De PLO is een terreurbeweging die door het ondertekenen van de zogenaamde Oslo-Akkoorden in 1993 officieel het geweld heeft afgezworen, maar die nog altijd actief terreurdaden pleegt en dee financiert, en die het geweld tegen Joden en de staat Israël in de Arabisch-talige media en in het eigen onderwijs propageert en verheerlijkt. Wie met het vaandel van de PLO zwaait, roept dus op tot volkerenmoord jegens de Joden.”

Het antwoord
Het openbaar ministerie antwoord op 16 januari 2022, dat er geen strafvervolging tegen Thomas Hofland of een andere organisator van de anti-Israel-demonstratie ingesteld zal worden. De uitspraak van Thomas Hofland waarin hij zegt: “Wij zullen niet rusten totdat Palestina vrij is, van de rivier tot de zee”, is volgens de Officier van Justitie niet strafbaar. De oproepen tegen de staat Israël zijn namelijk niet gericht tegen een bevolkingsgroep wegens ras, geaardheid of afkomst. De bedreiging tegen Joden, die Michael Jacobs in deze oproepen herkend, zijn niet specifiek genoeg om tot strafvervolging over te gaan.

Artikel 12 SV beklagprocedure
Michael komt aanstaande donderdag 23 juni, om 11:05 voor de rechter om zijn klaagschrift te onderbouwen, in de hoop dat Thomas Hofland alsnog door het Openbaar Ministerie aangeklaagd wordt.

Steun
Michael Jacobs financiert deze Artikel 12 procedure helemaal zelf.
Elke steun van sympatisanten en pro-Israël-activisten, op financieel vlak of anderszins, is welkom. Je kunt daarvoor een DM of email sturen (michael.jacobs@online.nl)  

Inge Viett gestorven

Inge Viett was in de jaren zeventig lid van de terreurgroep “Bewegung Zweiter Juni” en later de RAF (Rote Armee Fraktion) . Toen leden van het Palestina Komitee in Jemen een opleiding tot terrorist volgden, was zij in de buurt. In de jaren tachtig dook ze in de DDR onder en leefde onder een valse naam. Na de val van de muur werd ze veroordeeld. Ze bleef haar idealen tot haar dood trouw en toonde geen berouw voor de vele slachtoffers van de Duitse terreur.

Inge Viett, na haar vrijlating, met leden van Die Linke

Inge Viett woonde kort na de Tweede wereldoorlog, samen met de moeder en een zusje, in een hut met slechts drie wanden, in de deelstaat Sleeswijk Holstein. Nadat ze door jeugdzorg was meegenomen, werd ze door een pleegmoeder in de rookkamer (waar het vlees werd gerookt) vastgehouden. In die periode werd ze mishandeld en door een plaatselijke boer verkracht. Tijdens haar schooltijd werd ze door een vrouwelijke voogd tot sex gedwongen. Een zelfmoordpoging mislukte.

Na het bereiken van de volwassenheid, werkte ze als dienstmeisje, barmeisje, stripteasedanseres en reisleidster. Ondanks haar moeilijke jeugd, was ze in staat voor zichzelf te zorgen, een auto te kopen en een bescheiden bestaan op te bouwen. Het burgerlijke leven kon haar echter niet bekoren.

Haar houding verandert als ze in 1968 naar West-Berlijn gaat en daar een in een vrouwenwoongroep gaat wonen. Haar lesbische geaardheid komt hier geheel tot bloei. Samen met de terroriste Verena Becker, die acht jaar jonger is, vormt ze een liefdevol stel. Ze willen protesteren tegen de onderdrukking van vrouwen en in het bijzonder instellingen aanvallen waarin deze houding tot uiting komt. Later heeft Inge Viett in een trainingskamp in Jemen een relatie met een man.

Ze steken bruidskledingwinkels en sekswinkels in brand met molotovcocktails. “We sluipen in het donker door de stad”, schrijft ze later in haar memoires, “en beplakken het met mysterieuze stickers: ‘The Black Bride komt eraan’. ’s Ochtends worden de etalages van de bruids- en pornowinkels verwoest. De burgers schudden hun hoofd. Zulke mooie trouwjurken! We bestormen de ‘beauty contests’ in de warenhuizen. […] We houden revolutionaire toespraken over seksuele uitbuiting en devaluatie van vrouwen en zijn weer vertrokken voordat de politie arriveert.”

Politie poster over Inge Viett

Daarna wordt ze, samen met Becker toegelaten tot de “Beweging van 2 Juni” via “Bommi” Baumann. Dit is het begin. Zoals bekend, is de eerste actie van de Bewegung Zweiter Juni tegen een Berlijnse synagoge gericht.

Wat volgt is betrokkenheid bij een amateuristische bomaanslag die leidt tot de tragische dood van een botenbouwer, een bankoverval, een wapenhandel en herhaalde pogingen om bomaanslagen uit te voeren. Ze zit gevangen en toont grote vaardigheid in het keer op keer loskomen. Inge Viett ontwikkelt zich tot een bepalende figuur van de “Bewegung Zweiter Juni”, die in de jaren zeventig concurreert met de RAF.

Na deel te hebben genomen aan de ontvoering van CDU-politicus Peter Lorenz, in 1975, pendelt ze heen en weer tussen West-Berlijn en het Midden-Oosten, waar ze militaire training krijgt van de Palestijnen. Soms verschijnt ze met de PFLP in Bagdad, soms met de Palmers-ontvoering in Wenen, dan in Bulgarije, in Praag en in Aden in het zuiden van Jemen.

Maar terwijl de “Bewegung Zweiter Juni”, die bijzonder nauw verbonden is met de subcultuur, wordt ontbonden in 1980, sluiten sommigen zoals Viett zich aan bij de RAF om hun strijd voort te zetten. Deze stap wordt begrepen en bekritiseerd door andere leden van de “Beweging 2 Juni”, van wie de meesten gevangen zitten, omdat ze hun strijd hebben opgegeven.

met Christian Ströbele (Bündnis 90 / Die Grünen)

Op dat moment bepaalt Viett het verdere leven van haar mede-terroristen, die in Parijs ondergedoken zitten. Omdat sommigen weg willen bij de RAF, herinnert ze zich de contacten die ze in 1978 had gelegd met Stasi-majoor Harry Dahl, hoofd van afdeling XXII voor terrorismebestrijding. Men is het erover eens dat drop-outs van de RAF in de DDR onder valse identiteiten kunnen leven. Acht RAF-leden reizen via Praag naar de DDR om daar onder bescherming van de Stasi een nieuw, niet-politiek bestaan ​​op te bouwen.

In augustus 1981 wordt Viett aangehouden door de politie in Parijs. Omdat ze op haar Suzuki rijdt zonder helm. Ze probeert te ontsnappen. Ze schiet de nietsvermoedende achtervolger, een verkeersagent, van korte afstand neer. Het resultaat is een dwarslaesie die zijn leven verwoest. Hij sterft in 2000 op 54-jarige leeftijd zonder enig teken van medelijden of spijt van Viett.

Viett weet weer te ontsnappen. Maar ze is zo ontmoedigd dat ook zij een uitweg zoekt uit de desolate situatie van de RAF. En zo komt het dat ze nu zelf uitstapt en in een “Forsthaus an der Spree” belandt in de buurt van Briesen (DDR) .

Destijds was “Object 74” een Stasi-filiaal waar Viett werd voorbereid op zijn nieuwe bestaan. Het doel was uiteindelijk om te voorkomen dat de DDR-bevolking het idee zou krijgen dat de SED onder één hoedje speelde met de RAF.

Maar dit gevaar is niet vergezocht. Als Viett in Dresden een opleiding tot reprofotograaf volgt, onder de alias “Eva-Maria Sommer”, realiseert één van haar collega’s zich, dat Viett op een ‘gezocht poster’ in de Bondsrepubliek staat. Nu gaat het alarm af.

Viett moet haar identiteit weer veranderen en organiseert nu kindervakantiekampen in Magdeburg als “Eva Schnell”. Zoals het een dictatuur betaamt, wordt ze de klok rond gevolgd door de geheime dienst, net als alle andere RAF-terroristen. Door hun woonruimte af te luisteren en telefoontjes af te tappen.

Pas als de DDR na de val van de Muur op 9 november 1989 niet meer te redden is, realiseren de ex-terroristen die onderdak hebben gevonden onder het staatssocialisme zich, dat er onder deze omstandigheden geen toekomst voor hen zou zijn. In juni 1990 – er waren nog vier maanden tot de Duitse eenwording – worden de ondergedoken RAF-leden de één na de ander gearresteerd, uitgeleverd en berecht.

In 1992 wordt Viett door de Hogere Regionale Rechtbank van Koblenz veroordeeld tot dertien jaar gevangenisstraf voor de schoten op de politieagent in Parijs, waarvan ze zeven jaar uitzit.

Wat haar zaak onderscheidt van vele anderen, zijn twee met elkaar samenhangende motieven. Enerzijds blijft ze het RAF-terrorisme bij een groot aantal verschillende gelegenheden fanatiek verdedigen, als een guerrillastrijd gericht tegen het imperialisme en het kapitalisme. En aan de andere kant steunt ze de DDR, die op het punt stond in te storten. De ideologie van het marxistisch-leninisme, zoals door PFLP en RAF beleden, vormt in haar leven een eenheid met het revolutionair handelen. In juni 1990 schrijft Inge Viett, dat de jaren van antifascisme, solidariteit, vriendschap tussen naties en solidariteit, de belangrijkste jaren van haar leven waren.

Tragisch, dat de strijd om een uitweg uit de doffe ellende van haar jeugd te vinden, een uitweg in de gewapende strijd en de DDR-dictatuur vond. Ze stierf op 9 mei op 78-jarige leeftijd.